ECU en EQU

Volgens het hoofdartikel in NRC Handelsblad 1 februari is het voortbestaan van de EG in gevaar als de poging tot monetaire eenwording schipbreuk lijdt en kunnen landen in een open handelsblok niet met wisselkoersen gaan stunten om hun concurrentiepositie te verbeteren.

Het alternatief is echter niet minder riskant. Indien de lidstaten niet meer over eigen monetaire beleidsinstrumenten beschikken gaan zij andere middelen zoeken. Meer dan nu zullen zij manipuleren met onder meer de belastingen, grondprijzen, ontwikkelingscredieten en het gedrag van staatsbedrijven; zij zullen ook controles op de naleving van EG-directieven achterwege laten en niet ingrijpen bij blokkades van het vervoer. Dat kan de Commissie van de EG niet aan tenzij het ambtelijk apparaat in Brussel tien maal zo groot wordt, liefst met een supranationale gendarmerie erbij. Dat zal natuurlijk niet gebeuren. Nu al heeft de Commissie een eenvoudige taak van toezicht niet kunnen volbrengen: Italië kon het zich veroorloven zeven jaar lang ongestraft de verplichte melk-quotering niet in te voeren, hetgeen minister-president Lubbers in het openbaar schandelijk heeft genoemd.

Tegenover de weinig doorzichtige niet-monetaire manipulaties van de overheden ter wille van de concurrentiepositie staat het bedrijfsleven nog veel meer machteloos dan tegenover de openbare wijzigingen van de wisselkoersen, die men vaak kan zien aankomen en waartegen men zich soms kan indekken op de termijnmarkt. Die alternatieve, niet-monetaire beleidsinstrumenten van de lid-staten zullen ook aanzienlijke politieke fricties teweegbrengen in de EG - meer dan nu zal "schandelijk' worden geroepen. Met die ECU van de monetaire eenwording komen we terecht in de EQU (van "l'Europe des Querelles', het Europa van de ruzies).