WAO-gat

Het door de professoren De Kam en Lutjens in NRC Handelsblad van 10 januari beschreven WAO-gat kent een extra complicatie.

De nu (nog) gezonde medewerkers staan voor de keus al dan niet een aanvullende verzekering af te sluiten. Maar als ze vandaag ziek worden, is de kans om de onderhandelingen over het afsluiten van een verzekering succesvol af te ronden danig verminderd. Het kabinet heeft met het vaststellen van de bestaande-gevallen-datum (26 januari 1993) het gezonde deel van de natie onverhoeds voor een gat geplaatst. De na die datum ziek geworden werknemers zijn er al in gevallen. Het is de vraag of ze er door een (collectieve) verzekering weer uit kunnen krabbelen.

Daarbij moeten we niet uit het oog verliezen dat deze nieuwe WAO-regels nog geen kracht van wet hebben. Individuele verzekeringscontracten zouden dus kunnen worden aangegaan onder de voorwaarde dat de voorgestelde regels kracht van wet krijgen.

Overigens, mensen die door een ongeval niet meer kunnen werken, zouden kunnen proberen om hun inkomensderving te verhalen op de veroorzaker van of de schuldige aan het ongeval.

Tot slot, het kabinet gaat er kennelijk van uit, met het vaststellen van een bestaande-gevallen-datum, dat het voorstel vóór 26 januari 1994 in werking is getreden. Als de wet later in werking treedt, dan zijn er WAO-gerechtigden, die nú geen "bestaand geval' zijn, maar dan wèl (tijdelijk) recht hebben op de WAO-uitkeringen-oud-niveau. Zullen die dan na in werking treden van de wet alsnog gekort gaan worden?