Champagne in Bosnië, de Britse regimenten mogen toch blijven

LONDEN, 4 FEBR. De Cheshires, de Staffordshires, de Royal Scots en de King's Own Scottish Borderers hebben gewonnen: zij blijven als zelfstandige regimenten bestaan. Een campagne van meer dan een jaar, discrete pressie van leden van het Koninklijk Huis, maar vooral de activiteiten van het Britse leger in Bosnië hebben de Britse regering gisteren tot een verrassende ommekeer in beleid gebracht. Minister van defensie Malcolm Rifkind kondigde in het Lagerhuis aan dat de sterkte van de landmacht met 3.000 man minder wordt gekort dan eerder was aangekondigd.

Terwijl de commandant van het Cheshire-regiment, op dit moment belast met het verlenen van assistentie aan humanitaire inspanningen van de VN in Bosnië, uit het oorlogsgebied liet weten dat “hier de laatste champagne die we kunnen vinden, vanavond opengaat”, zetten luchtmacht en marine zich al schrap voor de gevolgen van de beslissing voor hun onderdelen. Het behoud van 3.000 extra landmachtroepen betekent dat Rifkind 80 miljoen pond elders in zijn begroting moet bezuinigen: tanks worden mogelijk niet vervangen, gevechtsvliegtuigen mogelijk niet besteld en in Schotland wordt de Rosyth marinebasis met sluiting bedreigd.

De ommekeer in defensiebeleid is volgens Rifkind een “kleine maar verstandige aanpassing”, maar volgens critici een doorzichtige poging om de wind uit de zeilen te nemen van de Lagerhuiscommissie voor defensie. Die zal naar verwacht volgende week oproepen tot het ongedaan maken van alle aangekondigde bezuinigingen, omdat zij vreest dat het Britse leger “ernstig overbelast” is. Vorige week al zei Douglas Hurd, de Britse minister van buitenlandse zaken, in een toespraak tot Groot-Brittannië's bondgenoten in de wereld dat “wij niet alles kunnen doen, wij niet overal tegelijk kunnen zijn” en hij waarschuwde dat Groot-Brittannië militair en diplomatiek onderbemand geacht moet worden voor alle taken die het land nu al vervult.

Volgens een bezuinigingsplan uit 1990 zou de landmacht moeten worden teruggebracht van 156.000 naar 116.000. Dat wordt nu 119.000. Tevens zullen een verdere 2.000 militairen, nu nog werkzaam in een ondersteunende rol, worden ingezet voor parate dienst. Op die manier moet worden voorkomen dat de parate bataljons bezwijken onder toegenomen verplichtingen in vooral Noord-Ierland en voormalig Joegoslavië. Nu al is de Lagerhuiscommissie voor defensie door legervertegenwoordigers gewaarschuwd dat aanvaarding van het Owen-Vance-vredesplan voor het gebied de Britse inzet van 2.400 militairen mogelijk zou opvoeren tot een niet te leveren 6.500 man.