Marktaandeel Kempen & Co in Nederlandse effectenhandel fors gedaald; Deutsche Bank voorbij Rabo op beurs

AMSTERDAM, 18 FEBR. Het marktaandeel op de Amsterdamse effectenbeurs van de Amsterdamse dochter van de Deutsche Bank, H. Albert de Bary & Co, is gestegen van 4,7 procent in 1991 naar 7,9 procent in 1992. Daarmee is De Bary na ABN Amro (32,3 procent) en ING Bank (14,55) de derde partij in grootte op de beurs.

Dit blijkt uit de lijst met marktaandelen van beursleden (banken en commissionairs) die de Amsterdamse Effectenbeurs gisteren heeft gepubliceerd. De Rabobank is van de derde naar de vierde plaats gezakt en staat met een marktaandeel van 7,56 procent (1991: 8 procent) net onder De Bary. De beurs heeft de cijfers bekend gemaakt omdat institutionele beleggers (pensioenfondsen en verzekeraars) daar behoefte aan hadden.

ABN Amro (inclusief dochters Pierson, Heldring & Pierson, Bank Mees & Hope, Theodoor Gilissen en Wesselius), ING Bank en Rabobank (inclusief Schretlen) hebben samen ruim vijftig procent van de markt in handen. Het marktaandeel van de drie grootbanken is al enige jaren constant.

Het marktaandeel van de 43 effectenhuizen met een marktaandeel dat kleiner is dan 1 procent kalft daarentegen steeds verder af. Afgelopen jaar is het gedaald van 9,23 procent naar 7,86 procent. In 1989 hadden deze kleine effectenhuizen nog een marktaandeel van bijna 19 procent. De middelgrote effectenhuizen zijn de laatste jaren gegroeid ten koste van de kleine huizen.

Het is de eerste keer dat de beurs een splitsing maakt in de omzet in obligaties en in aandelen. Uit deze splitsing blijkt dat De Bary vooral een belangrijke rol speelt op de obligatiemarkt met een marktaandeel van ruim 10 procent. Op de aandelenmarkt heeft De Bary een aandeel van 2,2 procent.

De Bary is niet de enige buitenlandse bankdochter die het marktaandeel zag stijgen. Ook het aandeel van Barclays de Zoete Wedd en Swiss Bank ging omhoog. De buitenlandse huizen winnen terrein omdat buitenlandse institutionele beleggers steeds actiever in Nederlandse effecten handelen.

De grootste verliezer op het Damrak is het Nederlandse effectenhuis Kempen & Co dat van 4,53 naar 1,53 procent ging en daarmee van de vijfde naar de zeventiende plaats zakte. Andere verliezers waren Strating Effecten (een dochter van de Nationale Investeringsbank) en Pierson. Nederlandse huizen die veel particuliere beleggers als klant hebben, raken marktaandeel kwijt omdat vooral deze beleggers zich de laatste tijd passief opstellen.

De cijfers zijn berekend op basis van de effectieve omzet van de beursleden die bekend is bij de effectenclearing. Daar zijn ook de grote transacties bij opgeteld die niet via de hoeklieden, maar via AIM (Amsterdam Interprofessional Market) werden gedaan.