Witte rook uit Frankfurt

DE VERRASSING IS groter dan de inhoud bij de renteverlaging die de Duitse Bundesbank gisteren aankondigde.

Het is een gebaar van goede wil van de Bundesbank in de richting van binnenlandse en buitenlandse critici die van mening zijn dat het strakke rentebeleid de Duitse economie in een recessie heeft geduwd en de Europese monetaire samenwerking op de rand van de afgrond heeft gebracht. De politieke overweging dat de monetaire eenheid in de EG niet mag verpulveren onder de speculatieve druk van de financiële markten heeft ongetwijfeld meegespeeld bij de besluitvorming in Frankfurt.

Begin deze week zei de president van de Bundesbank, Helmut Schlesinger, nog dat de voortdurende kritiek op het hoge Duitse rentebeleid “het inhoudsloze gebazel van onwetenden” betrof. Deze uitspraak kan niet alleen worden afgedaan als een rookgordijn om de financiële markten enkele dagen later te verrassen met een rentedaling. Het inflatiegevaar is in Duitsland niet geweken. Los van de Duitse historische ervaringen met inflatie en de wettelijke verplichting van de Bundesbank om prioriteit aan prijsstabiliteit te geven, is stabiliteit van de ankermunt in het Europese monetaire stelsel voor alle deelnemende landen van belang. Zoals de hoge Duitse rente nu doorwerkt op de overige EMS-landen, zou een hoge Duitse inflatie dat ook doen. Het nadeel van inflatie is dat deze uiteindelijk met harde hand moet worden bestreden.

De achtergrond voor het ongenaakbare rentebeleid van de Bundesbank is het onvermogen van de regering in Bonn om op een evenwichtige manier de kosten van de Duitse eenwording te verdelen over verschuiving van bestaande uitgaven, hogere belastingen en loonmatiging. Het Solidariteitspact waarover de regering al maanden onderhandelt, is nog steeds niet gesloten. Ook al heeft bondskanselier Kohl als uiterste datum half februari vastgesteld, de Bundesbank heeft nog geen zekerheid dat begrotingsaanpassingen en loonmatiging de druk op het monetaire beleid zullen verminderen.

HET PAKKET van Frankfurt zit technisch vernuftig in elkaar. De verlaging van de officiële rentetarieven brengt deze meer in overeenstemming met het feitelijke renteniveau in de geldmarkt. Bovendien zijn maatregelen genomen om de overvloed van D-marken die ontstaat als de Bundesbank steunaankopen van belaagde munten in het EMS verricht, sneller uit de markt te halen. Het effect is dat de tevreden politieke reacties op de renteversoepeling voornamelijk betrekking hebben op kosmetische maatregelen.

De Bundesbank weet zich wettelijk verzekerd van politieke onafhankelijkheid, in tegenstelling tot een aantal andere centrale banken in de EG die een verlengstuk zijn van het ministerie van financiën. De aangekondigde renteverlaging is evenwel onder een gesternte van politieke druk tot stand gekomen, zowel uit Bonn als uit andere Europese hoofdsteden. Politieke opportuniteit kan ook voor een centrale bank de doorslag geven bij een monetaire beslissing. Want volgehouden starheid zou de olievlek van de monetaire crisis in de EG alleen maar verder verspreiden. Ook voor de Bundesbank is de politieke prijs van ineenstorting van de Europese monetaire samenwerking onaanvaardbaar hoog.