Turkije verwacht actie van Iran

ANKARA, 11 FEBR. Turkije heeft Iran deze week documenten overhandigd die moeten bewijzen dat de daders van de moordaanslagen op de journalist Çetin Emeç, de schrijver/theoloog Turan Dursun (beide in 1990) en een Iraanse dissident in Turkije (1992) zijn opgeleid in een terroristenkamp in het plaatsje Maydan Khorasan, op de weg van Teheran naar de heilige stad Qom. “Ik heb mijn collega Ali Akbar Velayati verteld”, aldus de Turkse minister van buitenlandse zaken Hikmet Çetin, “dat deze zaak de onderlinge betrekkingen niet nadelig hoeft te beïnvloeden, maar dat de bestrijding van terrorisme wel degelijk een heet hangijzer is in Turkije.”

Ankara geeft hiermee aan dat het voorlopig nog niet wil overgaan tot een publieke veroordeling van het Iraanse bewind, maar dat Teheran wel wordt geacht te voorkomen dat fundamentalistische terreurgroepen nog langer vanuit Iran in Turkije infiltreren. Anders zou Ankara wel eens over kunnen gaan tot de instelling van een visumplicht voor Iraniërs.

Hoe gevoelig de kwestie van het - voornamelijk door Iran en in mindere mate ook door Saoedi-Arabië aangewakkerde - moslim-fundamentalisme ligt in Turkije werd nog eens onderstreept tijdens de begrafenis van de journalist Ugur Mumcu, die op 24 januari in zijn auto werd opgeblazen. Meer dan 200.000 mensen brachten in de stromende regen een laatste groet aan de journalist van de linkse krant Cumhuriyet (republiek), die algemeen werd beschouwd als een van de meest prominente voorvechters van het wereldlijke systeem in Turkije, ingesteld door de hervormer Atatürk na de oprichting van de republiek in 1923.

Mumcu was herhaaldelijk met de dood bedreigd, onder andere uit de hoek van de moslim-fundamentalisten, die niet alleen verantwoordelijk worden gesteld voor de moorden op Emeç en Dursun, maar ook op de professoren Muammer Aksoy en Bahriye Üçok. Dit waren uitgesproken tegenstanders van de pogingen vanuit Iran om het religieuze vuur in Turkije - zo'n 15 procent van de bevolking opteert voor het moslim-fundamentalisme - op te porren. Daarnaast wordt een reeks aanslagen op pro-Koerdische journalisten in het Koerdische zuidoosten van Turkije - het afgelopen jaar alleen al stierven er 12 - in verband gebracht met een fundamentalistische Hizbollah-organisatie die aldaar opereert - vermoedelijk ten minste met medeweten van de Turkse veiligheidsdiensten.

Het bewind in Teheran heeft nooit verhuld Atatürk en zijn politieke leer, het Kemalisme, te verafschuwen. Vooral na afloop van de oorlog tegen Irak riep radio Teheran de Turkse bevolking steeds vaker op het secularisme af te schudden en zich weer op de ware islam te richten. Teheran werd tevens medeverantwoordelijk geacht voor de golf van fundamentalisme die in de jaren tachtig de Turkse universiteiten overspoelde.

De moord op Mumcu werkte als een katalysator. De politie in Istanbul arresteerde negentien mannen en vrouwen, lid van de Islamitische Actie, die in een kamp bij Qom hun terroristische scholing hadden genoten. Het kamp stond, aldus verklaringen van de arrestanten, in contact met Teheran.

Volgens de Iraanse autoriteiten was dat allemaal onzin, bedoeld om een wig te drijven tussen het wereldlijke Turkije en het islamitische Iran, waartussen de betrekkingen de afgelopen maanden juist weer zijn verbeterd. Niettemin heeft Velayati beloofd de kwestie aan de orde te stellen in de veiligheidscommissie van vertegenwoordigers van binnenlandse zaken van de buurlanden, die eind vorig jaar werd gevormd om oplossingen te vinden voor de problemen van grensoverschrijdend terrorisme en de drugshandel.

Officieel wonen er 14.000 Iraniërs in Turkije, maar algemeen wordt aangenomen dat hun aantal in werkelijkheid rond het miljoen ligt, waarvan het merendeel in Istanbul is gevestigd. Dit is een rijke voedingsbodem voor Iraanse dissidenten, leden van islamitische terreurgroeperingen en criminelen, maar ook veiligheidsagenten. Turkije is het enige land in de wereld dat Iraniërs zonder visum toelaat, en het werd daarom gedurende de Iraans-Iraakse oorlog een toevluchtsoord voor deserteurs en economische vluchtelingen.

De arrestatie van de 19 leden van de Islamitische Actie heeft bovendien aan het licht gebracht dat er een band bestaat tussen de Hizbollah-organisatie in Zuidoost-Turkije en de Islamitische Actie. Deze laatste groepering zou in l987 zijn gevormd vanuit een cel van de Hizbollah in de zuidoostelijke stad Batman en zich in l990 in Istanbul hebben gevestigd. Ankara heeft lange tijd ontkend dat de Hizbollah in Zuidoost-Turkije opereert, maar stelde de organisatie in maart l992 wel verantwoordelijk voor een aanslag op een synagoge in Istanbul.

In Batman, in de Turkse volksmond dodenstad genoemd, vielen alleen al dit jaar 28 doden - in de afgelopen 13 maanden 119 - als gevolg van de strijd tussen de extreem-linkse Koerdische Arbeiderspartij (PKK) en de Hizbollah. In heel Zuidoost-Turkije zouden sinds november 1991 384 mensen op die manier om het leven zijn gekomen, aldus cijfers van de Mensenrechtenorganisatie in de grote Koerdische stad Diyarbakir.