"Doener' Brazauskas ligt in peilingen ver voor op rivaal; Litouwers kiezen eerste president

De Litouwers kiezen zondag een president - hun eerste, want het huidige staatshoofd, Algirdas Brazauskas, is "slechts' voorzitter van het parlement en daarmee ook "slechts' nominaal staatshoofd, nog zo'n stukje van de grote Sovjet-erfenis waarmee de Litouwers willen afrekenen.

De kans is zeer groot dat er afgezien van de titel zondag niet zoveel verandert, want weinigen betwijfelen serieus dat Brazauskas de eerste post-communistische president van Litouwen wordt. Opiniepeilingen geven hem, de ex-communist die in de herfst bij de parlementsverkiezingen zijn Litouwse Democratische Partij van de Arbeid (LDDP) al naar een grote zege leidde, een comfortabele voorsprong op zijn belangrijkste rivaal, Stasys Lozoraitis.

Bij de parlementsverkiezingen van vorig jaar moest Brazauskas' voorganger, Vytautas Landsbergis, de vader van de Litouwse onafhankelijkheid en de grote voorman van de onafhankelijkheidsbeweging Sajudis, de prijs betalen voor de golf van problemen die op de Litouwers zijn afgekomen sinds de onafhankelijkheid een feit werd. Dat gold vooral voor de economische problemen: de energieproblemen, de produktiedaling van 51,6 procent in vergelijking met 1991, de inflatie (1.130 procent in 1992, 6.500 procent sinds 1989) en de massale verpaupering. Drie van de vier Litouwers leeft onder de officiële armoedegrens; de reële lonen zijn met 75 procent gedaald en het minimumloon is met omgerekend zeven dollar per maand minder dan eenderde van het miminumloon in het toch ook verre van welvarende Estland. Maar ook op politiek gebied verbleekte de glans van Landsbergis en zijn Sajudis. Interne ruzies en verdachtmakingen en de krasse tegenstelling tussen het nationalistische pathos van de president en de prestaties van zijn bewind speelden Brazauskas in de kaart. Zijn LDDP kreeg in oktober dan ook meer dan twee keer zoveel stemmen als Sajudis - 44,7 tegen 19,8 procent - en een absolute meerderheid van 73 van de 141 zetels in de Seimas, het Litouwse parlement. Brazauskas werd kort daarop tot voorzitter van de Seimas en daarmee tot nominaal staatshoofd gekozen.

Hoewel het sinds zijn aantreden met Litouwen economisch niet beter gaat - Brazauskas omschreef de economische situatie eind januari als “kritiek” - teert hij nog steeds op het krediet dat hij vergaarde in de laatste jaren van het communistische bewind: Brazauskas is al jaren de populairste politicus van Litouwen. Als leider van de Litouwse communistische partij was hij het die de basis legde voor de later door Landsbergis verwezenlijkte onafhankelijkheid: hij, Brazauskas, trotseerde al in de late jaren tachtig het Kremlin door zich allereerst als Litouwer en pas daarna als communist te gedragen - en dan nog hooguit als een gematigde en redelijke communist.

Die populariteit bracht hem in oktober de zege ten koste van Landsbergis, de man van de verbleekte glorie, en brengt hem naar alle waarschijnlijkheid zondag opnieuw de overwinning. Dat is des te waarschijnlijker omdat de aangeslagen Landsbergis het strijdperk heeft verlaten: de professor in de musicologie trok zich begin januari terug en vroeg zijn aanhangers op Stasys Lozoraitis te stemmen.

Met dat advies werd de 68-jarige Litouwse ambassadeur in Washington meteen de onofficiële kandidaat van de beweging Sajudis en de belangrijkste rivaal van Brazauskas. Maar of Landsbergis' aanbeveling hem zondag veel helpt is de vraag. Lozoraitis woont al sinds 1940, toen zijn familie voor de Sovjet-bezetting vluchtte en naar de VS emigreerde, buiten Litouwen. Hij heeft decennia lang de Litouwse regering in ballingschap als diplomaat vertegenwoordigd en keerde pas vorig jaar naar Litouwen terug. Die langdurige afwezigheid werkt in bepaalde opzichten in zijn voordeel, want Lozoraitis heeft zich nooit gemengd in het heftige politieke debat en kan zich daarom presenteren als boven de partijen staand. Bovendien draagt hij geen verantwoordelijkheid voor de economische misère. De Izvestia schilderde hem weliswaar af als een “Litouwse Panic” en als een verwesterde outsider, maar aan de andere kant heeft iedereen die uit het Westen komt in Litouwen altijd nog qualitate qua een streepje voor - ook al heeft Lozoraitis in het Westen nooit de economische of zakenervaring opgedaan die men in Litouwen zo op prijs stelt.

Er zijn echter ook nadelen aan die lange afwezigheid, en het belangrijkste ligt voor de hand: de Litouwers kennen Stasys Lozoraitis niet, ze weten niets van zijn beleid en ze kennen zelfs zijn gezicht niet. En dat nadeel kon zondag wel eens zwaar wegen. De afgelopen zes weken heeft de ambassadeur weliswaar driftig campagne gevoerd, maar de hoogtepunten van die campagne, de televisiedebatten met Brazauskas, werden eerder een zege voor het huidige staatshoofd dan voor zijn wat saaie en professoraal werkende uitdager. Brazauskas kon zich met enige overtuigingskracht presenteren als de man die de grondslag voor de Litouwse onafhankelijkheid heeft gelegd en zeggen dat hij zijn hele leven lang “heeft gewerkt tot mijn vingers er pijn van deden”. Lozoraitis' programma kwam minder concreet over. De hoofdpunten - het kalmeren van het politieke leven, het verzoenen van de Litouwers, het slaan van een brug tussen regering en oppositie - klonken naast de vooral op de concrete economie en de levensomstandigheden van de Litouwers geconcentreerde beleidsplannen van de doener - en bluffer - Brazauskas rijkelijk vaag.

Geen wonder dat Brazauskas in de peilingen voorligt, in het hele land en onder alle groepen kiezers, vooral onder de ouderen en op het platteland. Alleen in de vijf grote steden is de voorkeur voor Lozoraitis substantieel. Over de hele linie komt Brazauskas echter - volgens de peilingen - op een absolute meerderheid uit: hij zou op rond 58 procent van de stemmen kunnen rekenen, tegen 36 procent voor Lozoraitis. Pas in de laatste fase van de campagne is Lozoraitis wat ingelopen; in Kaunas lag hij bij de laatste peiling zelfs op de eerste plaats. Aan het begin van de campagne kwam hij in de peilingen trouwens niet verder dan veertien procent.

De andere kandidaten tellen in dit geweld niet mee. De in Amerika wonende Kazys Bobelis, een brallerige rechtsbuiten die als leider van de fel anti-communistische ballingenorganisatie "Opperste Raad voor de Bevrijding van Litouwen' nog met de Litouwse autoriteiten overhoop lag toen Litouwen zichzelf al lang en breed bevrijd had, schaarde zich achter de ex-communist Brazauskas toen die hem grootmoedig het voorzitterschap van de commissie van buitenlandse zaken van het parlement toeschoof. En de anderen, een gepensioneerde ingenieur die de kleine Republikeinse partij leidt, de leider van de sociaal-democraten, een acteur en een ex-apparatsjik, zijn outsiders. In feite is naast Algirdas Brazauskas iederéén een outsider.