TESSA EN PAULINE GREIDANUS

De tweelingzusjes Pauline en Tessa Greidanus (16) zitten samen in 4-Havo op de Dalton-scholengemeenschap in Den Haag. De afgelopen week namen zij deel aan de "Dalton Zorgweek'. Alle 4-Havo-leerlingen van deze school maakten kennis met de zorgsector door een stage in een bejaarden-, verpleeg- of ziekenhuis. De ouders van Pauline en Tessa, Aus Greidanus en Sacha Bulthuis, zijn beiden acteur bij toneelgroep De Appel. De zusjes Greidanus hebben twee broers, broers: Aus (17) en Kay (1½).

Donderdag 4 februari

Pauline: Deze dag was eigenlijk een gewone, normale schooldag. Na school heb ik nog even met wat vrienden gepraat. Voordat ik het wist was het al kwart over vier en ik ben maar naar huis gegaan. Thuis aangekomen werd ik geconfronteerd met een gigantisch proefwerk Engels, wat ik glad vergeten was. Direct ben ik begonnen met leren, en tot mijn grote verbazing was ik snel klaar (zelfs nog voor het eten). 's Avonds ben ik nog even langs mijn vriend, en daarna naar huis gegaan. Zoals u ziet een doodgewone dag.

Tessa: De eerste dag van ons dagboek. We zijn druk bezig met de zorgweek. Enkele voorbereidingen zijn gisteren al getroffen. Toen is heel vier Havo bijeen gekomen voor een paar af- en toespraken. Ook kregen we een lunch aangeboden. In de Zorgweek zal 4-Havo opgedeeld worden over verschillende onderdelen van de zorgsector in en rond Den Haag. Deze kunnen variëren van een ziekenhuis tot een inrichting. Zo ben ik terecht gekomen in het bejaardentehuis ""Het Uiterjoon'' te Scheveningen. Nadat we op school enkele lessen in en over de verzorging gekregen hebben, zijn Darja (het meisje met wie ik stage loop) en ik naar Scheveningen gegaan, om daar alvast een kijkje te nemen. Daar aangekomen, wachtend op onze ""stagevrouw'', keken we wat rond. Na een kwartier kwam ze ons ophalen, en we mochten meelopen naar haar kantoortje. We kregen een rondleiding door bijna het hele huis, en als we vragen hadden, konden we die aan haar kwijt.

Vrijdag

P: Vandaag om 7.00 uur 's ochtends opgestaan, heb me aangekleed en ben naar beneden gegaan. Snel gegeten en hup naar school. Vandaag weer een gewone schooldag. Het zesde uur had ik mijn proefwerk Engels. Het was niet zo moeilijk, maar of ik het goed gemaakt heb durf ik ook niet te zeggen. Na schooltijd ben ik naar toneel gegaan. Van 4 tot 6. Op het ogenblik krijg ik spellessen en mime. Zeer boeiend, maar wel moeilijk. Ja, ja, ik heb nog veel te leren, wil ik een goed actrice worden (dat wil ik graag worden, maar of ik het haal is de grote vraag). Na toneel, ben ik met een paar goede vrienden uit gegaan tot ongeveer 1.30 uur 's nachts. Toen ben ik naar huis gegaan en meteen in slaap gevallen.

T: Vanochtend vroeg op, want ik had niet het eerste uur vrij. Na schooltijd nog even naar de soos geweest. Daar heb ik even getafelvoetbald, gepraat en gedanst. Toen ben ik naar huis gegaan om geld te halen, zodat ik een cadeautje kon kopen voor mijn vriendin Astrid. Eerst ben ik even naar de bibliotheek geweest, omdat ik wat boeken terug moest brengen. Daarna meteen door naar ""Crabtree and Evelyn'', om daar het cadeautje te kopen. Ze wist al wat ze wou hebben, dus dat was makkelijk. Ik moest wel snel zijn, want het was inmiddels al vijf uur geweest. Daarna ben ik naar de toneelclub gegaan, waar mijn vriendin op zit. Daar heb ik even gezeten en toen zijn Astrid, Sanne, Stefan en Dennis (ook vrienden van mij), en nog enkele anderen naar de Louis Amstrongkade gegaan, om daar haar verjaardag te vieren.

