Kamer steunt kabinetsvoorstel voor euthanasie

DEN HAAG, 3 FEBR. De twee regeringsfracties, CDA en PvdA, steunen het kabinetsvoorstel dat de euthanasie regelt. Dit bleek gisteren tijdens een debat in de Tweede Kamer.

Het wetsvoorstel verankert een meldingsprocedure van actieve levensbeëindiging door artsen, al dan niet op verzoek van de patiënt. Dat gebeurt in een algemene maatregel van bestuur bij de Wet op de Lijkverzorging. In beginsel blijven euthanasie, hulp bij zelfdoding en levensbeëindiging zonder verzoek strafbaar. Wanneer artsen echter bij euthanasie en hulp bij zelfdoding de vereiste zorgvuldigheidsvereisten in acht nemen, zullen zij niet worden vervolgd. In feite wordt daarmee volgens de oppositie euthanasie gelegaliseerd. CDA-woordvoerder Van der Burg hield gisteravond echter staande dat “van legalisering van euthanasie en hulp bij zelfdoding in Nederland geen sprake is”.

Minister Hirsch Ballin (justitie) onderstreepte dat in gevallen van levensbeëindiging zonder uitdrukkelijk verzoek van de patiënt het openbaar ministerie tot vervolging zal overgaan. Daarbij geldt echter ook het zogeheten subsidiariteitsbeginsel waaruit voortvloeit dat niet alle gevallen worden vervolgd.

De oppositiepartijen VVD, D66 en Groen Links verwierpen het kabinetsvoorstel onder meer omdat zij vrezen dat levensbeëindiging zonder uitdrukkelijke toestemming van de patiënt in de praktijk als legaal zal worden ervaren. De kleine christelijke partijen GPV, SGP en RPF wijzen beide voorstellen af omdat zij van mening zijn dat mensen geen zeggenschap hebben over leven en dood.

Pag.3: Oppostie houdt vast aan eigen wet

Hirsch Ballin onderstreepte herhaaldelijk dat de meldingsprocedure juist ook moet gelden voor levensbeeindiging zonder verzoek, om ook die gevallen te kunnen controleren.

De fracties van VVD, D66 en Groen Links steunen een initiatief-voorstel van D66 waarin het onderscheid tussen doding op en zonder verzoek wel wordt gemaakt. Euthanasie _ dus levensbeeindiging op uitdrukkelijk verzoek van een patient _ wordt in het voorstel van D66 gelegaliseerd als artsen voldoen aan een aantal zorgvuldigheidseisen. Levensbeeindiging zonder verzoek van de patient, omdat deze daar niet (meer) toe in staat is, blijft onverkort strafbaar.

D66-woordvoerder Wolffensperger betoogde dat de veranderde rechtsovertuiging, namelijk de mening dat euthanasie onder strikte voorwaarden toegestaan moet zijn, in de strafwet moet worden vastgelegd. Hij noemde het wetsvoorstel van de regering op dit punt “een halfslachtig politiek compromis”. Het kabinet vertoont volgens hem “vluchtgedrag”. “Erkend wordt dat de tijd rijp is voor wetgeving. Maar omdat het kabinet niet in staat of bereid is de gegroeide maatschappelijke overtuiging in materiele wetsnormen vast te leggen vlucht het in de procedure: slechts een meldingsregeling wordt gecodificeerd.”

PvdA-woordvoerder Swildens verklaarde in het eerste gedeelte van het debat waarom haar fractie zich heeft afgewend van het initiatief-voorstel van D66. In het verleden waren de sociaal-democraten daar wel voorstander van. Volgens Swildens is de invoering, in 1990, van de meldingsregeling voor euthanasie en het sindsdien bestaande “eenduidige vervolgingsbeleid” met betrekking tot euthanasie en hulp bij zelfdoding, van doorslaggevend belang. In de praktijk is euthanasie daarmee gelegaliseerd.

Het VVD-Kamerlid Dees uitte scherpe kritiek op de onwil van het kabinet om gebruik te maken van “de overeenstemming en consensus, zoals die de afgelopen twintig jaar is gegroeid” tussen fracties in de Kamer. “Hernieuwde suggesties van de oppositie worden op een welhaast triomfantelijke manier afgedaan met het argument dat een brede Kamermeerderheid, overigens slechts bestaande uit CDA en PvdA, daar niets voor voelt”, aldus Dees Over de definitieve vormgeving van de meldingsprocedure zullen Hirsch Ballin en staatssecretaris Simons (volksgezondheid) nog overleggen met de artsenorganisatie KNMG. Hirsch Ballin zei niet uit te sluiten dat de meldingsprocedure voor gevallen van levensbeeindiging zonder verzoek er iets anders komt uit te zien dan voor gevallen van euthanasie.