Pabo's: kritiek op lerarenopleiding is “zwaar aangezet”

ROTTERDAM, 12 FEBR. De kritiek van de visitatiecommissie op het functioneren van de lerarenopleidingen voor het basisonderwijs is “zwaar aangezet”.

Dat is de teneur van de reacties uit de pabo's op het eindrapport van de commissie, die 40 hogescholen heeft doorgelicht. Het rapport is gisteren aangeboden aan de voorzitter van de hbo-raad, H. Kemner.

Volgens het rapport zijn de meeste opleidingen onvoldoende op de hoogte van de ontwikkelingen in het basisonderwijs. “Dat is nogal logisch”, zegt J. Verhallen, voorzitter van de raad van bestuur van de interconfessionele pabo in Amsterdam. “Elke keer als de staatssecretaris weer een nieuw plan uit de hoge hoed tovert, verwacht men dat wij daar de volgende dag al met onze opleiding op in kunnen spelen.”

Volgens hem staat er “veel terechte kritiek” in het rapport, maar doet de commissie geen poging te onderzoeken waar de zwakke punten vandaan komen. “Toen de pabo's in 1984 verschillende opleidingen wilden voor "kleuter' en "lager' onderwijs, mocht dat niet. Zes jaar later moet het opeens wel. En dan komt men nu, na twee jaar, kijken hoe de scholen het doen. Tijd wordt ons niet gegund.”

Verhallen wordt “moedeloos” van de kritiek. Volgens hem schenkt de commissie weinig aandacht aan het feit dat de lerarenopleidingen veel kritiekpunten zelf hebben aangereikt in eigen onderzoek. Bovendien zijn volgens hem de basisscholen tevreden met de leerlingen die de pabo's afleveren. “Hoe kan de commissie dan tegelijkertijd beweren dat we onvoldoende inspelen op de behoefte in de praktijk?”

F. Stöteler, directeur van de pabo van de hogeschool Gelderland, is dat met zijn collega eens: “Je kunt je als commissie, bij alle kritiek, ook afvragen hoe het mogelijk is dat we nog zulke goede leerkrachten afleveren.” Hij erkent wel dat het contact met de basisscholen soms een probleem is. Zijn school organiseert voor de afgestudeerden een "terugkomavond' na een jaar. “Onze studenten tonen zich dan heel tevreden met wat ze geleerd hebben. En hun kritische opmerkingen passen wij structureel in onze opleiding in.”

Hij kan zich wel vinden in het uitgangspunt van de commissie dat de pabo's vanuit een algemeen concept moeten werken. Nu is het volgens hem nog teveel zo dat voor de verschillende vakken die op de pabo worden gedoceerd, verschillende einddoelen worden gehanteerd. “Maar de basisscholen vragen steeds om vakbekwame docenten en nu zegt de visitatiecommissie dat dat van secundair belang is. Dat is wel eens verwarrend.”

“De meeste opleidingen trekken zich die opmerkingen ook wel aan”, aldus D. Adema van de hbo-raad. Hij ziet de kritiek van de commissie als “opbouwend”. Zijn voorzitter, Kemner, heeft gisteren bij de aanbieding van het rapport ook gezegd dat een visitatiecommissie zich nu eenmaal richt op de punten van kritiek. Op 24 februari zullen de pabo's gezamenlijk overleggen over het rapport.