Het ging al mis in de voorhof van het EMS

Economie is oorlog met andere middelen. Pogingen om economieën, zeg markten, aaneen te smeden, behoren tot hetzelfde verraderlijke werkterrein als waar Vance en Owen actief zijn: peacekeeping. Wat wel het Europese eenwordingsproces wordt genoemd herinnert aan een bestand dat van tijd tot tijd door oplaaiende gevechten wordt onderbroken. Wanneer partijen zich opmaken om een duurzaam vredesverdrag te ratificeren, blijkt het risico van hervatting van de strijd, conform de wereld van de echte oorlog, het grootst.

Het dak op de tempel van de Europese economische eenheid had de Europese Economische en Monetaire Unie moeten worden, maar het is al misgegaan in de voorhof van het Europese Monetaire Systeem. De munten werden weliswaar op elkaar afgestemd, maar het economische en monetaire beleid van de staten afzonderlijk bleef in het teken staan van "het hemd is nader dan de rok' en "na ons de zondvloed'. Dat leidde in een aantal landen tot voortgaande inflatie zonder dat de voorheen gebruikelijke devaluaties konden worden toegepast. Aan een reisje naar Italië of Spanje had ook de economisch ongeletterde genoeg om zich op eigen kracht van de tekortkomingen van het EMS op de hoogte te stellen. Zo bezien kwam de speculatie die het stelsel zou opblazen zelfs nog laat op gang - vorig najaar. Het passieve publiek mocht, zoals wel vaker, de rekening betalen.

Het onderlinge wantrouwen bleek vlak onder de oppervlakte te liggen en wie zich afvroeg waarom al die inspanningen om Europese eenheid tot stand te brengen toch nodig waren, zag een glimp van rauwe emoties die gewoonlijk achter het blanketsel van de Europese omgangsvormen verborgen blijven.

Volgens zeggen: het pond viel omdat de Duitsers de problemen van de eenwording afwentelden op hun partners, de Franse franc hield stand dank zij de discriminerende protectie van Frankfurt en Bonn, afweer van de speculatie mislukte omdat een hoge Franse ambtenaar de communicatie tussen Duitsers en Britten bewust had verstoord, Britten, Italianen en Spanjaarden waren in de problemen geraakt door ongegeneerd potverteren, dan wel omdat de rijke landen hun beloften niet waren nagekomen en, in koor, het Europese stelsel was toch al ondermijnd door de lage dollar.

Het deze week getoonde onderlinge misnoegen lijkt niet meer dan een oprisping van wat een paar maanden geleden is gezegd en geschreven. Maar de herhaling versterkt de inslag. Na de val van het punt afgelopen weekeinde beschuldigde de Ierse minister van buitenlandse zaken publiekelijk de grote landen van Europa van egocentrisch handelen. De hoge Duitse rente was de oorzaak van, een recente Britse renteverlaging de aanleiding tot de Ierse devaluatie en bovendien had de centrale bank in Frankfurt het punt niet de steun gegeven die de franc steeds weer werd geboden. Gerekend naar de stand van zaken in Ierland zelf had de munt haar waarde kunnen behouden.

Maar de spanning werd pas echt voelbaar toen kanselier Kohl eergisteren in het Europese parlement sprak van krachten die erop uit waren het Europese streven naar een munt te "torpederen' door tegen afzonderlijke munten te speculeren. De Parijse correspondenten van International Herald Tribune speculeerden op hun beurt dat Kohls uitval een echo vormde van beschuldigingen vorige maand geuit door de Franse premier Bérégovoy volgens wie de Verenigde Staten, gesteund door Groot-Brittannië, verantwoordelijk waren voor de onrust op de valutamarkten. Amerika zou vrezen dat een Europese munt de dollar zou onttronen en Amerika's economische macht zou ondermijnen. Kohl had geantwoord op een vraag over Duitse verantwoordelijkheid voor de Europese economische moeilijkheden.

Vermoedelijk naderen we het einde van een tijdperk dat met het sluiten van het Amerikaanse goudloket door president Nixon in 1971 was begonnen en dat zelf weer was gevolgd op het universeel bedoelde, en door de VS beheerste economische en monetaire systeem van Bretton Woods.

De stap van Nixon was in wezen een maatregel van zelfbescherming, de verzwakte Amerikaanse economie kon het leiderschap niet meer aan. Maar vele jaren lang is met enig succes geprobeerd een zekere mate van internationale, nauwkeuriger: Atlantische solidariteit te bewaren al was het om de tegenstander in de Koude Oorlog op afstand te houden. Nu die er niet meer is, vallen de sluiers en staan open conflicten op uitbreken waar belangentegenstellingen te groot zijn geworden.

Het gaat er onder deze omstandigheden niet om wat historisch onderzoek zou kunnen opleveren over de ware gang van zaken rondom de implosie van het EMS. (Dan zou wel eens kunnen blijken dat de gekozen weg naar de EMU per definitie onbegaanbaar was in een tijd waarin kapitaalbewegingen internationaal onbelemmerd en omvangrijk zijn). Maar van belang is wat leidende politici zonder de geschiedenis van hun tijd te kennen menen te weten en te begrijpen. En volgens hun uitlatingen gokken zij op elkaars kwade wil. En dat is bedenkelijker dan een Deense afwijzing.

De strijdenden (her)groeperen zich waarbij de uiteindelijke slagordes zich nog slechts laten raden. De Duitse kanselier in ieder geval is niet zover gegaan de door hem gewraakte partijen ook te benoemen. Maar wel kan al worden gezegd wat de uitkomst zal bepalen: de mogelijkheid of onmogelijkheid de verbinding tussen mark en franc in stand te houden. Zolang die twee munten bijeen blijven, is de kern aanwezig waarop een Europese valuta en daarmee een Europese Unie kan worden gebouwd. Valt de franc weg dan rest een beperkte zone rondom de mark die dan zijn waarde als Europese ijkmunt kan behouden, maar die niet als fundament kan dienen voor een Europees financieel gebouw. Althans, tegen een herhaling van de Duitse monetaire eenwording op Europese schaal zullen bezwaren worden ingebracht.

Gedurende haar gehele bestaan heeft de Europese Gemeenschap geleefd vanuit de overtuiging dat de Europese eenwording onomkeerbaar was. Inmiddels is met die overtuiging afgerekend: zie de concessies aan Britten en Denen en de voortwoekerende turbulentie op de valutamarkten. Dat is voor de Gemeenschap en de lidstaten een nieuwe ervaring en iets geheel anders dan de perioden van Eurosclerose uit het communautaire verleden. In het heersende klimaat van economische stagnatie zijn de kwade kansen markant aanwezig. De scherpe uitvallen over en weer onderstrepen dat.