Kamer akkoord maar kritisch; Nieuw systeem voor filmkeuring is "onduidelijk'

DEN HAAG, 4 FEBR. De meeste fracties in de Tweede Kamer stemmen in met afschaffing van de filmkeuring, maar zijn het niet eens met de wijze waarop de ministers d'Ancona (WVC) en Hirsch Ballin (justitie) de keuring willen vervangen door een systeem van leeftijdscategorieën voor films, dat door de filmbranche zal worden uitgevoerd.

Het nieuwe systeem moet worden uitgevoerd door de Vereniging van Importeurs en Producenten van beeld- en geluiddragers (NVPI) en de Vereniging voor Cinematografie (NFC). Bioscopen en videotheken zullen zelf gaan bepalen of een film geschikt is voor minderjarigen. Pas als dit nieuwe systeem wettelijk is vastgelegd, op zijn vroegst op 1 januari 1994, verdwijnt de door de overheid uitgevoerde filmkeuring.

De fracties van PvdA, VVD, D66 en Groen Links vinden dat het voorstel van de Hirsch Ballin en d'Ancona te onduidelijkheid is over de verdeling van verantwoordelijkheden bij de nieuwe keuring. Volgens de vier fracties is het ook niet goed dat de bewindslieden de mogelijkheid behouden zelf te bepalen welke films al dan niet geschikt zijn voor minderjarigen. Zij vinden dat de branche zelf een systeem moet opzetten om films en video's te beoordelen, waarover een overeenkomst met de ministers wordt gesloten. Een soort raad van toezicht zou vervolgens moeten controleren of de branche zich aan die afspraak houdt. d'Ancona en Hirsch Ballin vinden juist dat regels en criteria waarop de indeling in leeftijdscategorieën berust, door een raad van toezicht moeten worden opgesteld. In dat geval is er geen sprake meer van zelfregulering, aldus het Tweede-Kamerlid Van Nieuwenhoven (PvdA).

Het Tweede-Kamerlid Van der Heijden (CDA) pleitte ervoor de Nederlandse Filmkeuring niet op te heffen maar uit te breiden met deskundigen uit de film- en bioscoopbranche. Ook GPV en SGP wijzen opheffing af. De indeling naar leeftijdscategorieën aan het bedrijfsleven is volgens Van Middelkoop (GPV) hetzelfde als de slager de Warenwet laten uitvoeren. “Dat doe je toch ook niet?” Bij de beoordeling van films zou volgens Van der Heijden naast bestaande criteria ook moeten worden gekeken of er normloos gedrag in voorkomt, of er minachting voor mensen aan de dag wordt gelegd, of democratische spelregels verworpen worden en of de makers op racisme kunnen worden betrapt.

Kamerbreed werd de notitie die de bewindslieden over afschaffing van de filmkeuring naar de Kamer hadden gestuurd als rommelig omschreven. “Misschien moeten we zulke rapporten voortaan maar gewoon terugsturen”, aldus Lankhorst (Groen Links). De meeste fracties willen pas een definitief oordeel over een andere wijze van filmkeuring vellen als de bewindslieden een wetsvoorstel naar de Kamer hebben gestuurd. Een ander systeem kan pas worden ingevoerd als de huidige filmkeuring uit de Wet op de Filmvertoningen is geschrapt. Om de plannen niet uit de pas te laten lopen met de werkelijkheid, adviseerde Lankhorst de bewindslieden “eens bij kinderen te rade te gaan” zodra het wetsvoorstel klaar is. “Want als de werkelijkheid een gans andere is, zijn we hier volstrekt zinloos bezig”, verzuchtte hij.