Lot van Milan Knazko lijkt al te zijn bezegeld

Het politieke lot van de Slowaakse minister van buitenlandse zaken, Milan Knazko, lijkt bezegeld.

Tien dagen geleden kreeg hij van de oppermachtige Slowaakse premier, Vladimr Meciar, te horen dat zijn ministerie “de zwakste schakel” is in de Slowaakse regering en dat hij maar beter ontslag kon nemen. Knazko antwoordde dat niet de premier, maar de Slowaakse president beslissingen neemt over het ontslag van ministers, en er was op dat moment nog geen president.

Maar sinds maandag is die er wel: de voorzitter van het opgeheven Tsjechoslowaakse federale parlement, Milan Kovac, een man die waarschijnlijk Knazko snel mogelijk de laan zal uitsturen.

Nadat Meciar Knazko zijn ontslag had aangezegd was de minister gedwongen een bezoek aan Brussel dat vorige week op het programma stond af te zeggen. In de loop van vorige week werd bekend dat de premier zelf volgende week naar de EG- en NAVO-hoofdstad zal gaan, ongetwijfeld vergezeld van zijn trouwe adviseur voor buitenlandse zaken, Roman Zelenay. Die laatste is ook de man die in Bratislava het meest wordt genoemd als opvolger van Knazko.

De hele zaak doet denken aan een klassiek koningsdrama waarin Knazko de rol speelt van de man die de koning heeft gemaakt, maar daarvoor uiteindelijk met ondankbaarheid wordt beloond. Hij heeft Meciar in 1991 gesteund bij diens ommezwaai van de revolutionaire partij VPN (Burgers tegen Geweld) naar de nationalistische HZDS (Beweging voor een Democratisch Slowakije). Knazko heeft sinds enkele maanden echter ingezien dat hij zich door de demagogie van Meciar heeft laten meesleuren en is zich steeds onafhankelijker van de premier gaan opstellen.

Knazko was, voordat hij tijdens de Fluwelen revolutie van 1989 in Bratislava in zekere zin de rol speelde die Havel in Praag had, een gevierd toneelspeler en filmacteur. In anti-fascistische films was hij de vertolker van de nazi-schurk. Maar vooralsnog denkt Knazko er niet over om terug te keren naar het toneel. “Het gat dat is ontstaan door mijn vertrek uit de toneelwereld is voldoende dichtgegooid met de verschrikkelijke en theatrale opvoeringen van bepaalde politici. Het theater heeft niet geleden onder mijn vertrek.”