Filosofisch getinte voorstelling van regisseur Guy Cassiers bij Belgische Kaaitheater; Vage scheidslijn tussen feiten en verzinsels

Voorstelling: Het liegen in ontbinding door Kaaitheater. Regie: Guy Cassiers; spel: Carly Wijs, Dirk Roofthooft. Gezien: 13/2 Toneelschuur Haarlem. Nog te zien: 18 t/m 20/2 (Rotterdam); 24/2 t/m 6/3 (Amsterdam).

Een groot projectiescherm is als een muur tussen het publiek en de speelvloer opgetrokken. Links en rechts van het doek zitten een man en een vrouw achter een verlichte lessenaar. Ze lezen om beurten van papier Cascando van Samuel Beckett. Hun stemmen zijn twee gestaag tikkende metronomen. De scène heeft iets van een hoorspel: luisteren is belangrijker dan kijken. Voor het scherm is weliswaar een diaprojector opgesteld, maar er verschijnen geen plaatjes. Iedereen kan zich zodoende een eigen beeld vormen van het verhaal dat hij hoort.

De toeschouwer als interpretator - het is de rode draad in de voorstelling Het liegen in ontbinding. Geïnspireerd door het essay The decay of lying, waarin Oscar Wilde de kunst niet als afspiegeling van de werkelijkheid beschouwt maar als voorbeeld voor de werkelijkheid, heeft regisseur Guy Cassiers voor het Belgische Kaaitheater vijf teksten bij elkaar gezocht die op een of andere manier de interpretatie van de werkelijkheid aan de orde stellen. Aan het publiek de taak om te bepalen wat de waarde is van alle visies die naast elkaar gezet worden.

Door zijn voorstelling op te hangen aan de vraag hoe waarheid en leugen van elkaar te onderscheiden zijn, heeft Cassiers een nogal theoretisch en abstract uitgangspunt gekozen dat eerder aanleiding lijkt te geven tot een exposé in een filosofisch tijdschrift dan tot een avond toneel. Van een theatrale uitbeelding met decors, verkleedpartijen en intens ingeleefde rollen is dan ook inderdaad geen sprake. De mise-en-scène is uitermate statisch. Afgezien van wat lampen en audiovisuele apparatuur staan Carly Wijs en Dirk Roofthooft in een vrijwel lege ruimte. Aanvankelijk acteren ze nauwelijks, maar met iedere nieuwe tekst blijken ze zich meer met hun personage te vereenzelvigen.

Zo is hun toon koel en afstandelijk als ze beginnen met Cascando, een tekst over een schrijver die met zichzelf discussieert over het verhaal waar hij aan bezig is. In het daarop volgende "Schipbreuk", een hoofdstuk uit Julian Barnes Een geschiedenis van de wereld in 10 1/2 hoofdstukken, zijn ze al meer betrokken bij wat ze vertellen. Ze geven een vermakelijk college kunstgeschiedenis over het schilderij "Het vlot van de Medusa" van Théodore Géricault; een kunstwerk dat meer blijkt te zeggen over de maker dan over de historische ramp in 1816 waarop het is gebaseerd.

De derde scène, het minitoneelstuk Intérieur van Maurice Maeterlinck, wordt gespeeld. Dirk Roofthooft en Carly Wijs zijn een oude man en een vrouw die een dood meisje in het water hebben gevonden en nu op het punt staan haar familie daarvan in kennis te stellen. Wat er is gebeurd blijft onduidelijk. Ook in het slotdeel van de voorstelling, als Roofthooft de psychiatrische patiënt Keefman uit Jan Arends' gelijknamige novelle portretteert en Wijs hem onderbreekt met een tekst van Barnes over een verwarde vrouw, is niet goed uit te maken waar de scheidslijn ligt tussen feiten en verzinsels.

Hoe verschillend de teksten ook zijn, steeds draait het daarin om figuren die geen vat kunnen krijgen op de werkelijkheid. Hoewel het gegeven van Het liegen in ontbinding op papier wat gekunsteld en hoogdravend aandoet, blijkt het in de praktijk toch een aardige voorstelling op te leveren. Van cruciaal belang is niet alleen dat Guy Cassiers een aantal levendige teksten bijeen heeft weten te sprokkelen, een grote rol speelt ook de vertolking van beide acteurs. Die is zorgvuldig, innemend en niet van humor gespeend.