Ons produkt is te mooi, hoe kan dit? Boodschap van de bewindvoerders verbijstert personeel van DAF

EINDHOVEN, 9 FEBR. De boodschap is hard en onaangenaam. De helft van de werkgelegenheid bij DAF in Eindhoven en België zal verloren gaan. Geld voor een sociaal plan is er niet, ook niet voor aanvullingen op WAO- of andere uitkeringen. Zelfs een deel van de winstdelingspaarregeling van de werknemers is vermoedelijk in de bodemloze put van DAF-oude stijl verdwenen.

“We kunnen het niet mooier maken dan het is. We moeten afgaan op wat qua financiering haalbaar is.” DAF-bewindvoerder mr Friso Meeter treedt in de Eindhovense stadsschouwburg zo'n 1000 vakbondsleden van DAF met open vizier tegemoet. De aanwezigen horen het als verdoofd aan. Het lijkt wel of het rampnieuws - nu het hun keihard verteld wordt - pas echt tot hen doordringt. Als iemand vraagt hoe de beide bewindvoerder denken met circa 2500 werknemers een complete zelfstandige vrachtwagenproducent uit de puinhopen van DAf te laten redden, is Meeters antwoord even simpel als hard: “Als ons plan niet lukt is er ook geen onzelfstandig DAF”.

Samen met collega mr A. Deterink staat Meeter voor de ondankbare taak om het DAF-personeel het onheilsnieuws te verkondigen. Slecht nieuws had iedereen al maandenlang zien aankomen, maar dat zo diep in hun bedrijf en bestaan zou worden ingegrepen verbijstert de aanwezigen.

Voor ruim de helft van de 5250 DAF-werknemers zal in Eindhoven straks geen werk meer zijn en in het Vlaamse Westerlo gaat ook de helft van de 1500 personeelsleden eruit. Er komt een nieuwe DAF - althans als de bewindvoerders erin slagen financiers voor hun plan te vinden. Daarover - en dat is dan de enige optimistische noot tijdens de tweeënhalf uur durende bijeenkomst - zijn Meeter en Deterink vol vertrouwen. Tegenover de pers is Meeter later zeer stellig: “Ik zeg u dat er over drie weken een nieuwe DAF is.” In dat nieuwe bedrijf is vooralsnog alleen de ontwikkeling, produktie en verkoop van zware trucks voorzien. Voor meer is geen geld.

Haast is geboden - “de tijd is onze grootste vijand” - want de financiële polstok is niet langer. Over drie weken is het geld van het boedelkrediet op dat banken en minister Andriessen van economische zaken hebben verstrekt. Bovendien moet met het oog op het vertrouwen van de markt de onzekerheid zo spoedig mogelijk worden beëindigd.

Het nieuwe DAF moet zodanig worden opgetuigd dat het levensvatbaar is. Alle verplichtingen van het oude DAF-concern - bij voorbeeld die tot het suppleren van WAO of andere uitkeringen zullen in principe niet worden nagekomen. “Zij worden op korte termijn gestaakt”, onthult bewindvoerder Meeter. “ Dat is gewoon diefstal”, roept ergens eindelijk wakker geworden een werknemer in de zaal. Meeter - gepokt en gemazeld in surséances als die van RSV - zegt zonder emotie: “ De pot is apert onvoldoende om aan alle verplichtingen te voldoen. Iedereen zal tekortkomen. Het nieuwe DAF zal zodanig in elkaar worden gezet dat het een levensvatbaar geheel is. Dat is nu eenmaal de situatie in het bedrijf.”

De vakbonden kunnen hun leden nauwelijks troost bieden. Bestuurder F. Koolen van de Industriebond FNV zegt dapper: “We laten ons niet uit het veld slaan en we leggen ons niet bij voorbaat bij het massa-ontslag neer. We zullen knokken voor iedere baan die het waard is behouden te worden en voor zoveel mogelijk opvang voor degenen die hun baan verliezen.”

Morgenmiddag is een grote demonstratie gepland. Dan trekt een stoet van trucks op naar het stadhuis van Eindhoven. Als het nodig is zullen de bonden hun leden oproepen tot verdergaande actie om de banken en de andere financiers onder druk te zetten om geld te steken in het nieuwe DAF.

De bonden willen de pijn van de ontslagen zien te verzachten door overleg met het regionaal bureau arbeidsvoorziening en de gemeente. Zij willen een banenpool en (her)scholingsmaatregelen en ze overwegen bij Sociale Zaken aan te kloppen om te pleiten voor een benutten van WW-geld voor het scheppen van nieuwe banen. Maar ook Koolen beseft dat “het verrekte moeilijk zal zijn er nog iets van te maken, omdat het geld niet voor het oprapen ligt.”

Na een korte pauze is de schrik bij sommigen wat gezakt. Meteen volgt de kritiek, op de raad van bestuur, op de raad van commissarissen. Wie zijn de schuldigen? Waarom zijn we zo slecht geïnformeerd, moesten we steeds alles in de krant lezen? Kunnen de grote winsten die bestuursleden enkele jaren geleden maakten op hun aandelenopties niet worden teruggevorderd?

Echt bevredigende antwoorden komen er niet, noch van de bewindvoerders noch van de vakbondsbestuurders. “De vakbonden moeten de schuldigen voor dit drama boven water halen en aan het kruis nagelen. Het hoeft niet meteen, als het maar ooit gebeurt”, roept iemand.

Bezorgd vragen werknemers zich af of het nieuwe DAF zelf blijft ontwikkelen. Als bewindvoerder Deterink opmerkt dat “de keuzes worden gemaakt door de toekomstige financiers en deskundigen” en dat het ontwikkelen van trucks ook in samenwerking met anderen kan gebeuren roept iemand meteen: “Dat is dus de Nedcar-constructie. Worden we een schroevedraaierfabriek of niet?”

Onbegrip blijft bij de meesten de boventoon voeren. “Ons produkt is te mooi om in de kast te zetten. Hoe kon dit gebeuren? Er was toch een reddingsplan, was dat dan natte vingerwerk?” Bewindvoerder Deterink: “Dat was een goed uitgewerkt plan, maar niet financierbaar. Alles moet nu veel bescheidener, veel realistischer. Daarom moet er zo rigoureaus worden gesneden.”