Een armoedebult in het bos

Dat je vanaf de Posbank een magistraal uitzicht hebt is bekend. Toch is het elke keer weer anders. Eerst de golvende Rhedensche Heide, verderop naald- en loofbossen en diep daarachter de glinsterende IJssel, met, nog verder weg, de Achterhoek.

Deze rondwandeling van circa 25 kilometer begint bij kasteel Rozendaal, benoorden Velp. De omgeving ademt nog altijd een feodale sfeer, met het "tweemans-schooltje', de stallen, het park, de vijver, de waterval en niet te vergeten het kasteel zelf, dat al in 1314 bestond en in 1412 door brand werd verwoest. Bij de herbouw kwam de donjon tot stand, een plompe toren met muren van vier meter dik.

De tuin werd aan het eind van de zeventiende eeuw ingericht door Daniel Marot, die als tuinarchitect van koning-stadhouder Willem III ook de tuinen van Het Loo had ontworpen. De laatste particuliere eigenaar, baron van Pallandt van Rosendael, liet bij zijn overlijden in 1977 kasteel en park in een legaat na aan het Geldersch Landschap. Het onderhoud was niet meer te betalen.

Bruiloftgangers werpen een onderzoekende blik op ons. Kennen wij ...? Nee dus. Het park binnentredend vraag je je even af of dat wel mag, maar grote boze honden blijven achterwege. Bij de stallen ligt verse, dampende paardenmest. Ruikt best lekker. We lopen omhoog, langs een begraafplaats voor oorlogsslachtoffers. Dan slingerend door het bos, op naar de Emmapyramide.

De volksmond sprak vroeger over "armoedebult'. Werklozen werden een eeuw geleden gedwongen tot het bijeenscheppen van een enorme hoop grond. Was er nu echt geen zinvoller werk te bedenken? Hoe dan ook, na een korte klim krijgen we een magnifiek uitzicht, het reikt tot aan het Duitse Reichswald. Een "kaart' van steen helpt met de lokatie.

We dalen weer af, naar de Beekhuizense beek. Ooit stonden langs de Rozendaalse en de Beekhuizer beek minstens dertien water- of papiermolens. Al wat resteert zijn vijvers en watervallen. Wel mooi, maar toch ook wel erg parkachtig.

De route voert linksaf langs de Ossendaalse laan, waar de stuwwal van de Veluwe eindigt en het IJsseldal begint. Helaas heeft men het nodig geacht langs de IJssel een flinke autoweg aan te leggen, zodat het niet de moeite loont naar de rivier te lopen voor een blik over de uiterwaarden. We laten kasteel Billioen dus links (of eigenlijk rechts) liggen. Jammer.

Gelukkig biedt de Veluwe volop wandelgenot. We gaan weer omhoog, door het bos op de Kamerdalsche "berg', en dan langs Herikhuizen (wildreservaat, maar wel bewoond) en het bezoekerscentrum De Heurne naar de Rhedensche heide. Het wordt een echte klaphekroute, met paden die streng gescheiden zijn van de golvende hei. De mens moet tegen zichzelf worden beschermd.

Bovenop wacht ons Koepel De Kaap, met net zo'n mooi uitzicht als de Posbank die vlak in de buurt ligt. Met het oog op de klok lopen we nu flink door, langs een akker en dan rechtoe rechtaan door het dichte bos naar de Carolinahoeve. Die dateert uit 1765, en ligt aan de lange rechte "koningsweg' tussen Ede en het Hof te Dieren.

Stadhouder Willem IV, zoon van de koning-stadhouder, liet deze laan aanleggen om zijn jachtplezier te vergroten. Bij de hoeve, genoemd naar des stadhouders dochter, kon men van paarden wisselen en zich verpozen. Begin deze eeuw volgde de transformatie tot pannenkoekenrestaurant. Paarden mogen, volgens een wereldberoemd bord, niet op het terras.

We keren terug langs de kaarsrechte Koningslaan, aangelegd als een dijk dwars door het Onzalige Bosch. Er zouden in de naaste omgeving circa driehonderd wilde zwijnen bivakkeren. Maar die zie je niet overdag; we nemen genoegen met een rondspringende eekhoorn.

Opnieuw kruisen we de Rhedensche heide, nu westelijker. Het is nu flink druk in deze contreien, met tal van NS-wandelaars die hun route zoeken. Na de Posbank snellen we omlaag en uiteindelijk - enig prikkeldraad doorkruisend - weer bij de Zijperberg omhoog, langs een klimmend zandpad en dan het bos in.

We zijn weer alleen. Een kwartier later staan we plotseling aan de rand van het Rozendaalsche Veld. Heide tot aan de horizon, wat een rust! Boven de uitgestrekte, golvende vlakte gloort het licht door de regenwolken. Prachtig.

We lopen terug naar het kasteel, naar het tweemansschooltje, naar die feodale enclave in de twintigste eeuw. De bruiloft is al lang voorbij.

(Literatuur: M. Roland/B. Horeman, De Veluwe, Elmar-wandelgids, blz. 128-144; Joost Dijkerman, Voetwijzer door Nederland 6, Veluwe (Zuid en Oost), Op Lemen Voeten, blz. 28-43; wandelkaart Veluwezoom, Natuurmonumenten)