Akzo op winst op vriendelijk Damrak; EOE-aandelenindex doorbreekt voor het eerst in maanden 300-puntengrens

AMSTERDAM, 13 FEBR. Ondanks de malaise rond DAF en Fokker wist de Amsterdamse effectenbeurs de stijgende lijn van de afgelopen weken voort te zetten. De EOE-aandelenindex doorbrak zelfs voor het eerst sinds midden vorig jaar weer de 300-punten grens.

De Nederlandse aandelenkoersen kregen steun in de rug van een standvastige dollar en een hoger Wall Street. Negatieve invloed ging uit van het Britse pond. Deze munt belandde aan het eind van de week op een dieptepunt van 2,62 gulden. Fondsen als Elsevier en Unilever die gevoelig zijn voor de koers van de Britse munteenheid, moesten een stapje terug.

Fokker en DAF trokken veel aandacht, maar de koersvorming van deze aandelen had nauwelijks meer invloed op de vriendelijke stemming op de beursvloer. “Zolang de rente maar daalt, gaat het goed”, aldus een handelaar. De koers van DAF schommelt de laatste dagen rond de één gulden. Volgens een analist kopen sommige particuliere beleggers het aandeel als ze horen dat DAF wordt gered door de overheid en de banken. “Ze realiseren zich niet dat het niet over het beursfonds DAF gaat, maar over een afgesplitste BV”, aldus de analist.

De waarde van het aandeel Fokker beweegt zich tussen de 8,50 en 10,50. Begin januari noteerde de vliegtuigbouwer nog 15 gulden. Gisteren ging men er op de beursvloer van uit dat Andriessen ondanks alles toch zou instemmen met het laatste bod van Dasa. De koers steeg met één gulden naar 10,50.

Akzo liet deze week de grootste stijging zien. De koers klom van 141,40 (vorige week vrijdag) tot 150,50 gisteren, een stijging van 6,4 procent.

Volgens analist N. van Geest van effectenkantoor Suez Kooijman behoort Akzo tot de zogeheten hybride fondsen. Fondsen die deels cyclisch en deels defensief zijn en die bovendien actief zijn in zowel continentaal Europa als de Angelsaksische wereld. Akzo heeft een conjunctuurgevoelige vezeldivisie en een farma-divisie die ook in slechte tijden winstgevend is.

“Hybride fondsen zijn net als de kwaliteitsaandelen de laatste weken in trek bij beleggers”, aldus Van Geest. Veel beleggers zijn de afgelopen weken als gevolg van de moeilijkheden bij DAF en Fokker uit de cyclische waarden gevlucht. Ze hebben aandelen gekocht van voedingsconcerns, uitgevers, banken en verzekeraars.

Volgens Van Geest zijn Philips en Koninklijke Olie ook hybride fondsen. Philips maakt zowel niet-conjunctuurgevoelige produkten (lampen) als conjunctuurgevoelige artikelen (consumentenelekronica). De koers van Philips is sinds het begin van dit jaar gestegen van 19,60 tot 24,60 gulden, een stijging van ruim 25 procent.

Koninklijke Olie is actief in de chemie (cyclisch) en in de olie (niet-cyclisch). De koers van het aandeel Koninklijke Olie steeg van 143 gulden (half januari) naar 156,80. Gisteren moest de oliemaatschappij weer 1,70 inleveren. Winstnemingen, luidde de verklaring van een handelaar. Afspraken over vermindering van de olieproduktie in Opec-verband hadden een gunstig effect op de koers. Bovendien wordt het aandeel aantrekkelijker vanwege de dalende rente. Het verschil tussen het effectieve rendement op een tienjarige staatlening (7 procent) en het dividendrendement van Koninklijke Olie (6 procent) is geslonken tot 1 procentpunt. Dat is het kleinste verschil sinds 1988.

Bij de financiële waarden wist ING een all time high te bereiken. De bankverzekeraar sloot de week af op 60,20 gulden. Collega ABN Amro had te lijden onder de onzekerheden rond DAF. De koers gleed deze week van 52,40 naar 51,90. Sommige beleggers denken dat ABN Amro als huisbankier van de noodlijdende truckfabrikant fikse verliesposten op de uitstaande kredieten moet incasseren. “Het zijn vooral buitenlandse beleggers die denken dat ABN Amro last zal ondervinden van de problemen bij DAF. Buitenlanders begrijpen het Nederlandse systeem met stille reserves niet zo goed.” Nederlandse banken doen jaarlijks een bedrag (een dotatie) in de VAR (Voorziening Algemene Risico's) ook wel stroppenpot genoemd. Het bedrag in de geheime VAR is gerelateerd aan de hoeveelheid moeilijke kredieten die de bank heeft uitstaan. “Eventuele stroppen in verband van DAF gaan niet ten koste van de winst per aandeel, maar worden gefinancierd uit de stroppenpot”, aldus Van Geest.