Slowaakse minister over Hongaarse minderheid: "Problemen kunstmatig gecreëerd'

U bent niet naar Brussel gegaan: premier Meciar heeft u ontslag aangezegd en gaat volgende week zelf naar Brussel. Bent u niet bang dat de afgelasting van uw reis een slechte indruk maakt?

“Een parallelle buitenlandse politiek, onafhankelijk van die van het ministerie van buitenlandse zaken, kan natuurlijk nooit een goede indruk maken. Dit zal worden gezien als een conflict tussen het ministerie en de regering en zoiets kan geen goede invloed hebben op de verhoudingen tussen Slowakije en andere landen. Ik ben bang dat het zelfs invloed zal hebben op de kapitaalstroom naar ons land.”

Wat gebeurt er als de nieuwe president u ontslaat?

“Dan ben ik ontslagen. (Lacht) Ik denk dat het zeer onverstandig zou zijn van de nieuwe president, als hij geen goede argumenten heeft. De beschuldiging dat dit ministerie de zwakste schakel in de regering is wijs ik af. Ik heb de buitenlandcommissie van het parlement uitgenodigd om de activiteiten door te lichten sinds ik minister ben, zodat het parlement kan uitmaken of dit ministerie goed of slecht functioneert.”

Het argument dat het ministerie niet goed zou functioneren wordt door menigeen in Bratislava met kracht tegengesproken. Toch is het basisprogramma voor de buitenlandse politiek op weerstand gestuit. Hoe komt dat?

“Er waren niet zozeer aanmerkingen op het concept, alleen op het feit dat bepaalde ministeries niet goed waren geïnformeerd. Ik heb aanvullingen aangebracht en een seminar gehouden voor vertegenwoordigers van alle oppositiepartijen en ik heb ook verschillende instellingen, zoals kerken, universiteiten, de media, op de hoogte gesteld van mijn beleid. Want ik wil dat dit concept niet alleen wordt ondersteund door de regering, maar ook door een brede basis in de samenleving.”

In het buitenland bestaat de indruk dat er twee stromingen zijn in de buitenlandse politiek van Slowakije: de ene gericht op West-Europa, de andere op het Oosten.

“Slowakije wil geïntegreerd worden in de veiligheids- en economische lichamen van de democratische landen van West-Europa. Als we op deze manier worden gezien wil ik natuurlijk ook een goede economische samenwerking met de oostelijke landen en samenwerken met krachten die voor een pluralistische ontwikkeling daar ijveren.”

Toch zien velen Slowakije alweer in de oude communistische invloedssfeer belanden.

“Die geluiden kan men inderdaad horen, maar we zullen al het mogelijke doen om aan te tonen dat ze onjuist zijn.”

Hoe ziet u de verhouding met Praag?

“Praag is onze belangrijkste partner, we zijn zelfs verplicht in bepaalde opzichten onze buitenlandse politiek te coördineren met de Tsjechische omdat we erfgenamen zijn van de federatie en we samen vertegenwoordigd zijn in bepaalde organen. Het is onvermijdelijk in verband met het associatieverdrag met de EG, we hebben ook onze toetreding tot de VN en de CVSE gecoördineerd.”

Lijden de bilaterale betrekkingen met Hongarije onder de positie van de Hongaarse minderheid in Slowakije?

“Bepaalde problemen worden kunstmatig gecreëerd, maar we hopen dat alles in goede banen zal worden geleid. Dat geldt ook voor de minderhedenpolitiek. Er worden zeer onnauwkeurige argumenten gebruikt in de discussie over de minderheden en daarom bereiden we een project voor met medewerking van de Raad van Europa: een vergelijkende studie over minderheden in Roemenië, Slowakije, Polen, maar ook in Hongarije, zodat men de Slowaakse politiek kan bekijken in de context van die van de omringende landen. We willen voorkomen dat er onnauwkeurige argumenten gebruikt worden. Ik zal blij zijn als deze mythen van de onderdrukking van de Hongaarse minderheid kunnen worden doorgeprikt. Slowakije is het enige land waar de Hongaarse minderheid in aantal toeneemt. Na de Eerste Wereldoorlog bleven in Slowakije 400.000 Hongaren achter, in Hongarije een even groot aantal Slowaken. Nu zijn er 560.000 Hongaren in Slowakije, maar in Hongarije niet meer dan 9.000 Slowaken. Uit die aantallen blijkt duidelijk hoe de minderhedenpolitiek in de desbetreffende landen wordt gevoerd.”

Wanneer is Slowakije rijp voor het lidmaatschap van EG en NAVO?

“Het hangt niet van Slowakije af, maar van heel veel omstandigheden die nog onbekend zijn. Het gaat erom dat veel normen dichter bij elkaar komen. We willen graag veel doen in de samenwerkingsraad van de NAVO. Maar ik zou niet durven voorspellen wanneer we lid kunnen worden. Het hangt er sterk van af of de EG het belang ervan inziet dat wij er lid van worden en die interesse zou zich moeten uiten in reële samenwerking, in investeringen. De hoogte van die investeringen bepaalt ook de termijn waarop we kunnen toetreden.”

Bent u teleurgesteld over de Westerse investeringen in Slowakije?

“Teleurgesteld is een te groot woord, maar ik zou wel graag zien dat de interesse iets groter wordt. Natuurlijk moeten wij daarvoor ook de nodige omstandigheden scheppen, vooral op het gebied van het bankwezen en het invullen van mazen in de wetgeving. Ik zal er alles aan doen deze argwaan zo snel mogelijk weg te werken en een belasting- en banksysteem te ontwikkelen dat aansluit op dat in Westerse landen.”

U heeft er altijd op gehamerd dat het imago van Slowakije moet worden verbeterd. Daar wordt echter de indruk steeds sterker dat er aan de samenleving in Slowakije nogal wat autoritaire trekken kleven.

“Het imago van Slowakije is een afspiegeling van de politieke realiteit, onder andere. Daarom vind ik dat binnenlandse conflicten niet op een autoritaire en machtspolitieke manier moeten worden opgelost. Ik probeer tegen dat soort oplossingen op te treden omdat ik me realiseer dat dit onze belangen in het buitenland zwaar kan schaden.”