Ik ging met Inge en Lotfi op de fiets naar de plaats des onheils. Wij waren er eerder dan de anderen, die met de tram waren gegaan. Gelukkig was haar moeder thuis, zodat we naar binnen konden. Dennis en Stefan kende ik haast niet. Vreemd, maar we gedroegen ons alsof we elkaar al jaren kenden. Héél gezellig. Later op de avond zijn Berta en Iris nog gekomen. Volgens mij hadden die het niet zo naar hun zin als de anderen. Om een uurtje of een 's nachts gingen Astrid, Stefan, Dennis en ik, die bij haar zouden slapen, richting Voorthuizenstraat waar Astrid woont. 's Nachts hebben we nog kipsoema gegeten. Daarna zijn we meteen gaan slapen.

Zaterdag

P: Nou, nou, vandaag was echt een rampendag. Ik sta om negen uur op en verlaat het huis om mijn vriend op te halen. Samen wachten we op bus vier. En ja hoor, na tien minuten komt hij. We stappen in de bus en rijden naar het Centraal Station, kopen een retourtje Hilversum en gaan in de trein zitten. Een goed begin zul je zeggen, maar nu begint het. Halverwege stopt de trein en wordt ons medegedeeld dat we een kwartier vertraging zullen hebben. Dat kwartier werd een half uur. Eindelijk vertrekken we weer. In Hilversum aangekomen stappen we op de bus. We vragen de bestuurder ons te waarschuwen, als we wij de juiste halte aangekomen zijn. We gaan zitten en we rijden... en we rijden... en we rijden, maar nog steeds geen halte, totdat er plotseling omgeroepen wordt dat we bij de eindhalte zijn. We blijven mokkend in de bus zitten en rijden nog een rondje. Eindelijk zijn we dan bij het conservatorium waar we de open dag willen bezoeken, maar daar blijkt het niet te zijn. Ze vertellen ons waar we wel moeten zijn, we bedanken ze vriendelijk en gaan weer op weg. We vragen een paar keer de weg, lopen helemaal de verkeerde kant op en lopen weer terug en tenslotte arriveren we op onze bestemming, waar blijkt dat alles al bijna is afgelopen. We kijken even rond en vertrekken weer. We nemen weer een bus met eindbestemming Centraal Station. Ik koop een kaartje. Na vijftien minuten stopt de bus en een woedende buschauffeur vraagt mij om mijn kaartje. Hij beschuldigt mij ervan expres een te klein kaartje te hebben gekocht. Ik was met zo'n kaartje gekomen dus leek het me logisch dat ik ook zo terug zou kunnen. Dat was dus niet het geval. Ik bied mijn excuses aan en koop er een kaartje bij. Dan vraagt hij waar ik naartoe moet. ""Centraal Station'', zeg ik. ""In Weesp?'' vraagt hij. ""Nee, in Hilversum'', antwoord ik. Hij zwijgt en rijdt verder. Na tien minuten stopt hij weer en zegt dat waar we moeten zijn eigenlijk vijf haltes terug is, of we maar uit willen stappen. Na een tijd lopen vragen we aan een oude heer waar we zijn. Nou, ik verzeker u, in elk geval niet in de buurt van het Centraal Station. Het dichtstbijzijnde station was volgens die heer vijf kilometer verderop. Omdat de bussen om het uur komen besloten we te lopen. Het bleek elf kilometer te zijn. Twee uur en vijftien minuten lopen. Wat een dag! Acht uur reizen voor een uur open-dag. Bedankt Hilversum!

