Werkgeversorganisaties ruziën over samenwerking

DEN HAAG, 16 FEBR. Tussen de twee werkgeversorganisaties voor het midden- en kleinbedrijf, KNOV en NCOV, is een groot conflict uitgebroken. Het KNOV neemt het zijn confessionele zusterorganisatie buitengewoon kwalijk dat zij een samenwerkingsverband heeft gesloten met de christelijke werkgeversorganisatie voor het grootbedrijf, NCW.

Het KNOV ziet geen heil meer in verdergaande samenwerking met het NCOV. Het bureau Berenschot was in opdracht van beide organisaties bezig met een onderzoek hiernaar, maar volgens KNOV-voorzitter J. Kamminga is dat niet langer zinvol, nu het NCOV al voor het NCW heeft gekozen. Voorzitter J. ten Hoopen van het NCOV noemde deze reactie van KNOV-zijde vanochtend “teleurstellend”. Eerder sprong een mogelijke fusie tussen beide organisaties voor het midden- en kleinbedrijf af op weerstand bij het NCOV. Het KNOV telt bijna 100.000 leden en het NCOV 40.000.

Het KNOV vindt de situatie die nu is ontstaan “hoogst onaangenaam en onduidelijk” voor de tientallen regionale samenwerkingsverbanden van KNOV en NCOV. Volgens het KNOV zijn de verschillen tussen grote bedrijven enerzijds en het midden- en kleinbedrijf (MKB) anderzijds zo groot dat voor de laatste sector een zelfstandige organisatie “onontbeerlijk” is. “Zelfstandige ondernemers dienen zelfstandig buiten het grootbedrijf om hun standpunten te bepalen en besluiten te nemen”, aldus Kamminga. “Daar heeft het MKB het grootbedrijf niet voor nodig.”

Het NCOV verkreeg gisteren van zijn achterban, verenigd in de verbondsraad, het fiat voor de samenwerking met het NCW. Beide organisaties richten een gezamenlijk MKB-bureau op dat bij het NCOV in Rijswijk wordt gevestigd en onder dagelijkse leiding van de algemeen directeur van het NCOV komt te staan. NCOV en NCW stelden gistermiddag dat zij zo de dienstverlening aan hun leden kunnen verbeteren en dat de samenwerking “een versterking van hun christelijke identiteit” betekent. Voorzitter Ten Hoopen van het NCOV onderstreepte dat het NCOV een zelfstandige organisatie is en blijft; van een fusie is geen sprake.