Veel minder zaaddonoren na opheffing anonimiteit

UTRECHT, 10 FEBR. Het aantal spermadonoren is sterk afgenomen sinds de indiening bij het parlement van het wetsvoorstel dat de anonimiteit van donoren kan opheffen. Dit blijkt uit het rapport dat de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie en de Nederlands-Belgische Vereniging voor Kunstmatige Inseminatie gisteren aan de Tweede Kamer aanboden.

In het Rijnstateziekenheis in Arnhem is het bestand van vijftig actieve donoren vorige jaar gehalveerd doordat er in 1992 geen nieuwe donoren zijn bijgekomen. Voor de publikatie van het wetsvoorstel was er jaarlijks een aanwas van 25 donoren. Er bestaan geen landelijke cijfers over de terugloop van zaaddonoren, maar volgens gynaecoloog en hoofd van de spermabank in het ziekenhuis, M.D.Kloosterman, eveneens voorzitter van de Nederlandse Vereniging, kan de trend bij zijn spermabank landelijk worden doorgetrokken. “De overige 14 grote spermabanken in Nederland hebben aangegeven dat ook zij te kampen hebben met een grote terugloop van hun donoren.”

Beide verenigingen roepen de Tweede Kamer op hun alternatieve voorstel, dat voorziet in een donorpaspoort nog eens in overweging te nemen. Er ontstaan anders grote problemen bij de kunstmatige inseminatie. “De zaaddonoren laten het massaal afweten sinds het wetsvoorstel op tafel ligt. We hebben ook dit jaar nog niet een donor gehad”, aldus Kloosterman. Hij vreest bovendien dat echtparen massaal zullen uitwijken naar het buitenland, zoals België, waar de anonimiteit van de donor wel wettelijk is vastgelegd.

In het omstreden wetsvoorstel wordt gepleit voor de oprichting van een stichting die alle gegevens van de donor moet gaan beheren en de bevoegdheid krijgt om de identiteit van de donorvader bekend te maken aan het kind. Als het kind twaalf jaar is, kan het bij de stichting vragen om niet gebonden persoonsgegevens over zijn of haar vader als uiterlijke kenmerken en karakter. Op 16-jarige leeftijd is het kind bevoegd om te vragen wie haar of zijn vader is. Het alternatieve voorstel van beide verenigingen behelst een Paspoort dat de moeder krijgt en waarin gegevens van de vader staan als uiterlijk karakter, opleiding en beroep, zodat de vader op deze manier toch enigszins bekend wordt voor het kind.