Veel schroothout en gaas in gebouwen architect Gehry

Kunstkanaal, zondag in Amsterdam en Hilversum 11.00-1.00u., 28 febr. in Rotterdam.

De Engelsman Michael Blackwood is momenteel de beste maker van architectuurfilms. Het zijn altijd ambitieuze ondernemingen, nooit pompeus of artistiekerig. Blackwoods oprechte en diepgaande belangstelling voor gebouwen en hun makers blijkt onder andere uit de film die hij in 1987 in samenwerking met de Westdeutsche Rundfunk maakte over Frank O. Gehry, architect in Californië, die Kunstkanaal uitzendt.

Na een paar valse starts als omroeper en scheikundig ingenieur is Gehry in de jaren zestig in de architectuur gegaan. In de jaren tachtig werd hij internationaal bekend met scheppingen over heel Amerika, en sinds enkele jaren ook in Japan en Europa. Voor Euro Disney bijvoorbeeld ontwierp hij een ontvangstgebouw en voor meubelfabrikant Vitra bouwde hij een werkelijk schitterend museum in Weil am Rhein, aan de Duitse-Zwitserse grens.

Eind jaren zeventig zette Gehry de architectuur-establishment op z'n kop door allerlei goedkope materialen te gebruiken zoals schroothout en chain link, metalen gaas waar hekken van worden gemaakt. Het nadrukkelijk anti-esthetische ervan wekte extreme reacties op, zowel van bijval als van afkeer. Dat doet hij nu zelden meer, maar de sculpturale kwaliteit van zijn ontwerpen is steeds uitgesprokener geworden. “Mijn werk is natuurlijk veranderd, maar nog steeds duw ik een aantal losse objecten bij elkaar. In je leven heb je uiteindelijk maar één idee.” Hij heeft een sterke verbondenheid met de beeldende kunst en is met veel kunstenaars bevriend. “Toen ik in dit vak begon, stoorde me aan het feit dat de architectuur alleen met programma en functie bezig was. Niemand dacht na over vormen en sculptuur.”

Dat is intussen veranderd. Blackwood heeft Gehry over de hele wereld achterna gereisd om een brede doorsnede van zijn oeuvre te laten zien. Hij heeft ook met critici, kunstenaars en opdrachtgevers gepraat. Het resultaat is zowel degelijk als heel boeiend. Je hoeft na het zien van Blackwoods portret het werk van Gehry nog niet mooi te vinden, maar je begrijpt in ieder geval goed waarom hij doet wat hij doet. “Mijn werk neem ik zeer serieus, maar ik beschouw mezelf niet als een change-the-world sort of person,” zegt hij met aangename relativering.