Fracties willen doelmatiger aanpak fraude

DEN HAAG, 8 FEBR. CDA, PvdA, VVD en D66 hebben vandaag in de Tweede Kamer bij het kabinet aangedrongen op een doelmatiger aanpak van fiscale en sociale fraude. De maatregelen die het kabinet tot nu toe heeft aangekondigd, vinden de fracties te weinig concreet.

CDA en PvdA vinden weliswaar dat de werkdruk bij Justitie moet worden ontzien door kleinere fraudezaken niet via de rechtbank af te handelen, maar dat er anderzijds bij het openbaar ministerie en onder rechters meer fraudespecialisten moeten komen. Het Kamerlid Vermeend (PvdA) pleitte ervoor meer fraudezaken via administratieve boetes af te doen. Via het strafrecht lopen sancties volgens hem traag en ze zijn vaak niet zwaar genoeg. In veel gevallen is de administratieve boete die bijvoorbeeld de belastingdienst kan opleggen hoger dan de straf die een rechter uitdeelt, aldus Vermeend.

Maar ook wilde de PvdA'er een ander personeelsbeleid bij het openbaar ministerie. Een fraude-officier van Justitie bekleedt die functie in het algemeen drie jaar, aldus Vermeend. “Als je echt carrière wil maken bij het openbaar ministerie, moet je niet in de fraudebestrijding gaan”, stelde hij vast. Bij het openbaar ministerie zouden daarentegen juist topfraudebestrijders moeten komen en een topprocureur voor fraudebestrijding. “Er gaat nu te veel kennis verloren”, zei Vermeend.

Vreugdenhil (CDA) pleitte voor speciale frauderechters. Elk hof zou over zo'n rechter moeten beschikken, meende hij. Ook stelde hij dat zwaardere vormen van fraude eerder met gevangenisstraf dan met geldboetes moeten worden bestraft, “want dat is voor de mensen waar het hier om gaat afschrikwekkender”.

Zowel de vertegenwoordigers van PvdA en CDA, als VVD'er Van Hoof zeiden vandaag dat opsporingsinstanties en andere organisaties die met fraude te maken hebben, beter moeten samenwerken. Volgens Vermeend zijn er te veel opsporingsdiensten. Door integratie van werkzaamheden kan een groot aantal verdwijnen, meende hij. Hij vindt dat vooral de bedrijfsverenigingen (de organisaties van werkgevers en werknemers) te laks hebben gereageerd op fraude.“Ze zijn verplicht fraude aan te pakken, maar daar zijn ze erg laat achter gekomen.”

Behalve door betere samenwerking moet de doelmatigheid worden verbeterd door het stichten van een centrale informatiebank, aldus Vreugdenhil. “Heeft mijnheer een tweede auto, een tweede huis, een grote boot en een WAO-uitkering? Dat moet je daar kunnen zien”, zei de CDA'er. Dat heeft volgens hem niets met "big brother' te maken: de gegevens zijn al niet privé; ze zijn alleen niet samenhangend gerangschikt. Net als de VVD drong de CDA'er aan op een verdere uitbreiding van het aantal sociaal rechercheurs.