Opluchting bij Boelwerf na overname door Begemann

TEMSE, 9 FEBR. De wisseling van de wacht heeft plaats in het donker. Zo'n dertig arbeiders - nog in euforische stemming over het bereikte onderhandelingsresultaat en de zes vaten gratis bier die daarop volgden in café De Kop op het marktplein van Temse - staan om negen uur 's avonds aan de met betonblokken gebarricadeerde hoofdingang van de Boelwerf te wachten totdat ze naar binnen kunnen.

Een enkeling heeft nog een groene-rode vakbondsshawl om de nek geknoopt, ten teken dat de socialistische vakbond (AVBB) en de christelijk vakbond (ACV) nog steeds solidair met elkaar zijn. En strijdbaar en waakzaam voor het geval de nieuwe eigenaar J. van den Nieuwenhuyzen van Begemann het personeelsbestand in de toekomst verder willen inkrimpen.

De bezetting van de in november failliet verklaarde scheepswerf bij Antwerpen door de Boelwerkers gaat gewoon door. Elke dag in shifts van acht uur wisselen drie bewakingsploegen elkaar af. Niemand mag zonder hun toestemming het terrein op voordat het reddingsplan wordt goedgekeurd door de Vlaamse rechtbank van Koophandel. Volgens het plan kunnen 1.310 van de ruim 1.800 werknemers hun baan kunnen houden en 440 werknemers krijgen een "brugpensioen', waarschijnlijk op 15 februari.

Maar er kan nog een kink in de kabel komen als er nog crediteuren zijn die aanspraak willen maken op de failliete boedel van de werf. Al lijkt dat niet erg waarschijnlijk, omdat de Vlaamse overheid zelf de grootste schuldeiser is en die toonde zich gisterenmiddag bij monde van minister-president L. van den Brande zeer coöperatief. De Vlaamse regering zal de komende twintig jaar 16 miljard Belgische franc in de nieuw op te richten Boelwerf Vlaanderen investeren, waarin het Nederlandse Begemann een aandeel krijgt van 51 procent. Bovendien neemt de overheid de brugpensioenen van de werknemers die de leeftijdsgrens van 48 hebben gepasseerd voor haar rekening. De kosten hiervoor bedragen 2,2 miljard franc.

Zelf behoudt de Vlaamse regering via de investeringsmaatschappij Gimvindus een aandeel van 49 procent in de nieuwe vennootschap Boelwerf Vlaanderen. Gimvindus en Begemann nemen naar rato de activa van de failliete werf over voor 1 miljard franc (55 miljoen gulden) en stellen tevens een investeringsbedrag ter beschikking van 2 miljard franc voor de komende vijf jaar.

Het reddingsplan is gisteren rond het middag uur met open armen ontvangen door de werkloze Boelwerkers, die momenteel van een uitkering moeten leven die ongeveer zestig procent van hun laatst verdiende loon bedraagt. Nu kunnen zij over enkele weken, als alles goed gaat, weer aan de slag voor een salaris dat niet afwijkt van hun oude CAO.

Drie verlofdagen en een toekomstige loonsverhoging van 7 procent hebben ze moeten inleveren op bij hun nieuwe baas Begemann te kunnen werken. Daarmee is de grootste druk van de ketel. “Maar dat is nog geen reden om onvoorzichtig te worden”, zegt actieleider Réne Stroobant van ABVV, terwijl hij op het raam van één van de vier hel verlichte bewakingsposten tikt. Binnen spreekt hij het groepje mannen een bemoedigend woordje toe om de stemming erin te houden. Hun nacht zal tot vijf uur in de morgen duren. Dan staat de ochtendploeg weer voor het hek klaar om de bewakening van de werf over te nemen.

Sinds september vorig jaar, nadat het bedrijf in in surcéance van betaling raakte, zijn de toegangswegen tot het terrein gebarricadeerd. De Boelwerkers zelf hebben stalen staven, rookpotten en grote metalen bouten en moeren binnen handbereik. Noch de aangestelde curatoren, noch het kaderpersoneel, noch de Rijkswacht durfde de afgelopen vijf maanden het bastion te betreden. Geen van deze partijen heeft nadien dan ook de Boelwerf nog van binnen kunnen aanschouwen. “Zou er onze in ogen geen passend reddingsplan zijn opgesteld, dan zou de Boelwerf en de zeven half afgebouwde schepen er waarschijnlijk nooit meer hetzelfde hebben uitgezien”, weet Stroobant.

De nachtploeg, die met kaartspelletjes de nacht door komen, is content met de komst van "redder in nood' Begemann. De naam Van den Nieuwenhuyzen kennen ze eigenlijk pas sinds kort. “Maakt niet uit, tenslotte kent hij ons ook nog niet.”, zegt één van de kaartspelers terwijl de minuten langzaam wegtikken en de nacht voorbij kruipt. Nog zes uur te gaan.