Tweede Kamer stemt in met fiscaal voordeel kamerverhuurders

DEN HAAG, 17 FEBR. Kamerverhuurders die met het verhuren van kamers per jaar niet meer dan 5.000 gulden verdienen, hoeven over dat bedrag geen belasting te betalen. Kamerhuurders krijgen pas huurbescherming na negen maanden.

Een meerderheid van de Tweede Kamer ging gisteren op hoofdlijnen akkoord met deze twee wetsvoorstellen die ervoor moeten zorgen dat het verhuren van een kamer aantrekkelijker wordt. Het beperken van de huurbescherming biedt verhuurders de mogelijkheid huurders zonder al te veel problemen uit hun kamer te zetten. De wetten worden waarschijnlijk van kracht per 1 januari 1994, al is een eerdere invoering niet uitgesloten.

In het oorspronkelijke kabinetsvoorstel zouden huurders pas huurbescherming krijgen na een jaar, maar een Kamermeerderheid vindt dat te lang. De regeringsfracties van CDA en PvdA dienden een wijzigingsvoorstel in om te voorkomen dat de kans op oneigenlijk gebruik te groot wordt. M. van der Burg (PvdA): “Bij een periode van een jaar ontstaat het risico dat er na elk jaar een nieuw huurcontract wordt aangegaan, om zodoende steeds te kunnen profiteren van de beschermingsvrijheid.” Juist bij een periode van een jaar is dat risico groot, omdat die periode vaak aansluit op de piekperiode augustus/september. H. Koetje (CDA): “De verhuurder heeft dan de luxe van "het voor jou tien anderen'.”

Een voorstel van de PvdA om de vrijstelling te veranderen in een forfait van 3.000 gulden vond geen genade bij de meerderheid van de Kamer.

D66 wil dat er meer actie wordt ondernomen tegen verhuurders die hun inkomsten niet opgeven aan de fiscus. Daarbij zou gebruik gemaakt moeten worden van de bevolkingsadministratie. CDA-woordvoerder A.W. Paulis suggereerde een koppeling van de bestanden van de bevolkingsadministratie en de studiefinanciering, zodat van uitwonende studenten kan worden nagegaan op welk adres ze wonen.