Onrust aan de IJ-oevers

Het is een tochtige strook van enkele kilometers langs het grauwe water van het IJ. Oude opslagloodsen met exotische namen herinneren aan de tijd van voor de verhuizing van de havens naar de westelijke kant van de stad. Verder wordt het beeld bepaald door het bekende stedelijke wasteland: rangeerterreinen voor het spoor, braakliggende modderpoelen, uitvalswegen naar de ringweg rond de stad en hier en daar een junk.

De IJ-oevers. Als het aan het huidige gemeentebestuur ligt moet aan de noordzijde van het historisch centrum een omvangrijk nieuw stadsdeel verrijzen. De contouren werden vorige zomer geschetst door een groep architecten onder leiding van Rem Koolhaas. Opdrachtgever Amsterdam Waterfront financieringsmaatschappij, waar de gemeente voor de helft in participeert, voorziet aan de oevers van het IJ ondermeer een kantooreiland, een park, duurdere woningen, winkels, bioscopen en een knooppunt van metro-verbindingen. Uitvoering van het miljarden-project zal tientallen jaren in beslag nemen en moet het aangezicht, de sociologie en economie van de Amsterdamse binnenstad grondig renoveren.

Het Amsterdamse gemeentebestuur heeft samen met de financiële kolos Internationale Nederlanden Groep besloten de plannen voor de IJ-oevers uit te werken. Daartoe werd twee jaar geleden de AWF opgericht, een onafhankelijke vennootschap waarin beide partijen voor zes miljoen gulden deelnamen. Volgende maand presenteert de AWF zijn definitieve ondernemingsplan, waarin behalve een stedebouwkundig concept ook een rapportage van de te verwachten economische effecten en een financieringsvoorstel zijn vervat.

Aan de vooravond van de presentatie gonst het van de geruchten. Want het gaat niet goed in de vastgoedmarkt, zeker niet wat de afzet van kantoorgebouwen betreft. En hoewel van de zijde van Internationale Nederlanden al geruime tijd een hardnekkige radiostilte in acht wordt genomen, zal de huidige malaise de bereidheid tot het nemen van financiële risico's er niet groter op hebben gemaakt. Dat geeft AWF-aandeelhouder ING een stevige onderhandelingspositie tegenover de publieke partners: meer dan ooit moet de overheid het voortouw nemen bij de eerste investeringen.

Het Rijk heeft tot dusver 1,4 miljard gulden toegezegd, maar nu al blijkt dat dit slechts grofweg eenderde is van wat zoal opgaat aan de infrastructuur. Morgen presenteert een delegatie van de AWF, de burgemeester en twee wethouders in het gezelschap van architect Koolhaas de plannen aan een zware kabinetsdelegatie onder leiding van Kok en Lubbers. Woordvoerders onderstrepen het informele karakter van de bijeenkomst, maar niettemin zal de gelegenheid worden aangegrepen weer een balletje op te werpen over het gat in de begroting.

Niet alleen de vastgoedmarkt is omgeslagen. Bij het door schandalen geplaagde ING moesten kort na elkaar de topmannen Scherphuijsen Rom en Soetekouw het veld ruimen. Uitgerekend de twee bestuursleden die zich vanaf het begin met enig enthousiasme met het IJ-oever-project hebben bemoeid.

En dan is er nog de getemperde geestdrift van het gemeentebestuur zelf. De afgelopen anderhalf jaar bleek de AWF als privaat-publiekelijk samenwerking zich steeds meer te ontwikkelen tot een verlengstuk van het private deel van de geldschieters. Bovendien houdt de AWF in grote lijnen vast aan de eerder gepresenteerde plannen van Koolhaas en die wijken grondig af van de uitgangspunten die de gemeente zelf vaststelde.

Bij alle partijen bestaat derhalve een zekere terughoudendheid om zich nu al voor decennia te binden aan een "masterplan'. Het hele project wordt dan ook naar alle waarschijnlijkheid opgedeeld in afzonderlijke partjes die over een lange periode worden uitgesmeerd. Dat is overzichtelijker voor zowel de gemeente als mogelijke geldschieters. Het allesomvattende IJ-oever project is daarmee van de baan. Wat blijft is een goede aanleiding voor het verbeteren van de metro-infrastructuur in en rond Amsterdam.