Veel boeken, weinig lezers Bzzlletin 201/202. ...

Veel boeken, weinig lezers Bzzlletin 201/202. Bzztôh, 120 blz.ƒ15

Erg Engelse gedichten Ambit 130. 96 blz.¢85. 17 Priory Gardens, Highgate London N6 5QY. Losse nrs. bij Allert de Lange en Scheltema, Holkema & Vermeulen. Overige titels: Athenaeum Nieuwscentrum

Krakende lijken in graf Maatstaf 1993/1. De Arbeiderspers, 96 blz.ƒ17,50

Veel boeken, weinig lezers

Bzzlletin wachtte tot ná de Olympische Spelen in Barcelona en de wereldtentoonstelling in Sevilla met een themanummer over Spaanse literatuur. H.M.van den Brink verleidt de lezers in de openingsalinea's met een beschrijving van een verrukkelijke literaire lusthof: de jaarlijkse boekenbeurs tijdens de maand mei in "het mooiste park ter wereld', het Parque del Buen Retiro in Madrid. Spanje is, met zijn grote Latijnsamerikaanse achterland, 's werelds vijfde boekproducent. De afgelopen tien democratische jaren is de titelproduktie fors gestegen, maar helaas is het lezerspubliek, anders dan direkt na Franco werd verwacht, niet meegegroeid - twee van de drie Spanjaarden koopt nooit een boek. De overproduktie doet in Spanje nog meer pijn dan in Amerika en West-Europa, stelt Van den Brink bedrukt vast. Het geldt niet alleen voor het boekenvak maar voor de hele Spaanse maatschappij: “er was geïnvesteerd in idealisme en er wordt uitbetaald in realiteit”. Wie nog succes hebben in Spanje en ook gretig vertaald worden zijn volgens hem de echte "vertellers' die thriller- of documentaire-elementen gebruiken: Mendoza, Montero, Millas, Maras, Marsé, Montalbán en Landero. 1993 is in Spanje tot "het jaar van het lezen' uitgeroepen.

Ger Groot wikt en weegt aarzelend oorzaken van het opmerkelijke succes van vrouwelijke erotische auteurs in Spanje en concludeert dat de prikkellektuur inmiddels haar langste tijd gehad heeft - “met een grote vanzelfsprekendheid gleed het liberale Spanje de erotische literatuur binnen, en met een even elegante draai glijdt zij op diezelfde, gegeneraliseerde erotiek de sexuele obsessie weer uit”.

Ger Groot droeg ook een stuk bij over de schrijver Camilo José Cela ("Een berekenend non-conformist'), hij vertaalde een somber stuk over het Spaanse (regisseurs)toneel van Eduardo Haro Tecglen, en een over opiniemaker Fernando Savater, humanist maar voorstander van het stierengevecht. Aparte artikelen kregen in dit fotorijke Bzzlletin Vázquez Montalbán, Muñoz Molina, Goytisolo, Cela, Mendoza, Millás en Llamazares. Omdat iedereen de eigen auteur in een breder literair en maatschappelijk kader plaatst, dat ook al door Van den Brink geschetst was, zijn de herhalingen hier hinderlijk talrijk. Andreu van Hooft Comajuncosas keek naar de moderne Catalaanse literatuur die een kleine boom beleeft, en Johanna Vuyk-Bosdriesz naar de beroemdgeworden Baskische schrijver van Obabakoak, Bernardo Atxaga. Een op de twintig Baskisch-taligen kocht Obabakoak. Volgens de een, zo blijkt uit Van den Brinks stuk over de Spaanse boekenmarkt, zullen de regionale uitgevers zich vanzelf doodhollen, een ander ziet juist in hen een nieuwe steunpilaar voor de cultuurindustrie. Afgezien van een foto van haar beeld in Barcelona ontbreekt in dit nummer de ook in Nederland veelgeprezen en -gelezen Catalaanse schrijfster Mercè Rodoreda. Maar zij is al dood, en Bzzlletin koos nadrukkelijk voor de levende, redelijk jonge generatie.

Bzzlletin 201/202. Bzztôh, 120 blz.ƒ15

Erg Engelse gedichten

Ambit, het tijdschrift tegen Angst en ennui dat volgens zichzelf "in het ziekenfonds zou moeten zitten' is sinds kort ook verkrijgbaar in twee Amsterdamse boekhandels. Waarmee het totale aantal Engelse literaire tijdschriften in Nederland om en nabij de vijf ligt: de twee internationaal gerichte bladen Granta en Storm, Stand Magazine, London Magazine, en nu Ambit, ook uit Londen.

