Ballet van Vlaanderen overtuigt in stijlvolle versie van klassieker Giselle; Dansers bruisen van oprecht plezier

Gezelschap: Koninklijk Ballet van Vlaanderen. Produktie: Giselle; choreografie: naar Jules Perrot, Jean Coralli en Marius Petipan; ingestudeerd: door Menia Martinez en Robert Denvers; muziek: Adolphe Adam; decor en kostuums: Roger Bernard. Gezien: 7/2 Antwerpse Opera Antwerpen. In Nederland te zien: 17/2 Gouda, 19/3 IJmuiden, 21/3 Zoetermeer, 2/3 Drachten, 4/3 Den Helder, 6/3 Bergen op Zoom, 24/3 Heerlen, 26/3 Nijmegen en 29/3 Maastricht.

Het is hollen of stilstaan. Er gaan seizoenen voorbij dat buiten de randstad nauwelijks een klassiek romantisch ballet te zien is, en nu trekken drie gezelschappen met hun produktie van het uit 1841 stammende Giselle door het land. Het Nationale Ballet brengt in april, mei en juni een hele serie en Het Nationaal Ballet van Litouwen heeft net een aantal voortreffelijke voorstellingen ervan achter de rug. In de tussenliggende periode is de Giselle van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen op de Nederlandse regionale podia te zien. Het is voor het eerst in zijn 24-jarig bestaan dat dit op de klassieke dans gerichte gezelschap deze oerklassieker uitvoert. Artistiek directeur Robert Denvers en de uit Cuba afkomstige Menia Martinez zijn verantwoordelijk voor de instudering. Martinez volgde een vijfjarige opleiding aan de befaamde Vaganova Academie in St. Petersburg, was soliste bij verschillende internationaal bekende gezelschappen en danste de rol van Giselle bij het Kirov Ballet.

Die ervaringen zijn aan deze produktie af te lezen. Het is een zorgvuldige, stijlvol gemonteerde en goed gedanste versie die nauw aansluit bij de Russische voorbeelden. Het Vlaamse gezelschap is zeer internationaal samengesteld en het verschil in scholing van de dansers maakt dat de grote homogeniteit in de manier van beweging en de diepgewortelde traditie die het ballet van Litouwen liet zien, nog niet bereikt wordt. Dat wil echter niet zeggen dat er niet uiterst gedisciplineerd en met elan gedanst wordt. In tegendeel. Maar niet iedereen heeft een zelfde precisie in de voeten, een zelfde lichtheid en een zelfde fysiek en zoiets valt na het Litouwse voorbeeld extra op.

De Vlamingen hebben voor de prominente rollen van Giselle en haar bedriegende minnaar Albrecht vijf verschillende paren in de aanbieding. Ik zag de uit Bulgarije afkomstige Nadia Dimitrova en de Cubaan Julio Arozarena. Dimitrova is een prille, ietwat onevenwichtige Giselle. Technisch heeft zij nog niet die extra reserves die haar ten alle tijde boven de techniek doen uitstijgen. Maar zij zorgde toch voor heel fraaie momenten en haar integere karakterisering van het bedrogen boerenmeisje dat zo graag danst, doch vanwege haar zwakke hart daarvan steeds door haar bezorgde moeder wordt weerhouden, is overtuigend. Arozarena is een danser met prachtige lijnen, technisch zeer trefzeker en heeft precies de soepele, vanzelfsprekende autoriteit en allure en de fysiek die bij een negentiende-eeuws edelman past. De statige Lucinda Tallack-Garner was een goede, doch wat onpersoonlijke koningin van de Wilis en de afgewezen minnaar Hilarion, gedanst door Giuseppe Nocera, was op alle fronten overtuigend. Een regelrechte verrukking is het koppel Hiroko Sakakibara en François Petit in het zogenaamde boeren pas-de-deux. Zij tonen een moeiteloze precisie en bruisen van oprecht dansplezier. Deze Vlaamse Giselle is de gang naar het theater ten volle waard.