De WAO en het volgende kabinet

De WAO is afgedaan, of zoals dat tegenwoordig heet: het dossier is gesloten.

Waar het de immer in beeldspraak grossierende politici nu louter om te doen is, is de vraag hoe diep de wond is die het WAO-debat heeft veroorzaakt. Anders gezegd: wat betekent het voor toekomstige coalitievorming? De commentatoren zijn niet eenduidig in hun analyses. In de ene krant wordt beweerd dat het voortijdig afgebroken liefdesspel tussen Bolkestein en Brinkman de basis heeft gelegd voor een hernieuwde samenwerking tussen VVD en CDA. Voorwaarde van de kant van de VVD daarbij is wel dat de boze stiefmoeder Lubbers vertrekt, maar die heeft dat al reeds besloten.

Een andere theorie die met evenveel stelligheid viel te lezen, maar dan in andere kranten, is dat het overspel van Brinkman juist de deur naar de paarse coalitie heeft opengezet. Want, had het CDA zich hiermee niet weer eens van zijn onbetrouwbaarste kant laten zien? PvdA en VVD, beide slachtoffers van dit gedrag, zouden in elkaars armen zijn gejaagd, door Van Mierlo worden opgevangen en eindelijk de gedroomde coalitie zonder het CDA kunnen aangaan.

Leuk al die theorieën, maar wat zeggen de politici? Niets. “Het staat op voorhand niet vast met wie wij na de verkiezingen zouden willen samenwerken”, zei het VVD-Kamerlid Linschoten afgelopen zaterdag in deze krant. En hoe denkt PvdA-fractievoorzitter Wöltgens erover. In het PvdA-ledenblad "Pro' zegt hij: “Wat er hierna voor kabinet moet komen is aan de kiezers om te beoordelen. Laat zij maar duidelijk maken welke partijen zij in een volgend kabinet willen”.

Er zijn twee mogelijkheden: òf Wöltgens weet meer en er zijn ingrijpende staatsrechtelijke hervormingen op komst òf hij praat onzin. Want wat een kiezer misschien ook duidelijk kan maken, juist niet wat voor een kabinet hij wil. Dat bepalen de deelnemers aan het formatiespel als de verkiezingen zijn geweest. Een exclusief spel, zoals de geschiedenis heeft bewezen. (MK)