Nieuwe impuls voor ingestorte defensie-industrie; Jeltsin wil wapenexport stimuleren

MOSKOU, 5 FEBR. President Jeltsin wil de Russische defensie-industrie een nieuwe impuls geven door de export van wapens weer voortvarend ter hand te nemen en het valutabeleid te centraliseren. Hij zei dit gisteren in een toespraak tot de ministerraad in Moskou.

“Ik vraag me af of we de conversie van de defensie-industrie wel op de juiste wijze doorvoeren. De wapenhandel zakt namelijk helemaal niet in. De landen die militaire goederen nodig hebben, kopen die nu in het Westen”, aldus Jeltsin.

Ook vice-president Aleksandr Roetskoj heeft zich gisteren tijdens een bezoek aan Nizjni Novgorod in dezelfde bewoordingen uitgelaten. “Ons wapentuig moet verkocht worden aan al die landen die het willen kopen”, aldus Roetskoj. Volgens Roetskoj heeft de nationale Veiligheidsraad, met vertegenwoordigers van de staatsveiligheidsdienst en de krijgsmacht momenteel het belangrijkste bestuurorgaan in Rusland, recent een plan opgesteld om de wapenexport weer op te voeren.

De door Jeltsin en Roetskoj aangekondigde rehabilitatie van het "militair-industrieel complex' past in algemenere kritiek op het economische beleid van de regering. Beiden nam gisteren de gelegenheid te baat om een aantal hervormingsgezinde ministers, die nog uit het vorige kabinet van Jegor Gaidar stammen, frontaal aan te vallen. “In 1992 is er geen enkele hervorming doorgevoerd. Het enige wat is gebeurd, is het ruïneren van de economie en het vernietigen van de agrarische sector”, aldus Roetskoj.

Jeltsin beschuldigde met name ministers van economische zaken en financiën ervan schuldig te zijn aan de hyperinflatie die de laatste twee maanden op gang is gekomen. Zij hebben de groei van overheidskredieten ongecontroleerd haar gang laten gaan, omdat ze niet bereid waren met de nationale bank samen te werken. “Het ministerie van economische zaken heeft zich te veel fouten veroorloofd. Er is een hoop gepraat, maar niets gedaan”, aldus Jeltsin. “Hij heeft zich geen heldere en cijfermatige doelen gesteld en is niet in staat geweest om ook maar één faillissement af te ronden. Er is niet eens een poging gewaagd. Iemand moet daarvoor verantwoordelijk gesteld worden”, betoogde de president.

Het ministerie van buitenlandse handel verweet hij de betrekkingen met Oost-Europa te hebben verwaarloosd. De voormalige satellietstaten uit het Warschaupact oriënteren zich daarom nu te veel op het Westen. “Dat is niet hun beleid maar onze fout”.

Volgens Jeltsin moet nu worden ingegrepen, niet alleen door de wapenexport weer te stroomlijnen, maar ook door een striktere controle op de dollars en andere Westerse valuta die Rusland nu binnenstromen. “Er moet één mechanisme komen voor de verdeling van die valuta”, aldus Jeltsin. Zonder dit idee verder uit te werken suggereerde de president daarmee dat hij het min of meer vrije verkeer van valuta via commerciële banken aan banden wil leggen en ten dele terug wil keren naar het centralistische model uit de oude Sovjet-tijden.

Met zijn toespraak tot de ministerraad nam Jeltsin gisteren niet alleen afstand van zijn eigen kabinet, maar ook van zichzelf. Anderhalve maand geleden pleitte de president juist nog voor een voortzetting van het beleid van zijn toen net afgetreden premier Gaidar (thans adviseur van Jeltsin) en voorspelde hij dat de Russische economie over haar dieptepunt heen was. Nu meent hij uit een ander vat te moeten tappen, zonder overigens zichzelf in zijn kritiek op de regering te betrekken. In Rusland is de leider namelijk niet in eerste instantie verantwoordelijk voor het economisch beleid. Die kastanjes moeten door lagere politici uit het vuur worden gesleept. Als het fout gaat, krijgen zij als eerste de schuld.