Miljardenclaims bij verbod op boren gas in Waddenzee

ROTTERDAM, 8 FEBR. De Nederlandse staat kan claims van de oliemaatschappijen verwachten die in de miljarden guldens lopen wanneer het kabinet niet toestaat dat er vanaf volgend jaar in de Waddenzee wordt geboord naar aardgas. Dit zegt secretaris-generaal Jean Mathey van Nogepa, de organisatie van Nederlandse oliemaatschappijen.

Onder de Waddenzee zit volgens gegevens uit geologisch en seismisch onderzoek een reserve van 100 tot 200 miljard kubieke meter aardgas. Het staatsaandeel uit de opbrengst beloopt 10 tot 20 miljard gulden.

Mathey verwacht dat het overleg over de Waddenzee tussen ambtenaren van de betrokken ministeries en de oliemaatschappijen over enkele weken begint. Minister Alders (milieu) zei op 21 januari, bij de presentatie van het kabinetsstandpunt over een nieuwe Planologische Kernbeslissing voor de Waddenzee, dat het kabinet met de oliemaatschappijen wil overleggen over een voortzetting van het moratorium op exploratieboringen en winning van aardgas in de Waddenzee. Dat moratorium is in 1984 voor een periode van tien jaar overeengekomen.

De olieconcerns eisen nu hun recht op om vanaf 1 januari 1994 van eerder verleende boorconcessies gebruik te maken. Ze garanderen dat ze de Waddenzee niet zullen vervuilen. De meeste boringen zullen overigens vanaf het vasteland worden verricht en vanaf de Waddeneilanden.

Zaterdag zei minister Andriessen (economische zaken) voor de Tros-microfoon dat het kabinet nog geen ander standpunt heeft dan dat nu de belangen van natuur en milieu tegen die van de concerns en de staatsinkomsten moeten worden afgewogen. “Je kunt wel zeggen: ik wil dat (moratorium, red.) voortzetten, maar als er aan de andere kant van de tafel iemand zit die iets wil, dan kun je dat niet.” Hij vergeleek de rechten van de concerns met het recht van de bewoner op zijn huis. “Als wij als staat zouden zeggen: u mag uw huis niet meer in, dan moeten we daar een schadevergoeding voor geven.”