Mariet Gommans: mijn kleren doen aan zelfverdediging

Uitbundig, barok, op het overdadige af, zijn de kleren van Mariet Gommans. Als laatste in de rij van dertig toch al niet alledaagse mode-ontwerpers die onlangs op de Moda Mas-show hun werk presenteerden, zorgde Gommans voor een slotstuk waar de spetters van afvlogen. Mannen in jurken en strijdbare vrouwen in pakjes die tegelijkertijd lief en agressief zijn. “Ik maak kleren voor vrouwen die niet over zich heen laten lopen.” En dat is nog zacht uitgedrukt.

Kleding van Mariet Gommans is te koop via nummer 043-670598

De collectie waarmee de Maastrichtse ontwerpster Mariet Gommans (29) zich onlangs presenteerde op de Moda Mas in Amsterdam ziet er op het eerste gezicht kinderlijk vrolijk uit. De meeste kleren zijn wit, met omslagen van Schotse ruitstof. Er is een kort wijd jurkje bij, in Amsterdam geshowd door een man, maar verder is het strak en vrouwelijk, met overdadige versieringen in de vorm van bretels, jarretels en "objets trouvés'.

Hoewel, vrolijk. Bij nadere kennismaking met de kleren en hun maakster is dat misschien toch niet het juiste woord. Want op de heupen van dat model in cowboypak blijken een spuitbus met traangas en een aardappelschilmesje te bungelen. En haar fluwelen bustehouder/stropdas loopt uit in een scherpe punt die naar het kruis wijst en waarop de tekst "spearhead' is aangebracht. Het kraagje van het kledingstuk blijkt bij nadere beschouwing een hondeband te zijn en nu valt opeens ook een zware leren band op, over het kruis van een "vrolijk' minibroekje van stretchstof. De hoge rode laarzen die daaronder gedragen worden hebben vervaarlijke stilettohakken en de witte plateauschoenen die bij het "voetbalpakje' horen mogen dan een lief strikje voorop hebben, ze zijn volgens de ontwerpster vooral nuttig, omdat je er hard mee kunt schoppen als het nodig is. Mariet Gommans werkt en woont in een piepklein Maastrichts studentenflatje dat zo volgepropt is met kleren en rommelmarktspul dat je je er nauwelijks kunt bewegen. Naast haar eigen werk is er weinig dat haar bezighoudt. In haar vak bewondert ze Pam Hogg, Vivien Westwood en Gaultier. Verder noemt ze zichzelf "niet zo goed op de hoogte'. In mei vorig jaar studeerde ze na acht jaar mode-onderwijs af aan de kunstacademie in Maastricht.

Gommans maakt haar vrouwen op de catwalk niet voor niets zo strijdvaardig. Elk ontwerp dat ze maakt is een afrekening met een gebeurtenis in haar leven. De kruisbanden over de korte broeken verwijzen naar “die keer dat ik door een jongen op straat tussen mijn benen werd gestompt. Later vertelde iemand me dat ik toch wel een erg korte rok had gedragen. Mijn reactie was: Ik maak mijn rokjes nog korter, en ik leg juist de nadruk op het kruis”. Gommans vindt haar ontwerpen niet agressief overkomen: “Mijn kleren doen aan zelfverdediging. Ik denk dat ik er vrouwen mee aanspreek die niet over zich heen laten lopen. Ik maak kleren voor mensen die zichzelf respecteren, net zoals ik zelf doe.”

Voor Mariet Gommans is dit een opvallend zonnige uitspraak. Een jaar of twee geleden raakte ze, na een mislukte relatie, volkomen in zichzelf gekeerd. Haar ontwerpen uit die periode zijn op zijn zachtst gezegd somber. Zo laat ze een aantal huidkleurige jassen zien met gapende wonden in het rugpand waar bloederige ingewanden uithangen. “Ik voelde me een levende dode in die tijd. Alle gevoel van eigenwaarde had ik verloren.”

Ze hervond zichzelf weer enigszins tijdens een stage in Londen bij Pam Hogg, die naast Galliano en Vivien Westwood tot de meest succesvolle Britse ontwerpers gerekend wordt. Behalve haar punkachtergrond, deelde Mariet Gommans met de Schotse Pam Hogg ook het gevoel een provinciaaltje in de modewereld te zijn. “Pam is een zeer bewonderenswaardig mens. Ik weet dat zij veel ellende heeft meegemaakt in haar leven, maar ze is strijdvaardig. "The warrior queen' noemen ze haar wel eens.” Naar aanleiding van die stage maakte Mariet Gommans een fluwelen pak bestikt met spijkers en scherpe stukken blik. Met de bijbehorende soldatenkistjes schopte ze vervolgens bijna letterlijk haar vriend de deur uit, waarna de weg terug kon beginnen. “Ik vond op een goed moment een vrolijk jurkje van dansmariekes. Daar heb ik mijn laatste collectie op gebaseerd. Nu ben ik bezig om alles hier eens flink op te ruimen en mijn patronen te rangschikken. Ik vind dat ik eindelijk eens moet zorgen dat mijn kleren ook echt gedragen gaan worden. Ik wil meer in het leven dan spelen met stofjes.”