Binnen ligt de rest van mij; Het voorjaar van het ego-document

De CPNB moet zo langzamerhand een van de machtigste instellingen in Nederland zijn.

Bedenkt deze organisatie ter bevordering van de boekverkoop dat de boekenweek in het teken van het reizen zal staan, dan brengen tientallen uitgevers maanden lang stapels reisboeken op de markt. Wordt er opgeroepen boeken uit te geven over de Gordel van Smaragd, dan duiken als bij toverslag overal Indische boeken op en mijmert iedereen over tempo doeloe. En bepaalt de CPNB, zoals nu, dat het thema van de boekenweek het ego-document is, dan worden we plotseling overstroomd door dagboeken, brieven en autobiografieën. Wie afgelopen maandag in de RAI rondliep op de presentatie van de voorjaarsaanbiedingen werd getroffen door de gehoorzaamheid waarmee uitgevend Nederland elk jaar weer de richtlijnen van de branche-organisatie volgt. Er was vrijwel geen uitgever die niet ergens nog een pakje brieven of memoires had liggen dat nu gauw persklaar wordt gemaakt.

Uitgeverij De Arbeiderspers, het geboortehuis van de befaamde serie Privé Domein, zag het natuurlijk als haar plicht om voorop te gaan. Zij komt voor de gelegenheid zelfs met speciale Privé Domein Boekensteunen, twee kleine bustes van Flaubert en Paustovski, vervaardigd door de beeldhouwer Lancelot Samson, die bekend is van het Mulischbeeld in het Letterkundig Museum. In het hele land zijn Privé Domein-avonden aangekondigd, waar de Nederlandse auteurs uit de reeks nog eens extra openheid zullen verschaffen over het persoonlijk lief en leed dat hen bij schrijven van hun werk heeft genspireerd.

Martin Ros, de redacteur van Privé Domein en de man die het particuliere in de literatuur in Nederland zou hebben uitgevonden als het al niet vijf eeuwen had bestaan, zal op deze avonden de hoofdrol hebben. Hij belooft dit voorjaar in iedere geval een niet verhullende blik op zijn eigen privéleven in het boek Liefde en ouderdom.

Misschien krijgt Ros op zijn Privé Domein-avonden nog gezelschap van Gerrit Komrij. Van hem komt over een paar weken het boekje Intimiteiten uit. Hij zal daarin, als we de uitgever mogen geloven, eindelijk het pantser van de ironie afleggen. Een andere gast is wellicht Adriaan Morriën. Hij brengt dit voorjaar als vervolg op het succesvolle Plantage Muidergracht een tweede deel met memoires uit, nu met herinneringen aan zijn vroegere vriend en latere rivaal W.F. Hermans.

Andere uitgevers die zich op de ego-documenten hebben gestort zijn Balans, Querido, Meulenhoff en Prometheus. Bij Balans komt (voormalig Bezige Bij auteur) Martin Bril met De mooiste baby van de hele wereld, een verslag van zijn ervaringen als prille vader, compleet met "spuitluiers en tepelstress'. Bij Querido verschijnt het tweede deel van de schrijnende dagboeken van de dichter Leonard Nolens. Uitgeverij Meulenhoff kondigt van Monika van Paemel Het wedervaren aan, een tekst die volgens de prospectus "doet denken aan een intiem dagboek, maar veel warmer en genereuzer' is. En uitgeverij Prometheus komt in mei met Ten tijde van mijn vader, het lang verwachte vervolg op Ischa Meijers Brief aan mijn moeder.

Veel ego ook bij Contact. "Binnen ligt de rest van mij, met hersenen als koeievlaai en een lichaam van karnemelksap, in de greep van een smerige kwaal die ik zou willen omschrijven als debiliserend en verlangend.' Een citaat uit wat waarschijnlijk de meest opzienbarende uitgave van dit voorjaar zal zijn: Heimwee naar mezelf. Renate Dorrestein beschrijft hierin haar ervaringen met de ziekte myalgische encephalomyelitis. Caroline van Tuyll en Andreas Burnier verzorgden de briefwisseling van de schilderes Sanne Bruinier, de vriendin van Thorn Prikker.

