Kok: boren op Wadden niet taboe

GRONINGEN, 9 FEBR. Vice-premier Kok vindt dat er “niet op voorhand een taboe mag rusten op aardgasboringen in de Waddenzee”. “De economische en de milieu-aspecten moeten de komende tijd naast elkaar worden gelegd, eventuele nieuwe methoden van boren dienen nader te worden onderzocht, waarna het tot een open en reële afweging moet komen”, aldus de minister gisteravond op een PvdA-bijeenkomst in Groningen.

Kok voegde eraan toe dat als er “reële twijfel” bestaat of de aardgaswinning wel zonder milieuschade kan worden uitgevoerd “men zich in verband met de onvervangbare kwaliteit van het Wad geen gokjes kan permitteren”. Eerder op de dag had hij in een gesprek met vertegenwoordigers van een aantal instellingen en bedrijven in Groningen gezegd dat hij "persoonlijk' het Wad zo uniek vond, dat hij voorstander was van voortzetting van het geldende moratorium op aardgaswinning in het gebied.

In zijn toespraak voor een volle zaal met ongeveer vierhonderd mensen zei de vice-premier dat tien jaar geleden met de concessiehouders van aardgaswinning in het Wad, NAM, Elf-Petroland en Mobil, een vrijwillig moratorium werd afgesproken, ondanks de eeuwigdurende concessie die ze eerder hadden verkregen. Dat moratorium loopt 10 januari 1994 af. “Wij kunnen niet op de knop drukken en de oliemaatschappijen verordonneren het moratorium op aardgasboringen te verlengen. Want ze zullen niet afzien van de juridische mogelijkheden tot het indienen van schadeclaims.”

Pag.3: PvdA en D66 kritisch over boren in Wad

De PvdA staat evenals D66 zeer kritisch tegenover boringen in de Waddenzee. Het CDA is in beginsel voor, maar laat de beslissing afhangen van de maatregelen die de oliemaatschappijen nemen om het milieu te beschermen. Ook de VVD is voor exploitatie van de gasreserves in de Waddenzee.

Volgens de Nogepa, de organisatie van Nederlandse oliemaatschappijen, kunnen die schadeclaims in de miljarden lopen. Maar secretaris-generaal Jean Mathey van de Nogepa zegt dat claims pas aan de orde komen in “een uiterste positie” van de olieconcerns, als de regering het boren zou verbieden. Mathey verwacht ook claims als de toestemming voor exploratieboringen zou worden uitgesteld: een verlenging van het moratorium dus, omdat de maatschappijen dan ook inkomsten waarop ze rekenen moeten uitstellen. De beslissing over en de berekening van de claims is een zaak van de maatschappijen zelf, onderstreept Mathey.

Minister Andriessen ontkende zaterdag dat het kabinet een voorkeur had uitgesproken voor verlenging van het moratorium. Maar een woordvoerster van het ministerie van VROM zei vanmorgen dat verlenging wel het uitgangspunt is. De opvattingen van Kok zijn volgens haar niet in strijd met de beslissing van het kabinet.