Eerste Kamer heeft moeite met Schengen

DEN HAAG, 16 FEBR. De Eerste Kamer heeft grote moeite met de goedkeuring van het Verdrag van Schengen. Dit bleek vanochtend bij de behandeling in de senaat van dit grensverdrag.

Dit verdrag regelt de opheffing van de controles aan de binnengrenzen tussen inmiddels negen EG-landen: de Benelux, Frankrijk, Duitsland, Spanje, Portugal Italië en Griekenland. Naar wordt verwacht zal de Eerste Kamer echter ondanks alle bezwaren het verdrag goedkeuren.

Volgens CDA-senator Glasz impliceert het Verdrag van Schengen “een substantiële inperking van de soevereiniteit”. Hij diende een Kamerbreed ondersteunde motie in waarin de regering wordt gevraagd er bij de Schengenpartners op te blijven aandringen dat het Hof van Justitie van EG in Luxemburg de bevoegdheid krijgt de bepalingen van het verdrag te toetsen. Ook de Tweede Kamer, die het Verdrag van Schengen in juni vorig jaar goedkeurde, had bezwaren tegen het ontbreken van een bovennationale rechterlijk controle op besluiten die uit het verdrag voortvloeien. De regering zegde destijds toe een studiecommissie in te stellen die de kwestie zou onderzoeken.

De kritiek van de Tweede Kamer richtte zich verder op de geringe democratische controle op besluitvorming in Schengen-verband, op de mogelijke negatieve gevolgen voor het Nederlands asielbeleid en op de privacy-aspecten van het gezamenlijk opsporingsregister van de Schengen-staten (SIS). De Tweede Kamer heeft de gebrekkige parlementaire controle op besluiten in Schengen-verband enigszins gecorrigeerd door aanvaarding met algemene stemmen van een amendement van CDA en PvdA dat de Staten-Generaal een instemmingsrecht geeft op de ontwerp-besluiten van het Uitvoerend Comité, het dagelijks bestuur van Schengen.

In de senaat richten de bezwaren zich vanochtend tegen dezelfde principiële punten als in de Tweede Kamer. Glasz constateerde dat rond het door de Tweede Kamer bedongen instemmingsrecht nog veel onhelderheden bestaan. Hij had twijfels over de reikwijdte van dat instemmingsrecht en plaatste kanttekeningen bij de de manier waarop dat recht vorm moet krijgen.

PvdA-senator Tummers noemde “een aanvaard Schengen de toets van onze civilisatie”. Volgens hem stelt het verdrag de menselijke omgang met vluchtelingen op de proef, “zonder dat het verdrag en de uitvoeringsovereenkomst daar op gericht waren”.