T: Ik was vroeg op. De hele nacht hadden de honden en de kat me wakker gehouden met hun gewas, geruzie en gekrab. Vooral de hond Tascha heeft aardig haar best gedaan. Elke keer als ik net in slaap viel werd ik wakker door geknetter en bedwelmd door vreselijke geuren. Die middag ben ik maar tien minuten thuis geweest. Lonneke had me namelijk uitgenodigd. Daar ben ik blijven slapen, we zijn vroeg naar bed gegaan.

Zondag

P: Heerlijk uitgeslapen, wel spierpijn van gisteren. 's Middags ben ik met mijn broertje Kay (anderhalf) naar het strand gegaan. Dat was zo gezellig. Ik ben helemaal dol op mijn broertje. Hij is met praten al zo ver, dat je al kleine gesprekjes, liedjes en spelletjes met hem kan doen. Thuis gekomen, heb ik samen met Martine, m'n vader en Tessa thee gedronken. Verder de hele dag tv gekeken. Morgen begint de Zorgweek, en eigenlijk vind ik het best eng om de hele week in een ziekenhuis te werken. Ik ben namelijk niet zo'n held. Stel nou dat ik iets fout doe? Het is maar voor een week, dus het zal best meevallen (denk ik). Vanavond dus vroeg naar bed.

T: 's Ochtends een gigantisch ontbijt met yoghurt, brood, thee, crackers en ontbijtkoek. 's Middags gingen we weer naar Astrid, want die vierde haar verjaardag nu met haar familie. Jasmijn kwam ook nog even langs. Met haar ben ik nog even naar haar vriend gegaan, die daar in de buurt woont. Hij heeft de pest aan school en Jasmijn doet ook liever andere dingen. Thuisgekomen dook ik meteen mijn bed in.

Maandag

P: Vandaag om 7.30 opgestaan om naar het ziekenhuis te gaan. Wel spannend hoor, zo'n eerste dag. Na een kort ontbijt zijn mijn zus en ik samen op de fiets gestapt om naar onze instellingen te gaan. Daar word ik voorgesteld aan Ineke, een verpleegster met wie ik drie dagen moet samenwerken. Samen gaan we naar de linnenkamer, waar ik een verpleegstersuniform krijg. Gekleed en wel begint mijn dag. We houden meteen koffiepauze. Om half tien begin ik mijn eerste ronde. Ik moet de patiënten voorzien van drinken. Daarna weer koffiepauze. Om elf uur maken we het keukentje schoon, en kijken samen mijn werkblok door, dat ik van de Dalton heb meegekregen. Dan beginnen we aan de tweede ronde. We voorzien de patiënten van water voor bij hun warme maaltijd. Daarna ruimen we weer de keuken op. Voor ik het wist belde mijn mede-stagiaire, Saskia, me op om samen te gaan lunchen. Ineke moest toch weg en ik had behoorlijk honger gekregen. Om half twee was ik klaar en ben naar huis gegaan. Daar heb ik nog even aan mijn verslag voor de Dalton gewerkt. Het viel me niet mee de eerste dag. Ik hoop dat het morgen allemaal beter gaat.

T: Om half acht opgestaan omdat ik om half negen in ""Het Uiterjoon'', moest zijn. De dag begon al goed want ik kon mijn fietssleuteltjes niet vinden. Met veel geruzie en gezeur kwam ik uiteindelijk bij Pauline achterop haar fiets terecht. Pauline afgezet en door naar Scheveningen. Bij aankomst op mijn stageplek, kregen Darja en ik nog eens uitgebreid het huis te zien. Ook kregen we allebei van die witte jurken aan. Het heeft de vorm van een laken dat om je heen is geslagen, maar dan met een koordje rond je middel. We hebben kennis gemaakt met enkele zusters en broeders van de afdeling en daarna werden we meteen op verschillende afdelingen aan het werk gezet. Iedere bewoner heeft een eigen kamer en daar moet elke ochtend gecontroleerd, ontbijt gemaakt en afgewassen worden. Sommige mensen kunnen bijna alles nog zelf, maar er zijn er ook die bijna niets meer kunnen en soms gedoucht moeten worden. In het begin van de ochtend liep ik mee, deed enkele afwasjes, maakte een bed op en maakte wat thee. Na de pauze hebben we nog wat kleine karweitjes opgeknapt, veel op de zusterpost gezeten en toen was het alweer tijd om naar huis te gaan.

