Het hart op de tong

Rauwe emoties hebben een zwachtellaagje nodig, anders zijn ze niet te harden.

Valentijndag is net weer achter de rug en van alle Amerikaanse tradities om een speciale relatie in het zonnetje te zetten (moederdag, vaderdag, grootouderdag, secretaressedag) is dit wel de meest meelijwekkende. Wat me erin tegenstaat is het proclamerende: eens per jaar moeten gevoelens van liefde bezegeld worden in niet mis te verstane bewoordingen, gevat in een beukende symboliek van bloedrode harten. Het maakt me wee alsof ik in een melige peer bijt. Er lopen rillingen over mijn rug, zoals ook altijd wanneer ik op de televisie (of erger nog, in het echt) twee mensen een telefoongesprek hoor beëindigen met “I love you”, terwijl het gesprek erover ging wie de kleren bij de stomerij zou ophalen.

Het is te onnozel en te simplistisch, alsof door zo'n demonstratieve actie het spook van de onzekerheid bezworen kan worden. Nu heb ik ook nooit veel sympathie kunnen opbrengen voor vrouwen die klagen dat hun mannen de uitspraak “ik hou van je, lieveling” maar niet over hun lippen kunnen krijgen. Figureren in een slechte B-film valt niet onder mijn smachtingen.

Zeggen waar het op staat, het hart op de tong en vooral ter zake komen, dat schijnt de geeigende wijze te zijn om de emotionele hygiëne op peil te houden. Misschien werkt die hang naar eenduidigheid bij het zaken doen of in de politiek, maar het gebied van menselijke relaties verwordt tot een woestijn met hier en daar een geformaliseerde oase. Het scherpst komt dat tot uiting in de wereld der niet meer zo jonge alleenstaanden. Behalve het gesticht of de gevangenis is er geen onaangenamer terrein denkbaar om in te moeten opereren dan de singles scene. In Amerika is hiervoor nu de term gene pool in zwang geraakt: als iemand gescheiden is en de rouwverwerking achter de rug heeft, staat ie weer klaar voor “a dip in the gene pool”. Het is een hartverscheurend exacte uitdrukking. Iemand die in de "gene pool' rondzwemt, is maar op een ding uit: zijn genen te laten clashen met die van iemand anders. Naakter kun je je niet opstellen.

Ik vraag aan een vriend of het nog wat was op de singles party die hij bezocht heeft tegen een toegangsprijs van twintig dollar, en hij zegt: “Niet slecht, ik heb zes gesprekken gevoerd en drie telefoonnummers gekregen.” Hij vindt dat een redelijke score na een avondje hard werken - ik ben verbijsterd. Hoe moet daar iets van terecht komen? Zelf is hij gematigd optimistisch. “Gewoon een gezellig avondje zonder ergernissen is al mooi genoeg”, zegt hij. En hij vervolgt met een van de nummers te bellen en mee uit te vragen, en nog eens te bellen en samen te eten, en nog eens te bellen en te eten en te praten, totdat hij het contact verbreekt, want “vrienden heeft hij eigenlijk genoeg en iets meer zat er niet in”.

In de "gene pool' bespiedt men elkaar via videocontactadvertenties, selecteert op formuleringen in geschreven reacties en weegt elkaar in onzingesprekjes op een dansavond. Hoe kan iets wat er zo dik bovenop ligt kans van slagen hebben? Een echte zen-adept ben ik niet, maar het idee dat je net naast je doel moet mikken, wil je in de roos schieten, sprak me altijd wel aan. Als je iemand voor je wil winnen, heb je een smoesje nodig. Je kunt niet iemand op z'n nek springen met een voorstel tot genenfusie, dat is al te gênant. Toch is dat het enige wat je uitdraagt, als je je begeeft op de singlesmarkt. Smoesjes vormen een stootkussen tegen afgang en gezichtsverlies. Zal ik je een lift geven, wil je me helpen met mijn huiswerk, mijn fietsband plakken, een lamp ophangen? Een dergelijk verzoek of aanbod is wat het is, maar het kan zich ook tot iets anders ontwikkelen. De ambiguïteit geeft ruimte om te manoeuvreren.

In de singles scene waar onbekenden zich met elkaar onderhouden, kun je niet eens met smoesjes werken, al zou je het willen. Als je een advocaat tegenkomt en hem om advies vraagt, zal hij eerst zijn tarievenlijst overhandigen. Iedereen is om te beginnen selfsupporting en zorgt voor eigen vervoer. Elk initiatief is beladen omdat het een initiatief is en niet zomaar een aardig gebaar.

De kilheid van het verblijf in de "gene pool' wordt slechts geëvenaard door de onnozelheid waarmee je de eenmaal gevonden liefde keer op keer ritueel moet bekrachtigen. Ter zake zijn en blijven, anders mag je weer opnieuw beginnen.