VN-orgaan: Justitie en WVC oneens over te voeren drugbeleid

ROTTERDAM, 15 FEBR. Tussen de ministeries van welzijn en volksgezondheid en justitie bestaat een groot verschil van mening over het drugbeleid.

Dat blijkt volgens een zegsman van de International Narcotics Control Board (INCB) van de Verenigde Naties uit gesprekken die zij in oktober met de Nederlandse autoriteiten hebben gevoerd. “WVC zou de secretaris-generaal van de VN het liefst schriftelijk willen laten weten dat men de internationale bepalingen die ook een strenge aanpak van soft drugs voorschrijven niet wenst te accepteren. Justitie houdt het schrijven van een dergelijke brief tegen”.

Beleidsmedewerkers van het ministerie van justitie bevestigen dat het departement bij pogingen de handel in soft drugs harder aan te pakken, WVC op zijn weg vindt. Over het schrijven van een brief aan de VN zegt men bij Justitie niets te weten.

In een schriftelijke verklaring laat WVC weten dat het aantal hard-drugverslaafden in 1992 gelijk is gebleven namelijk 20.000. De INCB bestrijdt die cijfers. “Kennelijk telt Nederland alleen problematische, spuitende druggebruikers. Alleen in Rotterdam zijn al negenduizend cocaïnegebruikers”, aldus de stafmedewerker.

De Amsterdamse hoogleraar strafrecht mr. C.F. Rüter vindt dat Nederland de kritiek van de INCB gewoon moet negeren. Rüter ziet in de totstandkoming van het kritische verslag over Nederland “een opzetje van de Centrale recherche-informatiedienst en Hirsch Ballin” die de INCB-delegatie het materiaal zouden hebben gegeven om zo kritisch uit te kunnen halen. “Deze kritiek past buitengewoon goed in de plannen van Justitie”, aldus Rüter.

De strafrechtgeleerde zegt ook te vermoeden dat de Franse regering binnen de Verenigde Naties druk uitoefent om het Nederlandse drugbeleid te veroordelen. “De Fransen doen alles om het Nederlandse drugstandpunt in diskrediet te brengen zodat we niet in aanmerking kunnen komen voor de vestigingsplaats van de Europese politie-organisatie Europol”.

De delegatie van de INCB zegt vorig jaar oktober in gesprekken met Nederlandse politici te hebben begrepen dat het liberale drugbeleid op brede politieke steun kan rekenen. “Sommige politici zien legalisering en gecontroleerde produktie van cannabis als de volgende logische stap”, meldt het rapport, maar het VN-orgaan wijst dit af.

“De voorstanders van legalisatie zijn niet in staat de praktische vragen te beantwoorden die onstaan indien je voorstellen voor legalisering van niet-medisch gebruik van drugs serieus wilt nemen”, schrijft de INCB. Die vervolgens een waslijst van onoverkomelijke, praktische problemen opsomt:

Welke drugs legaliseren, cannabis en ook crack? Mag iedereen drugs gaan produceren of alleen de overheid? Wie bepaalt de prijs van drugs en mag er ook geadverteerd worden? Hoe wordt de verkoop geregeld en mag iedereen drugs aanschaffen of moet de koper minimaal 18 of 16 jaar oud zijn?

De INCB wijst erop dat toen het gebruik van opium in de negentiende eeuw in China werd toegestaan, het aantal verslaafden snel steeg naar 20 miljoen personen. Vrijgeven van druggebruik zal onherstelbare gezondheidsschade betekenen voor de gebruikers, schrijft de INCB.