Lieve Z.,

Ik zend deze brief poste-restante naar Buenos Aires. Ik heb uitgerekend dat je daar over een dag of tien zal binnenvaren.

Ik ben nog steeds erg boos op je, jongen. Iemand die in z'n eentje en met niet al te veel ervaring een dergelijke zeereis onderneemt, verklaar ik voor stapelgek. Ik doe geen oog meer dicht. Nachtenlang lig ik te piekeren over wat er al niet met jou mis kan gaan op de woeste baren. Je bent zo verdomd eigenwijs. Kan jij je die avond in december nog herinneren? Na het nuttigen van een bord linzensoep werd je plotseling zo grauw als een stuk nat karton en gleed zomaar van je stoel. Ik schrok me rot. Pas toen ik je het restaurant had uitgesleept en je op een muurtje tegenover de ingang had gezet, kwam je weer bij je positieven. Maar een dokter raadplegen, nee hoor. Je begon het hele voorval te ridiculiseren door lacherig vol te houden dat ik je op een rechtse directe had getrakteerd. Foei!

Wat doe je als iets dergelijks je overkomt op je waarschip na het eten van een blik bruine bonen met tomatensaus? Dan rol je, terwijl orkanen misschien wel naderen, als een zoutzak heen en weer door je kajuit. Doe je vader een plezier en verkoop die schuit. Ga een paar maanden door Argentinië reizen, krijg de tango onder de knie, spoor een oorlogsmisdadiger op. En doe me een plezier, ga niet van die enorme lappen rundvlees zitten verorberen, dat vind ik walgelijk.

Op een marktje kocht ik een leuk boek voor je, Sailor talk. (Noodzakelijke termen en uitdrukkingen in 6 talen.) Stuur ik op. (Duurt langer dan een brief, dus je zal twee keer naar het postkantoor moeten). Jij bent in Argentinië, dus ik geef je een voorproefje in het Spaans, uit het hoofdstuk Ongeval: Le mándeme la factura. Stuur mij de rekening.