Ambit bestaat sinds 1959 en heeft een warme plek in het hart voor poëzie. De voornaamste concurrent op dat gebied, is het driemaandelijkse tijdschrift van de Poetry Society, de tachtigjarige Poetry Review. PR heeft meer bekende namen te bieden en is allerminst belegen of saai te noemen; Ambit trekt van buiten zijn eigen dichterskringetje zoveel mogelijk nieuwe namen aan en wil liever gedichten publiceren dan beschouwingen over de dichtkunst. En tekeningen.

“Sighing, you impale me on the rack // Is it in spite or because of that / I long to be your favourite hat?” Snibbige Auberon Waugh zou tevreden moeten zijn: in Ambit staat nog wel eens poëzie die gewoon rijmt. Ook Hilary Corke's nogal tuttige gedicht op een "Sister Punk' in het laatste nummer moet haast wel naar Waughs zin zijn: “You stuck some wires through holes made in your face / And thus you vandalised the pretty case / Life gave you to keep your essence in”.

Lang niet alle gedichten in Ambit zijn lieftallig, rijmend of braaf, maar ze wortelen allemaal wel onmiskenbaar stevig in de Engelse leefwereld. Behalve misschien Ken Smiths ongewone gedichten, die bewerkingen zijn van lesjes uit een schoolboek: “Insert commas and quotation marks (4) Two girls one of them with buckteeth and eyes as black as vest buttons the other with white skin and flesh-coloured hair like an underdeveloped photograph of a redhead came and sat beside me. (5) I said ok then I love you let's get married that was my downfall.”

De poëzierecensies in Ambit zijn talrijk, kort en uitgesproken.

Ambit 130. 96 blz.¢85. 17 Priory Gardens, Highgate London N6 5QY. Losse nrs. bij Allert de Lange en Scheltema, Holkema & Vermeulen. Overige titels: Athenaeum Nieuwscentrum

Krakende lijken in graf

De zenuwachtige, opgeklopte sfeer van Barcelona in de dagen vóór de Olympische Spelen wordt in Maatstaf opgeroepen door Arthur Japin. Met zijn literair-journalistieke verhaal "Barcelona in travestie' won hij, uit ruim 800 inzendingen, de reisverhalenwedstrijd van de NBBS en De Arbeiderspers. In het meest fascinerende stukje van zijn verhaal wordt een gestorvene begraven in een klein familiegraf waar er nog veel bij moeten, zodat het lijk maar uit de kist wordt gehaald en zo in het graf gepropt. “Wie slechts één graf kan betalen zal het met zijn familie moeten delen en inschikken. Een enkeling snikt wat en ongetwijfeld zal er iemand denken aan het platte bruine lichaam dat nu door de glanzend nieuwe kist tegen de achterwand als een harmonica wordt opgevouwen om plaats te maken voor het nageslacht. Maar niemand geeft een kik wanneer het kraakt, bezig als ze zijn uit te rekenen wie van hen straks de dode van vandaag op zijn beurt zal pletten (-). Zelfs de eeuwige rust is hier voor sommigen niet zoals hij wordt voorgespiegeld.”

Ongetwijfeld in de categorie literaire falsificaties valt de flauwekullerige persoonsbeschrijving van "F.F. Foelkel' achterin Maatstaf: “Frithjof Foelkel (1945) groeide op in de bossen. Studeerde theoretische fysica. Publiceerde eerder in Hollands Maandblad. Werkt aan een roman.” Een idee van de auteur zelf? Of is Maatstaf bang voor ruzie met de directie van De Arbeiderspers, zoals Holland Maandblads redacteur K.L.Poll die kreeg met de bazen van Meulenhoff toen hij ondanks alle ergernis de klierige jonge mannen F.A. Muller, Henkes en Bindervoet bleef publiceren? Foelkels bijdrage, "Unger', is overigens dermate onsamenhangend, gewild en onbevredigend dat Maatstaf vast niet bij de auteur zal bedelen om meer.

Marc Kregting (1965) opent dit nummer met een stuk over proza en poëzie van Joost Zwagerman wiens roman Vals licht in verfilming vorige week in première ging. “Er zou een paragraaf van een literatuurgeschiedenis te maken zijn aan de hand van de reeks De dokter en het lichte meisje - Advocaat van de hanen - Vals licht.”

Verder: Klaus Zickhardt over de "Muttersuche' bij Kafka, herinneringen van de middelste dochter van André Jolles, en Adri Boon over de Catalaan Josep Pla - “Onder literair leven versta ik: lezen.”

Maatstaf 1993/1. De Arbeiderspers, 96 blz.ƒ17,50