Overproduktie olie dreigt binnen Opec

WENEN, 17 FEBR. Ondanks de lage olieprijs van de laatste maanden blijven de belangrijkste lidstaten van Opec, de Organisatie van olie exporterende landen, doorgaan met een forse uitbreiding van hun produktiecapaciteit.

Uit commentaren van verschillende Opec-ministers bleek gisteren dat de behoefte aan meer petrodollars een race tussen de olielanden om een groter aandeel in de afzetmarkt veroorzaakt. Gisteravond maakte Opec bij monde van secretaris-generaal dr. A Subroto de details bekend van de nieuwe overeenkomst om de produktie van de twaalf lidstaten per 1 maart met 1,5 miljoen vaten olie per dag terug te schroeven.

Opec verwacht van die beperking een “aanzienlijke invloed op de markt”, zei Subroto. Hij waagde zich echter niet aan een voorspelling over een mogelijke prijsstijging. De afgelopen dagen bewoog de prijs voor een vat Noordzee-olie op de termijnmarkt in Londen zich rondom de 18 dollar. Voor het gemiddelde van zeven Opec-oliesoorten werd ruim een dollar minder betaald, terwijl de richtprijs van Opec nog altijd 21 dollar per vat is. Vanochtend was de openingsnotering voor Noordzee-olie op de termijnmarkt in Londen 18 dollar.

Het nieuwe Opec-produktieplafond van 23.582 vaten olie per dag, dat gedurende het hele tweede kwartaal van dit jaar zal gelden, komt overeen met de vraag naar Opec-olie in die periode. Maar volgens de Iraakse delegatie, die zich als enige distantieerde van het akkoord van gisteren, is de beperking onvoldoende om de richtprijs te halen. Opec houdt geen rekening met de grote olievoorraden van het moment, en het feit dat de voorraden in het voorjaar altijd worden verminderd, aldus Irak.

Koeweit heeft zich na vier dagen vergaderen uiteindelijk neergelegd bij een beperking van zijn produktie tot 1,6 miljoen vaten per dag, maar het emiraat exporteerde al veel meer olie dan in november nog was overeengekomen. De andere Opec-landen leverden allemaal ruim 4 procent van hun produktie in, maar de vier grootste producenten - Saoedi-Arabië, Iran, de Verenigde Arabische Emiraten en Venezuela - brachten een iets groter offer om Koeweit iets meer ruimte te geven voor een verder herstel van zijn oorlogsschade.

Volgens dr. Subroto betekent dit geen precedent, want er zijn nu slechts “tijdelijke produktie-allocaties” voor de lidstaten vastgesteld. Maar de naleving van het akkoord zal door een nieuw controlesysteem worden bevorderd. Zodra Irak weer olie begint te exporteren zal Opec terugkeren naar het systeem van verplichte quota's (maximum-produktiehoeveelheden per lidstaat), zei Subroto.

Koeweit wil op de volgende vergadering al om een hoger quotum vragen, want het emiraat gaat door met uitbreiding van zijn produktiecapaciteit, om uiteindelijk 2,5 miljoen vaten per dag te bereiken. De Iraanse minister Aguazadeh nam daar geen genoegen mee. Hij kondigde aan dat ook andere lidstaten meer willen produceren zodra de markt daarom vraagt, en dus ook naar een hoger marktaandeel willen. Iran gaat per 1 maart terug naar 3,34 miljoen vaten per dag, maar breidt zijn capaciteit tegelijkertijd uit en kan per 1 april al 4,5 miljoen vaten per dag pompen. Ook Saoedi-Arabië, Irak, Venezuela, en Nigeria werken aan uitbreiding van hun capaciteit. Irak wil, zodra het embargo tegen dit land wordt opgeheven, beginnen met een export van 1 miljoen vaten per dag en voert de produktie daarna zo spoedig mogelijk op tot 3 miljoen vaten.