Dinsdag

P: Ik moet bekennen dat ik op mijn eerste dag in het ziekenhuis heel erg bang was om dingen verkeerd te doen. Het is vooral vervelend als je iets verkeerd doet en ze zeggen dat het niet erg is, en als ze dan toch achter je rug erover praten. Dat maakte me heel onzeker. Vandaar dat ik vandaag met enige tegenzin naar het ziekenhuis ging. Maar de dag verliep uitstekend en ik had het prima naar mijn zin. Ik moest koffie brengen naar de patiënten en het personeel op mijn afdeling. Dat deed ik tot half een 's middags en toen was ik al klaar, een korte maar gezellige dag.

T: Let wel, vanmorgen al om zes uur op. De dag daarvoor had ik met Darja afgesproken dat ik eerst naar haar huis zou komen, en dan met haar op de brommer verder zou gaan. Om half acht liep ik alweer op de derde etage boterhammen te smeren. Na de koffiepauze belandde ik op de vierde etage in de huiskamer, daar zitten bejaarden die geheel of gedeeltelijk dement zijn. Er zaten twee dames aan een aparte tafel die niet veel meer kunnen dan vegeteren. Ik ging aan de tafel zitten bij de ouderen die nog wel wat konden. Maar een zinnig gesprek kwam er niet uit voort. Ook deed ik een spelletje met een dame, die op het oog heel normaal leek. Ze vertelde veel dingen over haar jeugd. Er lag een plaatje van een olifant en telkens vroeg ze me wat het was, dan zei ik het en dan vertelde zij over de dierentuin. Dan was het even stil en dan begon ze weer: ""Wat is dat?'' Zo ging dat een tijdje door, totdat ze een ander plaatje met een auto erop aanwees en zei: ""Dat ben ik in die auto.'' Waarop ik zei: ""Leuk zeg.'' Toen keek ze me vreemd aan en wees me erop dat niet zij in die auto zat, maar een poppetje. Het was maar een grapje van haar geweest. Op zo'n moment merk je pas goed, dat zulke mensen soms heel erg bij de tijd zijn en soms helemaal niet.

Die middag, toen we ons aan het omkleden waren, zag ik nog een oud bekertje thee van mezelf staan. Achteloos gooide ik het in een prullenbak. Darja had nog wat brood en smeet het er achteraan. Enige minuten later zei ik tegen Darja: ""Volgens mij lagen er alleen witte jurken in de prullenbak.'' Meteen keek ze in de bak en barstte uit in luid gelach waarna ik ook niet meer wist waar ik het zoeken moest. We wisten niet hoe vlug we weg moesten komen, maar we moesten terug omdat Darja haar das kwijt was. In de kleedkamer aangekomen was iedereen bereid te helpen zoeken. Echt het eerste waar ze keken was in die "prullenbak'. En we waren nog wel zo trots dat niemand het gezien had.

Woensdag

P: Vandaag in de centrale keuken gewerkt, hartstikke leuk! De mensen in de keuken waren zo ontzettend aardig, ik voelde me meteen thuis. Eerst toetjes maken, aardbeien ontdooien en gelei maken. Al het eten voor de patiënten klaarmaken en klaarzetten. Dat gaat aan de lopende band. 's Middags een half uur pauze. Daarna weer eten klaargemaakt. Wat een werk! Het duurde maar een uur, maar het was wel zwaar. We stonden met elf man aan de lopende band. Toen moesten we nog de hele keuken schoonmaken en voorraden aanleggen voor de verschillende verdiepingen. Ik ben doodmoe, maar ik heb het er graag voor over gehad.

