Bundesbank bezwijkt onder druk

BONN, 5 FEBR. De Duitsers geloven aan God en de Bundesbank, heeft Jacques Delors, voorzitter van de Europese Commissie en daarvoor onder andere minister van financiën in Parijs, ooit gezegd. Over het traditioneel koppige verzet van de onafhankelijke monetaire hogepriesters in Frankfurt tegen politieke druk verzuchtte de vroegere kanselier Helmut Schmidt al: “De Bundesbank is net slagroom, zij wordt harder naarmate je er langer in roert”.

Toch is de Zentralbankrat gisteren bezweken voor de maandenlange binnen- en buitenlandse druk om eindelijk wat aan de hoge Duitse rente te doen. Namelijk om daarmee zowel de speculaties (tegen lire, peseta, pond, franc enz.) in het Europees Monetair Stelsel (EMS) tegen te gaan als de stagnerende Duitse conjunctuur een zetje in de goede richting te geven. De Bundesbank is kennelijk toch niet zó onafhankelijk, riep de Britse minister van financiën gisteren, dankbaar-snierend.

De druk was dan ook formidabel geworden en ook ongewoon openlijk. Dat gold niet alleen voor het buitenland, waar de Bundesbank in Britse kranten vorig najaar enige tijd staatsvijand nummer één was. En waar steeds vaker de vraag opkwam wie Duitsland nu eigenlijk regeert: kanselier Helmut Kohl in Bonn of bankpresident Helmut Schlesinger in Frankfurt. En ook de vraag, annex daaraan, of “achter” de speculaties binnen het EMS anderen (zoals de Bundesbank) niet vrij kalmpjes toezagen hoe de beoogde Europese monetaire eenheid (de EMU van straks) alvast zoveel mogelijk beschadigd raakt.

De Frankfurtse bewakers van de D-mark zijn immers niet zó enthousiast over de EMU en het perspectief dat zij alsdan hun bevoegdheden moeten overdragen aan een Europese centrale bank, zo gingen zulke veronderstellingen verder. Kohl en de Franse president Mitterrand zorgden voor nieuwe schrik door, vorige en deze week, te spreken over een soort samenzwering tegen het EMS. De Franse premier Bérégovoy (op verkiezingspad), eiste vorige week beweging van de Bundesbank én gaf hints dat de anti-EMS-samenzwering wel eens geinspireerd zou kunnen zijn door de angelsaksen in Londen en Washington. Grote onrust, grote buitenlandse druk op Frankfurt dus.

Maar ook in Duitsland zelf maakten bijvoorbeeld Kohl en zijn minister van financien, Theo Waigel (CSU), er nauwelijks meer een geheim van dat zij een snelle Duitse renteverlaging wensten. Waigels staatssecretaris Horst Köhler ging deze begin week nog een stap verder. Namelijk met een openlijk pleidooi voor rentedaling, in een gesprek met het weekblad Der Spiegel. Köhler (49), die binnenkort chef wordt van de Duitse spaarbanken, is jarenlang Kohls internationale “sjerpa” geweest (onderhandelaar ook in de G-7, de groep van grootste industriestaten). Hij geldt nu al als iemand die over een paar jaar wel eens kandidaat-chef voor de Europese centrale bank zou kunnen zijn, iets wat hij tegenover Der Spiegel niet tegensprak.

Köhler kent en deelt de overwegingen van de Bundesbank dat de Duitse inflatie (4 procent in januari), de loonkosten en de overheidstekorten te hoog zijn en de geldhoeveelheid te groot. Hij weet, net als Schlesinger, dat Kohl in zijn gevecht om een Solidariteitspact voor de opbouw van Oost-Duitsland en herstel van de Westduitse economie ondanks alle hartverscheurende publieke ketelmuziek weliswaar gestaag vordert, maar dat nog niemand een idee heeft hoe dat pact er straks zal uitzien. Hij erkent dat de centrale bank dus voor een dilemma staat tussen haar strenge nationale stabiliteitsverplichtingen en haar plicht om als beheerster van de Europese ankermunt iets te doen aan de grote noden en wensen van de EMS-partners. En wel méér dan steunaankopen doen of te verzekeren dat het geen schande is de bedreigde munt zonodig te devalueren, zoals Schlesinger al bij herhaling (en op zichzelf met recht) heeft gezegd.

Köhler gaf Schlesinger maandag al zijn keus aan in dit dilemma: “(..) Wij hebben nu eenmaal de grootste economie in Europa, en wat wij doen, heeft gevolgen voor de anderen. Een ineenstrorting van het EMS zou een grote klap voor Europa zijn. De grotere verantwoordelijkheid van het verenigde Duitsland in de financiële- en geldpolitiek is allang een realiteit waaraan ook de Bundesbank zich niet kan onttrekken”.

Schlesinger, die in verband met het Solidariteitspact vermoedelijk ook onder druk stond van de regionale bankchefs in de Zentralbankrat, is nu een beetje door de bocht gegaan “voor de buitenlandse vrienden”. En dat ofschoon er, zoals hij zelf zei, over de nationale lonen, prijzen, bezuinigingen van de overheden voor 1993, en het Solidariteitspact, nog maar weinig vaststaat, en zeker nog maar weinig dat de Bundesbank bevalt.

Paradoxaal is daarom: 1) dat het buitenland de stap van de Duitse centrale bank koeltjes waardeert als (nog) te klein om de rust op de deviezenmarkten effectief te laten terugkeren terwijl 2) het enthousiasme in de Bondsrepubliek zelf groot is en de rente-verlaging gisteravond zelfs al mede reden was voor het standkomen van een groot “goedkoop” CAO-akkoord (3 procent), namelijk dat voor het overheidspersoneel.