Heraut van de catastrofetheorie

Zeeman werd in in Japan geboren als zoon van een Deense vader en een Engelse moeder, maar verhuisde al na een jaar met zijn ouders naar Engeland. Op zijn vierde stierf zijn vader en verkreeg hij de Britse nationaliteit.

Al snel trad zijn grote wiskundige vaardigheid aan het licht. Eerst in rekenen, later ook in algebra. Op zijn zevende lukte het hem niet om een vraagstuk uit een kindertijdschrift op te lossen, totdat zijn moeder hem de suggestie aan de hand deed om de onbekende x te gebruiken. (Het probleem:in een kamer van drie bij vier ligt een vloerkleed dat de helft van het vloeroppervlak bedekt en aan alle kanten een even brede strook overlaat; wat zijn de afmetingen van het vloerkleed?).

Na de middelbare school ging Zeeman bij de RAF - hij was achttien en het was 1943 - om vliegofficier te worden. Hij werd navigator op een bommenwerper en zou in Japan worden ingezet. Op het nippertje ontsprong hij de dans. Een week voordat hij in actie zou komen viel de atoombom op Hiroshima. (Zeeman: ""Aangezien de sterftekans onder de bommenwerperbemanningen boven Japan ongeveer 60 procent bedroeg, kan ik met enig recht zeggen dat ik tot de groep mensen behoor wier leven door de Bom is gered.'')

In 1947 verruilde Zeeman de luchtmacht voor een studie theoretische natuurkunde aan Christ's College in Cambridge. Maar de toegepaste wiskunde in dat vakgebied was veel te "rommelig' naar zijn zin en hij schoof al snel op richting zuivere wiskunde. In 1954 promoveerde hij in de algebraïsche topologie van knopen. De opdracht voor het promotie-onderzoek - aantonen dat je een knoop in een bol kunt leggen in vijf dimensies - was niet vervuld, maar het onderzoek was wel nuttig voor veel andere problemen in de topologie.

Na nog vier jaar algebraïsche topologie schakelde Zeeman in 1958 over op de meetkundige toplogie, nog altijd op jacht naar een bewijs voor een knoop in een bol in vijf dimensies. De bevrijdende doorbraak kwam op een zaterdagmorgen, toen hij tot zijn verbazing ontdekte hoe hij met meetkundige middelen het tegendeel kon bewijzen: hoe je knoop in een bol in vijf dimensies kunt ontwarren. Het bewijs nam twintig pagina's in beslag, maar een dag later bedacht Zeeman, zittend op de WC, hoe hij het kon comprimeren tot luttele regels. Het resultaat verscheen in 1960 als artikel van slechts een halve pagina in het Bulletin of the American Mathematical Society. Het legde de stevige basis voor een snel groeiende reputatie als vooraanstaand meetkundig topoloog.

Die reputatie bracht hem in 1964 een hoogleraarschap aan Warwick University, alwaar hij een Mathematics Research Centre opzette, leidde en en tot bloei bracht. In 1962 bracht Zeeman een sabatical door in Parijs, in het instituut van zijn toen al vermaarde collega René Thom. Daar kwam hij, samen met onder meer de beroemde Russische wiskundige Arnol'd, in aanraking met de zogeheten singulariteitstheorie. Vijf jaar later verlegde Zeeman voor de tweede maal radicaal zijn werkterrein door zich te ontpoppen als heraut en popularisator van Thoms net ontwikkelde catastrofetheorie. In tegenstelling tot Thom legde Zeeman de nadruk op kwantitatieve toepassingen van de theorie.

In 1988 zegde Zeeman Warwick vaarwel om zich te vestigen in Oxford. Sinds dat jaar is hij ook deeltijdhoogleraar aan het Londense Gresham College, waar hij elk jaar zes (oorspronkelijke) lezingen verzorgt.

Zeeman vergaarde gedurende zijn lange loopbaan een groot aantal prijzen, eredoctoraten en andere eerbewijzen. In 1975 werd hij gekozen tot Fellow van de Royal Society, waarvan hij sinds 1990 ook vice-president is. Zeeman, die getrouwd is en zes kinderen heeft, werd in 1991 verheven tot de ridderstand.