Landbouwareaal

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid concludeert in het rapport "Grond voor Keuzen', dat in de nabije toekomst in Nederland de landbouw met honderdduizenden hectare ingekrompen moet worden (NRC Handelsblad, 11 februari), gezien de technische produktiemogelijkheden in heel Europa.

Hierbij wordt uitgegaan van opbrengststijgingen met een factor 3 à 4 op basis van het technisch haalbare in de grote landbouwgebieden van Zuid-Europa; daaruit resulteert dan een navenante areaaldaling. Merkwaardig is, dat een dergelijke berekening tweehonderd jaar geleden tot hetzelfde resultaat zou hebben geleid en sindsdien zijn areaal en produktiviteit juist in Noord-Europa sterk gestegen. Kennelijk zijn de buiten beschouwing gebleven sociaal-economische en infrastructurele factoren voor de feitelijke ontwikkeling vooralsnog veel belangrijker dan de potentiële opbrengsten.

Of wat technisch mogelijk is, ook moet, is ook hier echter de vraag. Een alternatief is de extensievere landbouw (met gebruik van minder biociden en kunstmest), waarvan de totale vervuiling wezenlijk geringer is dan bij de high tech landbouw van de WRR en waarbij de meeste boeren aan het werk kunnen blijven. De kosten voor natuur zijn voor de samenleving ook niet mis: voor het opkopen van 200.000 ha landbouwgrond zal minimaal 2 miljard gulden moeten worden neergeteld, terwijl jaarlijks minimaal 50 miljoen gulden voor het beheer nodig is en er geen financiële inkomsten tegenover staan. Afgezien van de werkloosheidsuitkeringen aan hen, die nu het landschap verzorgen zonder rechtstreekse betaling daarvoor.