Linkshandigen leven misschien even lang als rechtshandigen

Nieuwe hoop voor linkshandigen: misschien leven ze toch even lang als hun rechtshandige medemensen. Drie jaar geleden baarde de psycholoog Stanley Coren (Univ. of British Columbia) veel opzien met zijn theorie dat linkshandigheid het gevolg is van kleine aangeboren defecten en dat die defecten er weer toe leiden dat linkshandigen zo'n negen jaar korter leven.

M. Salive, J. Guralnik en R. Glynn, onderzoekers van het National Institute of Aging en de Harvard Universiteit (Boston) keken nog eens kritisch naar de cijfers en kwamen tot andere conclusies. Volgens hen zijn er geen essentiële verschillen in levensverwachting tussen links- en rechtshandigen. Ze publiceerden hun bevindingen vorige week in het American Journal of Public Health (febr. 1993, Vol. 83, nr. 2 pp. 265-267).

Salive e.a. stellen net als Coren vast dat onder ouderen de linkshandigen zwaar ondervertegenwoordigd zijn: 10% van de jonge volwassenen is links, maar in de oudste leeftijdsgroepen is dat tot vrijwel nul gereduceerd. Coren voert een hoger sterftecijfer van linkshandigen als verklaring aan, maar Salive e.a. concluderen dat daar onvoldoende bewijs voor is.

De onderzoekers van Harvard brengen twee argumenten in de strijd. Het eerste is van theoretische aard. Op cijfers uit de Amerikaanse bevolkingsstatistiek werd een simulatie losgelaten waarin aan links- en rechtshandigen gelijke sterftekansen werden toegekend. Het resultaat was dat de linkshandigen in de hogere leeftijdsgroepen nog steeds gestaag afnamen. De onderzoekers concluderen dat die afname dus niet aan een hogere sterftekans kan liggen, maar aan iets anders.

Het tweede argument bestaat uit de resultaten van een onderzoek waarin 3774 bejaarden uit Boston zes jaar lang gevolgd werden. Salive en zijn collega's konden geen verband vinden tussen leeftijd en linkshandigheid. Het percentage linkshandigen bleef ongeveer op 7% staan (65 tot 74 jaar: 6,9%; 75 tot 84 jaar: 73%; 85 jaar en ouder: 7,3%).

De onderzoekers uit Harvard zijn in hun artikel terughoudend over de vraag waardoor het dan toch komt dat onder ouderen zoveel minder linkshandigen voorkomen. Ze opperen dat een afnemende dwang op linkshandigen om op rechts over te schakelen de oorzaak kan zijn. De oudste generaties hebben zich nog wel naar die dwang geschikt, de jongste generaties mogen gewoon links blijven schrijven. Coren heeft deze mogelijkheid in zijn vorig jaar gepubliceerde boek (The Left-Hander Syndrome, London: Murray) wel onder ogen gezien. Maar, zo schrijft hij, als afnemende sociale druk de oorzaak zou zijn, zou de trend naar toename van linkshandigheid ook in alle historische onderzoeken naar linkshandigheid zichtbaar moeten zijn. Het tegendeel is echter het geval: de 34 studies die sinds 1900 zijn verricht naar het aandeel van linkshandigen geven steeds weer hetzelfde percentage (ongeveer 10) te zien.