T: Vandaag ben ik op de huiskamer op de vijfde etage geweest. Dit is de kamer waar mensen naar toe worden gebracht die erg vereenzamen. Zo houden ze nog wat contact met de anderen. Het zijn negen mensen die daar komen. Eerst is er thee voor ze gezet, toen hebben ze een warme maaltijd gekregen en daarna hebben we bingo gespeeld. Voor de winnaar was er een prijsje.

Vanochtend toen ik weer even in de verzorging zat, was er weer iets vreemds. Ik was al op enkele kamers geweest waar al veel gezeurd was, dat de thee te koud was, en te veel boter op het brood, dus ik kon al niet zoveel meer hebben. Toen moest ik bij een mevrouwtje haar haar doen. ""Hoe wilt u het hebben mevrouw?'' vroeg ik. ""Gewoon zoals altijd'', zei ze knorrig. Dus deed ik haar haar gewoon in een knotje. Dit had ik beter niet kunnen doen. Van alles kreeg ik naar m'n hoofd geslingerd, dat ik het niet over hoefde te doen, want ik kon het toch niet en tien jaar geleden was alles veel beter. Gelukkig kwam er toen een zuster die mijn taakje overnam.

Donderdag 11 februari

T: Vandaag weer in de verzorging meegelopen en een kijkje bij de fysiotherapeut genomen. Ook heb ik een les van het RIAGG bijgewoond, die het onderwerp "depressies' had. Heel veel gelachen met Darja omdat ik mijn thee altijd zo langzaam drink. Eigenlijk helemaal niet zo grappig. 's Avonds zou ik met Esther naar de stad gaan. Ik moest snel weg, maar moest nog eten. Zelf mocht ik niet iets klaarmaken, want dat vond mijn vader onzin. Hoe chagrijniger ik werd, hoe meer hij ging "koken' en uiteindelijk ontplofte. Zodoende mocht ik niet meer weg.

Die dingen moeten ook gebeuren. Ondanks dat zijn deze dagen mij erg goed bevallen. Veel lol gehad en gelachen. Er was een gezellige sfeer, toch hebben we hard gewerkt. Al met al was het een zeer geslaagde week, maar wel erg vermoeiend. Het was de een-na-laatste dag dat ik op ""Het Uiterjoon'' stage heb gelopen en de laatste dag van dit dagboek.

P: Mijn dag vandaag was niet zo lang, Ineke had al een paar dagen last van haar hand en moest vandaag daarvoor behandeld worden. Om tien uur ging ze weg. Terwijl ze weg was heb ik een patiënt genterviewd. Een heel aardig vrouwtje, dat veel verhalen vertelde aan mij over vroeger. Toen ik daarmee klaar was, moest ik een spoelkeuken schoonmaken (eerlijk gezegd had ik daar niet zo'n zin in). Daarna ben ik gaan lunchen, heerlijk eten! Mijn dag was klaar. Ik nam afscheid en ben naar huis gegaan. Daar heb ik de hele dag niks gedaan, behalve tv kijken.

's Avonds vroeg mijn vader me of ik mee ging naar Rotterdam om naar een toneelstuk te gaan kijken, Een doos vol kruimels. Ik vond het een prachtig stuk. De hele avond heb ik vol spanning gekeken. Het ging over een moeder die vroeger een befaamde nachtclubzangeres was, en die opgenomen moest worden in een kliniek. Als ze eindelijk na tien weken weer thuiskomt, denkt iedereen dat ze weer genezen is. Haar dochter komt bij d'r wonen en alles lijkt goed te gaan. Maar, wat blijkt: Als haar beste vriendin in de problemen zit, en ook nog eens haar huisgenoot geen werk krijgt, raakt ze weer aan de drank met fatale gevolgen. Zo, dit was het dan, de laatste dag!