Paniek

- Dus jij beweert dat er in Nederland helemaal geen antisemitisme bestaat.

“Nou, zo ver zou ik niet willen gaan. Ik heb alleen beweerd dat ik zelf nooit iets van antisemitisme heb gemerkt.”

- Ook niet op straat, in de tram of in een taxi?

“Nee, eigenlijk niet. Ik heb wel eens bij een racistische taxichauffeur in de auto gezeten, maar die had het over Turken en Marokkanen, niet over joden. Zelfs de taxichauffeurs zijn in Nederland pro-Israël.”

- Ga je wel eens naar een voetbalwedstrijd?

“Dat doe ik niet meer, sinds Blauw-Wit uit de eredivisie is gedegradeerd. Er is met het racisme bij voetbalwedstijden toch iets vreemds aan de hand. Mij is het wel eens opgevallen dat bijvoorbeeld zwarte spelers van de tegenpartij worden uitgefloten, maar dat zwarte spelers van de eigen partij enorm worden toegejuicht, vooral als zij een doelpunt hebben gemaakt.”

- Blijf even bij dat antisemitisme. Misschien merk je er niets van, omdat je in meer verlichte kringen verkeert.

“Bedoel je dat ik wel eens omga met echte intellectuelen? Ik weet niet of dat wat uitmaakt. Ik heb net een stuk gelezen van de historicus Wesseling over de Dreyfus-affaire. Daarin toont Wesseling aan dat er ook bij de anti-Dreyfusards verschillende intellectuelen zaten. Ik geloof niet zo dat antisemitisme gebonden is aan klasse, welstand of opleidingsgraad.”

- Misschien wil je dat antisemitisme eenvoudig niet zien.

“Mogelijk, maar het zou ook kunnen dat al die mensen die zo voor antisemitisme waarschuwen de neiging hebben om in elke gebeurtenis de schaduw te herkennen van een naderend onheil. Er zit in dat soort doemdenken iets heel aantrekkelijks, namelijk een heldere, onafwendbare logica die alles kan verklaren en voorspellen.”

- Zelfs H.J.A. Hofland schreef dat alles wijst op een constante bedreiging van de joden.

“Dat schreef hij vóórdat bekend werd dat het Auschwitz-monument niet uit antisemitische motieven was vernield. Wat schreef hij eigenlijk daarna?”

- Een stukje over de Waddenzee.

“Over de Waddenzee? Zwemmen er joden in de Waddenzee?”

- Nee, dat niet, maar hij kwam er niet op terug. Kennelijk vond hij dat zijn analyse van het opkomend antisemitisme klopte, ondanks de verrassende ontknoping.

“Dat heeft bijna iets hegeliaans: als de feiten niet kloppen, des te erger voor de feiten.”

- Die is voor jouw rekening, dat heb ik niet gezegd. Maar neem nou dat bericht op de voorpagina van de Volkskrant. Volgens drs. A. van der Veen, hoofd van het bureau InterView, blijkt uit opinieonderzoek dat de aanhang van extreem-rechts met drie procent is gestegen. Ben je daar niet bang voor?

“Als het aan mij ligt, wordt die Van der Veen op staande voet ontslagen.”

- Wat zeg je me nou?

“Ja. Die Van der Veen heeft gezegd dat hij de resultaten lange tijd geheim heeft gehouden, omdat, en ik citeer: "Omdat wij niet zoveel zin hebben de partij van de Centrum Democraten veel wijzer te maken.' Ik heb het eerlijk gezegd niet zo begrepen op wetenschappers die uit politieke motieven onderzoeksgegevens achterhouden.”

- Dat ben ik met je eens, maar vind je de opkomst van Janmaat niet beangstigend?

“Ik weet niet of die drie procent van het electoraat zo veel is. Dat is zo'n beetje het laagste percentage van alle Europese landen. En om een stijging van twee naar drie procent "explosief' te noemen, zoals de Volkskrant doet, vind ik ook weer zo'n poging om iedereen bang te maken.”

- Volgens mij ben jij een onverbeterlijke optimist.

“Kan zijn, ik heb alleen geen zin om mijn leven te laten vergallen. Ik denk dat ik mij het weekend eens terugtrek op de Waddenzee.

- Ga je naar Schiermonnikoog? Komt daar niet een groepje van verontruste zakenlui en politici bij elkaar?

“Dat is niets voor mij. Ik doe als Koos van Zomeren en ga met een verrekijker naar de zeehondjes turen.”