Amerikaanse band Living Colour ontziet trommelvliezen; Hardrockgroep speelt zacht

Concert: Living Colour. Gehoord: 15/2 Paradiso, Amsterdam.

Het is een zegen om een band te horen die eens niet te hard speelt. Die het niet nodig heeft te overdonderen met volume. Het is helemaal zeldzaam als het een groep betreft uit het hardrock-genre. Het Amerikaanse Living Colour liet bij het eenmalige optreden in Nederland, gisteravond in Paradiso, horen hoe mooi een laag grommende hardrock-gitaar kan klinken bij een beheerst geluidsniveau.

Maar afgezien van dit mededogen met de trommelvliezen maakte Living Colour het het publiek niet makkelijk. Het repertoire was grotendeels gekozen uit de nummers van de nieuwe derde cd, Stain, die nog niet uit is. Het is een plaat die een paar keer beluisteren nodig heeft voordat de structuren zich laten herkennen. De van eerdere cd's bekende mengeling van soulvolle zang en gitaargeweld werd op Stain aangevuld met het afwisselende spel van bassist Doug Wimbish, die sinds afgelopen zomer Muzz Skillings vervangt. Het resultaat is helder en strak maar een aantal nieuwe nummers hebben de neiging door te denderen en ontberen een duidelijke melodie-boog. Anders dan op de vorige twee cd's, zijn de thema's op Stain niet meer exclusief verbonden met de positie van zwarten in de samenleving. Living Colour houdt zich nu ook bezig met die van buitenlanders in Duitsland (in Auslander) en geeft een komisch commentaar op bisexualiteit (in Bi): "Everybody wants you when you're bi, everybody loves you when you're bi'.

Zanger Corey Clover, met kort geknipte dreadlocks, bracht Bi met vrouwelijke handgebaren en flirtende oogopslag, terwijl links en rechts van hem gestagedived werd. Rondrazend over het podium wisselde zijn zang moeiteloos tussen streng, gedragen en gospel. Nieuwkomer Doug Wimbish eiste muzikaal een grote rol op, met behulp van een rij pedalen zijn klank variërend van metalig vibrerend tot droog gepluk. Maar ook al week hij, krioelend met tien vingers over de hals van zijn bas, af van de door gitarist Vernon Reid aangegeven lijn, uiteindelijk kwamen de twee ingetogen spelende muzikanten toch uit op hetzelfde punt. Het geluid van Living Colour is met de komst van Wimbish kaler en industriëler geworden. De strakke klank van ijzer op ijzer werd alleen doorbroken door de gemproviseerde aanvulling van saxofoniste Candy Dulfer bij de toegift, Love raises it's Ugly Head.