Luchthavens

Met voldoening las ik in NRC Handelsblad van 5 februari dat onze ministers niet op voorhand akkoord gaan met het plan (de RELUS-nota) voor de uitbreiding van regionale luchthavens. Voor de bewoners van de Rotterdamse noordrand is de terughoudende opstelling van de ministers Alders, Kok en Maij hoopgevend. Op rijksniveau vallen immers de uiteindelijke beslissingen. Misschien heeft men daar een "gezondere' kijk op de toekomst van de Randstad, de mensen en de (schaarse) natuur dan het gros van de Rotterdamse politici.

In recente publikaties van de gemeente Rotterdam, bedoeld om de nieuwe luchthaven (Nieuw Rotterdam Airport) te promoten, worden stelselmatig de negatieve milieugevolgen genegeerd of zelfs ontkend. In het blad "De Lijn' (uitg. van Projectteam Noordrand R'dam) beweert een voorstander van een nieuwe luchthaven vol trots dat de aanleg goed is voor het milieu, omdat het Milieu-effectrapport (MER) inmiddels "aanvaard' is. Hij vergeet dat deze "aanvaarding' (door Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland) alleen betekent dat het milieu-onderzoek volgens de daarvoor opgestelde richtlijn "aanvaardbaar' werd uitgevoerd. Hij vermeldt evenmin dat het risico-onderzoek naar de veiligheid voor omwonenden nog ontbreekt. Omwonenden en milieugroepen richten zich bij hun protesten op de inhoud van het MER. Daarin staat zwart op wit dat de milieugevolgen van de aanleg van een nieuwe, grotere luchthaven alarmerend zijn, en dat de integrale uitvoering van de noordrandplannen (inclusief de nieuwe luchthaven) de Noordrand onleefbaar maakt voor de mens en onomkeerbare natuurvernietiging op grote schaal inhoudt.