In de categorie brieven zal het hoogtepunt voor velen de eind februari verschijnende correspondentie van Willem Elsschot zijn. Samensteller Vic van de Reijt presenteert hierin op meer dan duizend bladzijden dundruk alle brieven die hij tijdens zijn jarenlange zoektocht door Nederland en Vlaanderen heeft achterhaald. Een andere klassieker in het genre zal Brieven van een aardappeleter zijn. Gerard Reve heeft hierin uit zijn kennelijk nooit geheel leegrakende archief een paar honderd brieven bijeengebracht, gericht aan een bont gezelschap van uitgevers (Geert van Oorschot en Johan Polak), schrijvers (Remco Campert, F. ten Harmsen van Beek en Jac. van Hattem) en andere relaties, zoals de Amsterdamse wethouder van onderwijs, bij wie de volksschrijver in een moment van vertwijfeling solliciteert als leraar Engels. Vermeldenswaard zijn verder de gebundelde brieven die schrijver Sal Santen in 1960 aan zijn vrouw zond, toen hij gevangen zat in het Amsterdamse Huis van Bewaring wegens zijn steun aan de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog, alsmede de briefwisseling tussen Kester Freriks en Geerten Meijsing, uit de tijd dat Meijsing stof verzamelde voor zijn sleutelroman De Grachtengordel.

Op het gebied van de biografie, waaraan de komende boekenweek ook aandacht wil besteden, verschijnt aanmerkelijk minder. Een van de schaarse uitzonderingen in de betrekkelijke woestenij is de biografie van Belle van Zuylen die later deze maand bij Van Oorschot uitkomt. Voor uitgeverij Bas Lubberhuizen onderzocht Igor Cornelissen waarom de biografie in Nederland tot nu toe zo weinig heeft opgeleverd. Hij signaleert onder meer de remmende invloed van het calvinisme en de neerlandistiek. Naast de vele ego-boeken verschijnt er dit voorjaar gelukkig ook weer een grote hoeveelheid romans, dichtbundels en verhalenbundels. Marie Kessels die vorig jaar de Van der Hoogtprijs kreeg voor haar debuutroman Boa, schreef de roman Een sierlijke duik, waarin zij de uitdaging van het naakt poseren voor schilders onderzoekt. Uitgeverij Contact komt met een eerste roman sinds jaren van de Hagenaar Jaap Harten. En Querido kondigt een Indische roman aan van F. Springer, over een Nederlands politicus die tegen het eind van zijn carrière wordt uitgezonden naar zijn geboorteland Indonesië.

Een uitgever die zich zo veel mogelijk afzijdig houdt van de ego-hausse is Van Gennep. Op de tweede bladzijde van de fondslijst wordt trots een roman van Lidy van Marissing aangekondigd, zo ongeveer het absolute tegendeel van de autobiografie. In haar Duizend spiegels figureert iemand die op geen enkel bestaand persoon lijkt. Van Marissing gaat het, zo lezen we, uitsluitend om "woorden, beelden en zinnen'. Karin Spaink die vorig jaar veel succes had met haar autobiografische Het strafbare lichaam komt nu bij Van Gennep, heel opmerkelijk, met verhalen.

Wie zich daadwerkelijk wil verzetten tegen de naderende ego-documenten kan misschien zijn voordeel doen met de Handleiding voor de kleine plagiateur die Bas Lubberhuizen aankondigt in een nieuw te starten Engelbewaarder-reeks. Literair journalist Hans van Straten zal in dit boekje zestig Nederlandse gevallen van literair plagiaat behandelen, en hij zal vele wenken en vingerwijzigingen geven voor iedereen die zijn eigen ik een tijdje ontlopen wil.