Nordholt: "Het gaat echt mis. Dat meen ik'

AMSTERDAM, 6 FEBR. “Leuterkonten.” De Amsterdamse hoofdcommissaris van politie E. Nordholt ontploft. “Rapporten, overleggen, task-forces, gespreksgroepen. Dat noem je toch niet iets dóén?”

In een aantal venijnige reacties bekritiseerden woordvoerders van PvdA, CDA en VVD gisteren in deze krant de wijze waarop de Amsterdamse hoofdcommissaris eerder deze week aandacht vroeg voor het probleem van de toenemende criminaliteit onder allochtone jongeren in de hoofdstad. "We hebben de boodschap nu wel begrepen', was de teneur. De hoofdcommissaris moet niet zeuren, we zijn er allang mee bezig. Schoenmaker hou je bij je leest.

“Het gaat hier om een levensgroot probleem. Het gaat echt mis. Dat meen ik. Maar men dwingt mij nu in een rol waarin ik mezelf moet verdedigen. Dat vind ik schandelijk. Ik ben hier echt verschrikkelijk boos over”, is de eerste, emotionele reactie van Nordholt.

Later, tijdens het gesprek tussen de houten wanden van zijn kantoor op het hoofdbureau van politie, zit de hoofdcommissaris weer in de plooi. Hij glimlacht: “De Haagse politici reageren uit pure onmacht. Wat ik aan de orde stel is niet hun onbekendheid met het probleem. Ik ga er inderdaad vanuit dat de heren en dames dat inmiddels wel kennen. Daarin vergissen ze zich dus. Wat ik aan de orde stel is hun onvermogen om resultaten te boeken. Ze verwijzen naar rapporten. En ze denken dat het resultaten zijn. Al die rapporten en praatgroepen ken ik ook. Maar daarmee is er feitelijk nog geen werk, geen scholing en geen huisvesting voor al die jongeren die nu afglijden.”

Er gebeurt wel degelijk iets, werpen de politici tegen. Er is geld uitgetrokken, er zijn plannen. In november vorig jaar presenteerde een gemengde werkgroep van ambtenaren uit de Antillen en Nederland - de zogeheten "task force' - een rapport met voorstellen voor scholing en werkgelegenheidsprojecten.

Gelooft de hoofdcommissaris daar dan niet in? Nordholt leunt achterover: “Ik was in november zelf op Curaçao. Ik heb met de mensen van de task-force gepraat. Er is mij gevraagd of ik samen met mijn collega Hessing uit Rotterdam adviseur wil worden. Dat heb ik geaccepteerd.”

Pag 3: "Politiek laat dingen uit de hand lopen'

De vice-voorzitter van de werkgroep heeft de Nederlandse leden van de task-force verzocht zich met ons in verbinding te stellen. Noch Hessing noch ik hebben ooit iets gehoord. Dus ik ken de task-force, ik ken plannen. We hebben in Nederland hele graansilo's vol plannen. Maar ik geloof pas in plannen als ik de feitelijke resultaten zie voor die jongeren waar het om gaat. Waaraan moet ik anders zien of het helpt? Het feit dat er geld is uitgetrokken wil nog niet zeggen dat men resultaten boekt.

Den Haag is geïrriteerd. “Een politieman moet zijn plaats kennen”, zegt CDA-Kamerlid Krajenbrink. “Hij kan zijn energie beter steken in zijn eigen politieapparaat”, zegt de PvdA-er Apostolou. Het Tweede Kamerlid Van der Heijden hekelt in de laatste CDA-krant de "media-shows' van de politiecommissarisen van de twee grote steden. “Recht voor zijn raap de vloer aanvegen met de politiek doet het wel lekker in dit land. Maar op den duur loopt het spaak”, stelt Van der Heijden. Het lijkt een regelrecht dreigement. Wat bezielt deze politiechef, om elke keer weer op de zere tenen van de politiek te gaan staan? Voelt hij zich Cassandra, de onheilsprofetes wiens raadgevingen in de wind worden geslagen? Loopt hij niet het gevaar niet serieus meer te worden genomen?

“Ik heb niet het gevoel dat ik niet serieus wordt genomen. Anders zouden ze niet zo als door een wesp gestoken reageren. Het gaat die mannen helemaal niet om wát ik zeg, maar dát ik het zeg. Wat ik wil bereiken is resultaten. Zo eenvoudig is het. De politici komen hier kijken. Krajenbrink loopt met een bezorgd gezicht in Kraainest rond. En ik denk ook niet dat dit onwaarachtig is. Maar de problemen in de grote steden verergeren dag voor dag. En wanneer meneer Apostolou, als vertegenwoordiger van de PvdA zegt: laat die man niet zeuren en zijn werk doen. Dan vind ik dat getuigen van een volstrekt onbegrip van dit maatschappelijk probleem. Ik kom dat vaker bij PvdA-leden tegen. Het laat zien dat je helemaal niet meer weet wat er aan de hand is. De politiek laat de dingen vreselijk uit de hand lopen. De politie attendeert hen erop- want dat hebben we dan toch bereikt. Dan denken ze dat met een voorstel en geld het hele probleem is opgelost.”

Nordholt vindt dat er in Den Haag veel te voorzichtig met de Antillen wordt omgesprongen. “Een voorzichtheid die wellicht voortkomt uit een onverwerkt schuldbesef denk ik”. Er zou veel meer politieke druk uitgeoefend moeten worden, zodat ook daar de goede bedoelingen in resultaten worden omgezet. “Maar ik kan slechts constateren dat het de jeugd steeds slechter gaat.”

Niet alleen vanuit de politiek, maar ook vanuit de Antilliaanse en de Surinaamse gemeenschap is heftig gereageerd op de uitspraken van Nordholt. “We worden absoluut niet serieus genomen”, luidt de klacht van de jongerenwerkers en de vrijwilligers in het enige Antilliaanse jongerencentrum dat sinds kort in de Bijlmer is geopend. Een ruimte van tien bij tien in het donkere onderaardse van Kraainest. Alle plannen gaan over en langs ons heen, zeggen de werkers. Onze eigen voorstellen worden niet gehoord. En nu komt Nordholt ook nog eens onze hele bevolkingsgroep criminaliseren. Bereikt hij zo geen tegengesteld resultaat?

“Ik denk inderdaad dat je de problemen alleen oplost als de hele Antilliaanse gemeenschap erbij wordt betrokken. Eigenlijk ligt de verantwoordelijkheid hiervoor bij de gemeente en de deelraad. Toch zal ik u als hoofdcommissaris van deze stad zeggen dat we het probleem samen met deze mensen gaan aanpakken. Dat doen we nu in bepaalde wijken ook met Turkse en Marokkaanse mensen. Ik stel mezelf de vraag al niet meer waarom we als politie - als boevenvangers eigenlijk - het voortouw moeten nemen bij dit soort zaken. Maar we doen het en we zullen zeer binnenkort een aantal mensen bijeenroepen. Mensen die geen boeken en rapporten schrijven. Maar daadwerkelijk binnen die gemeenschap iets kunnen doen.”

Meneer Nordholt. Waarom veroorzaakt u toch steeds voor zoveel commotie? “Ik denk dat ze hun probleem met hun eigen falen Freudiaans op mij projecteren. Het in beweging krijgen van een politicus is al heel moeilijk. Maar dat is gelukt. Het kost me veel energie en ook veel emotie. De problemen waar we het over hebben raken mij diep. Als het nu eens tot resultaten zou leiden. Dan mogen ze wat mij betreft eeuwig op me blijven mopperen.”