Geen huizen, geen scholen

De oorlog was nog maar net begonnen in het Bosnische provinciestadje Mostar toen 26 meisjes van handbalclub Galeb naar Nederland vetrokken om een toernooi te spelen. De jongste was dertien de oudste twintig.

Half mei kwamen ze aan in Blokker bij Hoorn, ze werden voor de veertien dagen dat het toernooi zou duren ondergebracht bij gastgezinnen. Nu, na tien maanden zijn ze er nog. En het ziet er niet naar uit dat ze binnenkort zullen terugkeren naar het door oorlogsgeweld geteisterde Mostar. Mirella Bosnjak (19) zit in de huiskamer van de familie Lakeman, en als ze naar buiten kijkt ziet ze de mist zwaar boven de weilanden hangen. Ze probeert uit te leggen hoe dat gaat: eerst ben je een tijdelijke gast. Dan ga je wachten tot je wegkan. ""Waarom zou ik Nederlands leren, ik ging toch terug?'' Veel handbalwedstrijden spelen en veel trainen. In de kantine van de handbalclub wordt één keer per week Nederlandse les gegeven door vrijwilligers. Intussen verstrijkt de tijd en het wachten krijgt een vaste vorm. Lege dagen, verveling, ongerustheid. Al het nieuws volgen over de oorlog, piekeren over de familieleden thuis. Mirella voelde zich ellendig. Sinds januari gaat ze gelukkig naar de MTS in Hoorn. ""Ik weet niet wanneer de oorlog afgelopen is'', zegt Mirella in behoedzaam uitgesproken Nederlandse zinnen. ""Ik moet er niet de hele dag aan denken. Daarom is de school nu heel belangrijk voor mij.'' In Mostar zat ze op de technische school en afgelopen zomer zou ze haar diploma elektrotechniek halen. ""De oorlog begon op een vrijdag in april. Een grote explosie dicht bij de school. Het dak en de ramen waren kapot en er waren in de stad veel doden. Eerst moesten we binnenblijven, maar toen volgden er nog meer explosies. We werden naar huis gestuurd. Die maandag begon de oorlog echt. Niemand kon meer naar school want er vielen aldoor granaten op de stad. Elke nacht moesten we in de kelder slapen.'' Haar ouders wilden dat ze voorlopig in Blokker bleef omdat de situatie in Mostar almaar slechter en gevaarlijker werd. ""Alles is kapot'', zegt Mirella droevig, ""geen scholen meer, geen bruggen meer.'' Haar moeder en haar broertje van zeven zijn uitgeweken naar een dorp twintig kilometer verderop, ook haar oudere zusje is met de baby uit Mostar gevlucht. ""In het stadje zijn alleen nog mannen.''

Met zes andere meisjes gaat Mirella naar de MTS, die een speciaal programma voor hun heeft opgezet. Vier doen er elektrotechniek, twee werktuigbouwkunde en één meisje doet bouwkunde. Op hun lesrooster staan twee dagdelen praktijk. Daarbij speelt de taal een minder prominente rol en bovendien hebben ze in Mostar veel theorie en weinig praktische scholing gehad. Op woensdagochtend krijgt de hele groep informatica en de vrijdagochtend is gereserveerd voor Nederlandse les. Daarnaast hebben ze elke week een mentoruur met hun begeleider. Er wordt dan vooral over hun leven hier in Nederland gepraat. Over heimwee en de voortdurende angst dat er iets met hun familie zal gebeuren. ""Dit is iets wat wij concreet kunnen doen'', zegt begeleider H. Bruijn van de MTS. Hij is docent maatschappijleer en leerlingbegeleider. ""De meisjes zijn ontzettend gemotiveerd en enthousiast, ze wilden maar al te graag aan de slag.'' De school draait de extra uren pro deo, aldus Bruijn, en ook het lesmateriaal, zoals boeken en rekenmachines hoeven deze leerlingen niet te betalen. ""En mochten we extra activiteiten buiten de school gaan ondernemen, zoals excursies, dan zoeken we sponsors.'' Volgens begeleider Bruijn is dat geen enkel probleem: ""De plaatselijke Rotary-afdeling heeft al financiële ondersteuning aangeboden.''

Mirella lijkt zich aardig aan het oer-Hollandse leven in Blokker te kunnen aanpassen, ook al is haar hart in Mostar. Ze fietst in een regenpak naar school en onlangs mocht ze zelfs meemaken hoe het voelt als je fiets wordt gestolen. Minder goed kan ze wennen aan de mist en aan de gewoonte om elke dag precies om zes uur aan tafel te gaan. Maar ze heeft haar vriendinnen van de handbalclub om zich heen en dat geeft steun. Voor hen maakt het niet uit wie Kroaat is, wie Serviër en wie moslim. Ze zijn allemaal ver van huis.