Gemser eist meer invloed bij samenstelling ploeg

BERLIJN, 5 JAN. Aan de vooravond van het wereldkampioenschap schaatsen allround voor vrouwen in Berlijn heeft kernploegcoach Henk Gemser een waarschuwingsschot afgevuurd naar alle KNSB-officials die hem volgend seizoen van plan zijn te dwarsbomen. De Fries wil dat zijn stem in het olympische seizoen zwaarder gaat wegen bij de samenstelling van de nationale vrouwenformatie. De rijders voor de grote internationale toernooien worden in de schaatsbond gedeeltelijk aangewezen door de Begeleidings Commissie Kernploegen nadat de coach een advies heeft uitgebracht. Gemser had op het WK met Tonny de Jong aan de start willen verschijnen, maar kreeg de anonieme Tina Huisman mee naar Berlijn. Een dergelijke gang van zaken is voor hem niet meer acceptabel. “Want in het olympische jaar worden er prestaties van mij verwacht.”

Gemser constateert tot zijn verbijstering dat de BCK van voorzitter Ard Schenk er de voorkeur aan gaf Tonny de Jong af te vaardigen naar het WK junioren. Tina Huisman werd aan zijn ploeg toegevoegd om met behulp van haar sterke drie kilometer drie startbewijzen over te houden voor volgend seizoen. Daarvoor moeten er twee rijdsters bij de beste twintig zitten na drie afstanden.

“Wat ik dan niet begrijp is dat Tonny de Jong tijdens het NK afstanden op de drie kilometer als vijfde voor de nummer zes Tina Huisman eindigt. En dat kampioenschap was dit seizoen toch gekozen als meetpunt voor de grote toernooien”, zegt Gemser. “Een seniorenkampioenschap wordt dus ondergeschikt gemaakt aan een titeltoernooi voor junioren. Het was voor mij een ondekkingsreis om met dat gegeven te worden geconfronteerd. De ervaring die een jeugdig talent op een evenement als dit in Berlijn kan opdoen is 26 keer meer waard dan een WK junioren. Ik wilde in mijn eerste jaar als vrouwencoach niet meteen in de gordijnen vliegen of met m'n portefeuille zwaaien. Maar volgend seizoen is het onbespreekbaar als mijn voorwaarden door de BCK worden bijgesteld.”

In de vergaderingen van de BCK stuitte Gemser enerzijds op de belangen van de verbaal sterke juniorencoach Leen Pfrommer en anderzijds op Simon Smit die als voorzitter van de Landelijke Technische Commissie zich eerder sterk maakte om de vrouwenkernploeg op te heffen. Het wegvallen van Ard Schenk als voorzitter, die toch al moeite heeft de zaak in de hand te houden en zich vanaf dit seizoen geheel gaat wijden aan zijn taak als chef de mission van de olympische equipe, kan in het nadeel werken van Gemser. “Vanaf volgend seizoen zal er wellicht sprake zijn van een andere besluitvorming”, aldus de CIOS-leraar.

De vrouwenkernploeg was dit seizoen een duiventil. Aanvankelijk werd Gemser, die tot vijf jaar geleden veel succes oogstte met de mannenkernploeg, opgezadeld met de erfenis van zijn voorganger Arie Koops. Nadat het NK afstanden voor een aanzienlijke herschikking had gezorgd (Van Schie en Voetelink vielen uit de boot, Annamarie Thomas kreeg de ziekte van Pfeiffer), ontstond het probleem dat het grootste talent Barbara de Loor door school niet beschikbaar was voor het WK. Met als gevolg dus, dat Gemser botste met de BCK bij de aanwijzing van een alternatief. “Buitenlandse coaches die mij steeds met andere meiden zien verschijnen vragen me wat er in hemelsnaam met het Nederlandse vrouwenschaatsen aan de hand is. Ik heb het ze nu stuk voor stuk uitgelegd. Ik vind dat de tickets voor de grote internationale toernooien op het ijs verdiend moeten worden. Ik heb een eigen stijl van werken en ben daarin de afgelopen maanden trendsetter geweest. Ik wil niet meer afhankelijk zijn van de gewesten en Jong Oranje.”

Gemser speelt met de gedachte de vrouwenkernploeg volgend seizoen op te splitsen. “In het kader van de specialisatie voor de Spelen zou het verstandig zijn met vier van de zes vrouwen verder te gaan voor de grote allround-toernooien. De twee overigen moeten zich dan concentreren op de lange afstanden van het olympische toernooi in Hamar. Voor deze plekken komen op dit moment in aanmerking: Carla Zijlstra, Tina Huisman en Lia van Schie, die eigenlijk is weggelopen uit de kernploeg nu ze onder de hoede van Jan Wiebe Last traint.”

Tina Huisman moest van de televisie vernemen dat zij was geselecteerd voor het wereldkampioenschap. De bond had nog geen telefoonnummer van de negentienjarige Groningse en kon haar niet op de hoogte stellen. Tina Huisman kreeg het schaatsen thuis vanaf haar vijfde jaar met de paplepel ingegoten. Ze is de kleindochter van Jan Uitham die in 1963 achter Reinier Paping tweede werd in de beruchte Elfstedentocht van dat jaar. Haar moeder vertoefde enige tijd in de Groningse selectie en tante Erna maakte tot voor kort deel uit van het marathonpeloton. Tina Huisman behoorde jaren lang ook tot de nationale shorttrackselectie. Die discipline liet ze vallen, met name omdat de reis van Groningen naar de centrale training Den Haag in de weekeinden haar begon tegen te staan. Ze is een "produkt' van coach Tjaart Eisses die eerder Carla Zijlstra afleverde aan de kernploeg. Daarbij zegt ze zeker zo veel te hebben opgestoken van assistent Gerard Kemkers.

In de hal van het Berlijnse Hohenschönhausen krijgt de neo-senior de opdracht mee een goede drie kilometer te rijden. Daarmee zou Nederland met twee rijders in het eindklassement kunnen eindigen. Dat is een meer dan de schamele vertoning op het EK van twee weken geleden. “Maar als je uitgaat van de tijden in Heerenveen zal ik op de drie kilometer mijn persoonlijke record met zes seconden dienen te verbeteren en 4.30 moeten moeten rijden”, geeft Huisman de kansloze positie van het Nederlandse vrouwenschaatsen nog eens aan.