Cyprus stemt maar over één zaak; Verkiezingen beheerst door VN-plan over deling eiland

NICOSIA, 6 FEBR. “Dit dreigen de laatste Grieks-Cyprische verkiezingen te worden. Laat onze generatie niet de laatste generatie Grieks-Cyprioten zijn, de verdoemde generatie.” Dr. Vasos Lyssaridis spreekt, ooit lijfarts van president Makarios, leider van de Socialistische Partij en oud-voorzitter van het Cyprische parlement. Naast hem staat de volgende spreker, de voormalige president van Cyprus George Kyprianou, leider van de Democratische Partij. Samen propageren zij als kandidaat voor de presidentsverkiezingen van 7 en 14 februari een oud-medewerker van Makarios, de 66-jarige Paschalis Paschalidis, op een "Front van Strijdbare Krachten'.

Paschalidis is, zo roepen zij, voor "het Griekse hellenisme', de laatste kans om te verhinderen dat er een oplossing komt op basis van het pakket ideeën van VN-secretaris-generaal Boutros Boutros-Ghali, die onvermijdelijk zullen leiden tot “verturksing van het eiland”. Dit pakket, nogal dichterlijk “boeket” genoemd, heeft de afgelopen verkiezingscampagne, voornamelijk op de televisie uitgestreden, beheerst.

Enige van de voor de Grieken afschrikwekkendste punten uit het pakket: de Turken, oorspronkelijk 18 procent van de bevolking, behouden 55 procent van de kustlijn. Zij leveren 9 procent van hun in 1974 veroverd territorium van 37 procent in. Circa 70.000 uit Turkije neergestreken "kolonisten' worden in het pakket veelbetekenend "immigranten' genoemd. En aansluiting bij de EG zal alleen kunnen plaatshebben na aparte referenda onder de twee bevolkingsgroepen - met andere woorden 9 procent van de bevolking kan zo'n aansluiting tegenhouden.

In een, nu zeer tegen hem uitgespeelde, brief van 24 november aan Boutros Ghali heeft president (en nu presidentskandidaat) George Vasiliou het pakket aanvaard als “basis voor een oplossing”, maar hij betoogt nu dat hij bedoelde: “basis voor onderhandelingen voor een oplossing”. Voor het eerst immers wordt het recht op vrij verkeer en op terugkeer van vluchtelingen door de Verenigde Naties erkend, en voor het eerst wordt aangedrongen op vertrek van de Turkse troepen - door de nieuwe Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Christopher inmiddels “bezettingstroepen” genoemd. Op korte termijn zou de helft daarvan moeten verdwijnen. Op basis hiervan en van de bijgevoegde landkaart heeft de Turks-Cyprische leider Denktas het pakket totaal onaanvaardbaar genoemd. Van de weeromstuit kan het door ons niet worden verworpen, aldus Vasiliou, al zitten er “nadelen” in.

Zijn voornaamste tegenstander in de verkiezingen, de oude (75-jarige) rot Glafkos Kliridis, wil het pakket niet integraal verwerpen maar beschuldigt Vasiliou ervan, zich er met handen en voeten aan te hebben gebonden. Hij had de onaanvaardbaarheden duidelijk schriftelijk moeten vastleggen, aldus Kliridis. Boutros-Ghali zelf heeft te kennen gegeven dat er nog slechts over “details” kan worden onderhandeld.

Voor het "Front van Strijdbare Krachten' zijn Vasiliou en Kliridis één pot nat. Beiden hebben in het verleden reeds veel te veel concessies gedaan aan de Turken “die het hele eiland willen beheersen”. Paschalidis zal zich na zijn verkiezing in het strijdperk kunnen gooien als een "verse figuur', onbezoedeld door defaitisme, die de VN en de wereldopinie duidelijk zou kunnen maken hoe het Cyprische volk werkelijk over de toestand denkt.

Maar dat volk is slechts in minieme mate naar de demonstratie toegestroomd. Hier in Limassol, geboorteplaats van Kyprianou en grootste havenstad, zijn nog geen 1.000 mensen samengeschoold bij het gebouwtje van de "Democratische Club', en dan nog vrijwel alleen ouderen - de "verdoemde generatie'?

Het is koud, en tijdens deze campagne blijft men liever bij de televisie, waar de volgende dag de drie kandidaten de laatste van drie discussies zullen houden, drie uur lang over het pakket-Boutros-Ghali.

Het is Cyprus onder Vasiliou materieel niet slecht gegaan, maar de president, zelf een geslaagd manager en miljonair, wordt ervan beschuldigd van zijn eiland een tweede Singapore te willen maken, makkelijk dicht bij Turkije waar het goedkope arbeiders vandaan kan halen, behaaglijk ver van het zogenaamde moederland Griekenland. In hoeverre zal dat de komende zondagen aanslaan?

De opiniepeilingen, waaronder dat van Vasilious eigen instituut Kema, lopen waanzinnig uiteen, maar alle voorspellen voor Paschalidis een derde positie, en dat zou betekenen dat hij is uitgeschakeld voor de eindstrijd op 14 februari, tussen de twee succesvolste kandidaten. Vijf jaar geleden werd deze zelfde eindstrijd met enkele duizenden stemmen in het voordeel van Vasiliou beslist, die toen voor velen gold als de "wonderman' begiftigd met het geluk van de beginner.

Rekenkundig gezien moet Kliridis het deze keer winnen. Hij is de leider van de grootste partij, de rechtse Democratische Concentratie, die met enkele kleinere groepen kan rekenen op zo'n 35 procent van de stemmen. Hoewel voor de twee nationalistische partijen na een nederlaag van Paschalidis de aardigheid eraf is, is het onwaarschijnlijk dat hun leiders met hun stemadvies voor 14 februari Vasiliou zullen steunen.

Vasiliou moet het, net als in 1988, bijna geheel hebben van de stemmen van de grote communistische partij Akel (ruim 30 procent) en een daarvan afgescheiden partijtje. Het stemgedrag in Cyprus ligt gewoonlijk behoorlijk vast, maar Vasiliou mag hopen op een bepaalde groep die vindt dat hij zijn land de laatste jaren een sympathiek en redelijk imago heeft gegeven in de, door hem constant bereisde, buitenwereld en vooral op een categorie begunstigden die de laatste vijf jaar tot een soort “instituut” is uitgegroeid en op vijf tot twaalf procent wordt geschat.

Dan is er nog de belangrijke groep van de (180.000) vluchtelingen, die bij de Turkse inval in 1974 naar het zuiden moesten uitwijken. Zullen er onder hen zijn die geloven in Vasilious blijde boodschap dat er eindelijk uitzicht is op terugkeer naar Morphou in het westen en Famagusta in het oosten?

Maar missschien zullen zij juist bitter reageren, omdat er zoveel bureaucratische restricties worden opgeworpen bij die eventuele terugkeer. Misschien zullen zij vatbaar zijn voor Paschalidis' oproep dat alle vluchtelingen met elkaar solidair moeten blijven en niet moeten uiteenvallen in twee categorieën: zij die terug mogen en zij die niet terug mogen. Want een stad als Kerynia, vlak tegenover hun vasteland, zullen de Turken nooit teruggeven.

In de scherpe noordoostpunt van het eiland, die Karpassia heet, wonen nog enkele honderden, meest bejaarde, Grieken, de zogenaamde "gekooiden', die totaal door de nieuwe Turkse bevolking worden overheerst. Volgens het Front staat eventuele terugkerenden volgens Boutros-Ghali's pakket geen beter lot te wachten dan dat zij eveneens "gekooiden' worden.