Dales: geen ontslag op grond van homoseksuele relatie

DEN HAAG, 11 FEBR. Een orthodox-christelijke school mag een homoseksuele leraar niet ontslaan of afwijzen als deze een homoseksuele relatie heeft of samenwoont. “Dat mag dus niet”, aldus minister Dales (binnenlandse zaken) gistermiddag tijdens de voortzetting van het Kamerdebat over de Algemene wet gelijke behandeling. Dales is eerste ondertekenaar van de wet.

Volgens het wetsvoorstel, dat discriminatie verbiedt, mag een instelling op orthodox-christelijke grondslag een werknemer niet ontslaan op grond van “het enkele feit” van homoseksuele gerichtheid. In de eerste fase van het debat zeiden de woordvoerders van VVD, D66 en Groen Links te vrezen dat deze formulering mag worden uitgelegd als: iemand mag wel homoseksueel zijn, maar het niet in praktijk brengen. VVD-woordvoerster Rempt waarschuwde ervoor dat het wetsvoorstel kan uitlokken tot “klikken, kletsen, konkelen en koekeloeren”.

Dales maakte een einde aan de onduidelijkheid aan de "enkele feit'-discussie, die vooral ontstaan is door formuleringen in de schriftelijke voorbereiding van het wetsvoorstel. Op een vraag van Groen Links-woordvoerder Lankhorst draaide de minister van binnenlandse zaken eerdere standpuntbepalingen van het kabinet in de schriftelijke voorbereiding terug. “Indien in de schriftelijke voorbereiding nog een onvoldragen, niet gelukkig gekozen formule zou staan, die nu duidelijk verhelderd is, geldt wat nu gezegd is.” En tot VVD-woordvoerster Rempt zei Dales: “De laatste gesproken woorden gelden. Mevrouw Rempt hoeft niet bang te zijn voor meer voor discussie vatbare, eerdere uitlatingen.”

De Kamerleden Groenman (D66) en Lankhorst (Groen Links) toonden zich bij interruptie enigszins “gerustgesteld” door de uitlatingen van Dales.

De minister maakte de kleine christelijke partijen onomwonden duidelijk dat zij wel begrijpt dat zij homoseksualiteit als zonde beschouwen maar dat zij hen daarin niet kan volgen. Volgens Dales plaatsen RPF, GPV en SGP zich door hun opstelling buiten de discussie. “Dat is pijnlijk voor die partijen. Het is voor mij, als minister van binnenlandse zaken, ook pijnlijk om met enkele partijen wat dat betreft niet meer van gedachten te kunnen wisselen, want wij komen niet meer bij elkaar.”

Voor RPF-afgevaardigde Leerling was dit aanleiding om te concluderen dat “dit inderdaad een aantasting is van de godsdienstvrijheid”.

De door minister Dales gecreëerde duidelijkheid werd door minister Hirsch Ballin (justitie) weer wat gerelativeerd. Een docent mag op grond van het enkele feit dat hij homoseksueel is niet worden gediscrimineerd, maar wanneer er sprake is van bijkomende aspecten, dan kan er volgens Hirsch Ballin aanleiding zijn te veronderstellen dat de leraar niet langer binnen de christelijke school past.